God Jar

Het idee kwam zomaar uit het niets, aan het eind van een dromenrijke middagdut. Van de Grote Hemelwijs een God Jar maken. Ik heb er nog steeds geen mooi Nederlands woord voor gevonden, Godpot heeft het toch niet helemaal, Gebedspot vind ik te zwaar voor de losse flodders die erin gaan … ideeën zijn welkom!

Maar waar het om gaat, daar heb ik al eens over geschreven.
Een container, een vat, een dingetje, in dit geval een Hemelwijs, om je zorgen in te stoppen als je ze in je eentje niet kunt dragen.
Laat het maar weten als ik er eentje voor jou moet maken. Hij kost €19,95 (incl. verzendkosten).

Geplaatst in heldinne's vlangers | Getagged , | 4 Reacties

vlangers en collages

Het gaat nog niet zo goed met Yima, de pauze duurt langer dan voorzien. Gezondheidsperikelen, schilders over de vloer met herrie en bouwvakkersradio … Ik vertrouw erop dat het weer goedkomt, en intussen vindt de creativiteit haar uitweg in collage.

Ik heb twee verjaardagsvlangers gemaakt. Die kun je hier bekijken (nrs 27 en 29). Ik kan een Vlanger in opdracht maken, is weer eens iets originelers dan een verjaarskaart!

Tussen de Vlangers door maak ik wat grotere collages (A3-formaat) zodat ik ook weer eens nieuw werk kan plaatsen op WerkAanDeMuur.
Ik vind het altijd zo leuk als ze erop staan en je verschillende boven-de-bank-foto's krijgt.


Ik schreef in de nieuwsbrief over de collage waarbij ik er niet uitkwam welke afbeelding ik moest kiezen: het meisje of de vazen?
Ik gooide het in de groep, op Facebook, Twitter en Mastodon. Er tekende zich al gauw een overwinning voor het meisje af. Maar het maakte mijn keus niet makkelijker. Tot opeens iemand te berde bracht of het niet mogelijk was beide afbeeldingen te gebruiken? Ze te laten samenvloeien?
Kijk, dat was mogelijkheid drie. Daar kon ik wat mee.

En via de cirkels kwam ik als vanzelf uit bij een gedicht van Joy Harjo:
Her instinct was to build in circles
When asked a question.
She might lose the beginning
And then the ending.
She might have the start of a painting
Or a poem
But no easy yes or no response
.

Geplaatst in creatief, heldinne's vlangers | Getagged | 2 Reacties

opeens kunnen dingen helder worden

Ik schreef al eerder over de Twintig Facetten, hoe lastig hij zich laat fotograferen en hoe ongeschikt hij was voor Tyvek.
Deze keer heb ik hem gemaakt van paars karton (160 g/m2), beplakt met paars papier en paarsige gelliprints, en daarop nog weer collage: kleine plaatjes die ik vond passen bij de tekst. En dan tot slot lichtpaars borduurgaren en paarse kraaltjes.

Het in elkaar zetten blijft een kriem, altijd is er weer dat laatste flapje waarop je geen tegendruk kunt uitoefenen. Wel bedacht ik inmiddels dat een gewoon mes uit de bestekla zich goed leent voor tegendruk op de één- en twee na laatste flapjes. Dat werd helder na een middagje googelen op nagelvijl, smalle metalen liniaal en wat dies meer zij.

Deze Vlanger is te koop voor €16,95 (inclusief verzendkosten).

Geplaatst in heldinne's vlangers | Getagged | Een reactie plaatsen

Vlanger in opdracht!

De eerste Vlanger in opdracht is een feit. Een grote Hemelwijs, om precies te zijn. Iets met de honden en de omgeving, en welke kleur? Blauw? Kleuren van de vlag?
Ik ging eerst aan de slag met die vlag. Primaire kleuren, ik had ze niet eens in mijn verfcollectie! Dus zo'n klein setje Amsterdam besteld, en aan de slag met de gelli plate. Het resultaat was best aardig maar eigenlijk houd ik gewoon niet van primaire kleuren. Ik had het erover met kindeke en die zei meteen: "Ze hebben daar toch ook van die mooie tegeltjes?" (Zij is al jaren op zoek naar getegelte voor in de keuken.)
Kijk, daar kon ik wel iets mee. Tegeltjes gegoogeld en afgedrukt op deli paper.

Nu die honden nog, en het landschap. Ik knutselde in photoshop een langgerekte landschapsfoto voor de onderste vijfhoeken. Voor de punten zocht ik hondjes en baasje en wat fruitoogst. Met het filter ink outlines maakte ik het wat schilderachtiger allemaal.
Nu nog een tekst …
Het werd Thuis is waar de honden zijn, in de taal van het land (leve Google translate). En de vlagkleuren komen nog terug in het ophangtouwtje.
Nu maar hopen dat baasje er blij mee is!

Geplaatst in heldinne's vlangers | Getagged | Een reactie plaatsen

Brandbrief opheffen coronamaatregelen

initiatief van Ginny Mooy op Mastodon en Twitter

Beste Twitteraars, Facebookies, Mastodonten, Bloggers …

Graag wil ik jullie vragen deze brandbrief met mij te versturen naar de Minister van VWS, de Leden van de Tweede Kamer, de Nationale Ombudsman en het College voor de Rechten van de Mens om kabinet én kamer aan te spreken op hun verantwoordelijkheid de volksgezondheid te bevorderen.
Het kabinet heeft alle coronamaatregelen opgeheven. Dat is in strijd met de grondwettelijke verplichting epidemieën te bestrijden. De Minister van VWS gaat niet over de economie, maar over het bevorderen van de volksgezondheid, in het bijzonder van kwetsbare groepen.

• Nationale Ombudsman: formulier
• College voor de Rechten van de Mens: formulier
• Leden van de Tweede Kamer: formulier
• Ministerie van VWS: via Faccebook, Twitter, LinkedIn.

'Kwetsbaren zijn altijd kwetsbaar' is niet alleen een pijnlijke, maar ook een discriminerende uitspraak. Voor hen in het bijzonder zijn rechten vastgelegd om in situaties zoals deze te voorkomen dat zij uitgesloten worden van de maatschappij.

Verstuur deze brandbrief alsjeblieft. Met dit besluit staan grote groepen mensen buiten de samenleving. De brief is hier te lezen en te downloaden.

Hij staat ook op mijn blog.

Geplaatst in tijdgeest | Getagged | 3 Reacties

ballen en piramides

Ik kwam het gedicht Go inside a stone tegen en dacht meteen: welke Vlangervorm past daarbij? Uhm … geen enkele? Kon ik er geen papieren steen van maken, een bal als het ware? Op zoek naar een template dus, en ik vond er eentje met kleine plakflapjes die mooi om en om op elkaar aansloten. Het gedicht had ik uitgeprint op het template, met een extra laag 'steen' er tussenin. De partjes (denk sinaasappel) er tussenin beplakte ik met afbeeldingen uit het fossielenboek.
Het uitknippen was een heel naar werkje. Het plakken ging redelijk, tot ik toe was aan de laatste. Ik heb een uur lang vanalles geprobeerd maar het lukte me niet. Doordat je (ik) met je worstenvingertjes geen tegendruk kunt geven aan de binnenkant (wat zelfs niet lukte met een lange stopnaald) krijg je het geval niet aanelkaar geplakt.
Boos was ik. Gefrustreerd. Het moest anders! Niet diezelfde dag nog, maar wel meteen de volgende dag. Nieuwe flapjes, en aan de buitenkant plakken. Dat lukte! Ik kon weer tevreden zijn over mezelf. Maar zo'n balvlanger is denk ik niet voor herhaling vatbaar.

Go inside a stone
That would be my way.
Let somebody else become a dove
Or gnash with a tiger’s tooth.
I am happy to be a stone.

From the outside the stone is a riddle:
No one knows how to answer it.
Yet within, it must be cool and quiet
Even though a cow steps on it full weight,
Even though a child throws it in the river;
The stone sinks, slow, unperturbed
To the river bottom
Where the fishes come to knock on it
And listen.

I have seen sparks fly out
When two stones are rubbed,
So perhaps it is not dark inside after all;
Perhaps there is a moon shining
From somewhere, as though behind a hill –
Just enough light to make out
The strange writings, the star-charts
On the inner walls.

Charles Simic


Het volgende project was een roze Dubbele Piramide. Die veroorzaakte gelukkig minder problemen. Roze-met-blauwe gelliprints erop, plaatjes uit schilderijen van Klee, zinvolle woorden uit de Happinez (het leven van alledag - tijdloze wijsheid en schoonheid), oudroze borduurgaren met bijpassende kralen (met een drup nagellak aan het eind, met dank aan Ferrara), en klaar!

Geplaatst in creatief, heldinne's vlangers | Getagged | 2 Reacties

leeservaringsverhaal


Ik verwijl al een tijdje in Koning Arthur land. Het begon met de Mists of Avalon - of nee, het begon met de tv-serie Merlin! - nu zit ik in de Arthurian Saga van Mary Stewart (5 delen) die ik wel ooit heb gelezen maar waar ik me niets meer van herinner, en een paar dagen geleden ben ik begonnen in The Once and Future King van T.H. White. Nooit gelezen, terwijl ik me nog zo goed herinner hoe enorm enthousiast een studiegenoot erover vertelde, in dat ene jaar dat ik Engels studeerde.

Deze liefde is al ontzettend oud, hij begon destijds met Tristan en Isolde, en Parcival.
Verder heb ik nog een mooie (verkorte) uitgave van Sir Thomas Malory (the Romance of King Arthur and His Knights of the Round Table), met illustraties van Arthur Rackham (al gekocht in 1978). Ook de schilderijen van de pre-rafaëlieten wakkerden de liefde aan.

Toen ik White op Goodreads zette, ried iemand mij H is for Hawk van Helen MacDonald aan, omdat zij zich had laten inspireren door een ander boek van T.H. White: The Goshawk. Daar was ik jaren gelden al eens in begonnen, maar toen was het kennelijk niet het goede moment. Nu laat ik me meevoeren en geniet.
Tussen al dit feestgedruis door had ik ook nog behoefte aan een simpel thrillertje. Het werd The Drowning Hour van S. K. Tremayne. Daarin komt een hond voor die Greedyguts heet. En die naam komt ook weer voor bij White, de hond van de heks Madam Mim heet zo.

Intussen kwam ik een mooie lijst tegen met andere boeken(series) over King Arthur, dus ik kan nog een hele tijd vooruit. En moet ik eigenlijk niet beginnen met Geoffrey of Monmouth? Nee, laat me beginnen met The Complete King Arthur, een enorm interessante studie naar wie Koning Arthur was, of hij überhaupt echt heeft bestaan, en wat erover hem is geschreven.
Het is toch zo druk in mijn hoofd!

Geplaatst in lezen | 6 Reacties

351 – wassen en eten

Dat was blijkbaar voldoende verklaring. Ik mocht als eerste met zo'n dampende emmer naar de koepel die de wasgelegenheid was. Er lag zeep! Eindelijk weer schoon zijn, dat bleef toch iets wonderbaarlijks. De mannen zullen wel commentaar gehad hebben op de eeuwigheid die het duurde voor ik weer tevoorschijn kwam, maar het kon me niet schelen. Ik waste mijn lichaam, mijn haar, mijn kleren. Toen ik eindelijk naar buiten kwam, spoedden Puciva, Thiarck en Askeva zich naar binnen.

Rodward keek me aan. "Was het een schok?"
Hij doelde natuurlijk op Thiarchia. Ik besefte dat het me nu niet meer schokte, zeker niet na de gebeurtenissen op Morck. Maar toen wel. Die tombe, het geluid van schedels die erin gegooid werden … Ik knikte.
"Was het een dochter?"
Nee, schudde ik. "Een vriendin." Vulema. Haar munt.

Toen de mannen ook schoon waren, nam Rodward ons mee naar een andere koepel, waar blijkbaar al op onze komst gerekend was. Een grote ronde tafel was voor zes man gedekt. Rodward nam nu zelf ook maar plaats en vroeg de dienares die met schotels vol eten kwam aanlopen om naast mij te gaan zitten.

Terwijl we ons tegoed deden, vroeg Rodward: "Wie is er nu tombewaker?"
"Iemand uit Barra," zei Thiarck met volle mond.
"Vertrouwd?"
"Een verzetter," zei Thiarck.
Dat zegt op zich niets, dacht ik.
"Zijn naam?"
Had ik het zien aankomen?
"Koyova," zei Thiarck.

Puciva zag dat ik schrok. Ik probeerde verder niets te laten merken, maar Hemren, wat was ik moe. Zouden we nu eerst mogen slapen? De mannen hoefden toch pas bij donker op weg?
Maar Puciva nam het woord. "Ik wil iets vragen," zei hij. "Ik ben nooit meegeweest, ik heb geen idee … behalve dat ik de botten heb gezien. En de spulletjes. Niemand mag erover praten …"
"Niemand kan erover praten," verbeterde Thiarck. "Niemand heeft iets gezien."

TOT ZOVER ...
Ik merk dat ik weer even pauze nodig heb. We naderen de Rots, dat wordt een van de sleutelscènes in het verhaal, en ik moet het nog beter doordenken om te zorgen dat het blijft kloppen allemaal. Ik verwacht dat het niet lang gaat duren, een paar weken misschien. Maar de druk moet er weer even af.

Geplaatst in feuilleton | Getagged | 3 Reacties

Elif Shafak – Island of Missing Trees

Het had zo'n aangrijpend verhaal kunnen zijn. Als je het navertelt klinkt het ook zo. Je reinste Romeo en Julia, maar dan op Cyprus: een liefdesgeschiedenis tussen een Griekse jongen en een Turks meisje. Hoe ze elkaar vonden, verloren, weer vonden en welke invloed hun dramatische geschiedenis zou hebben op het leven van hun dochter, terwijl ze haar juist met opzet niets hadden verteld over haar afkomst, zodat ze als een gewoon Engels meisje in Londen zou opgroeien.

Er zijn legio mensen die zo kunnen lezen: zelf bedenken hoe erg het allemaal is, en dwars door het struikelgewas van de tekst meeleven en genieten. Is het beroepsdeformatie dat ik dat niet kan? Is het een soort boze frustratie ook, dat er nu geen enkele redacteur is opgestaan die heeft gezegd: mooi verhaal, wanneer ga je het opschrijven?

Het begint al bij het clunky Engels. "Her dark lashes brushing her cheek, Ada blinked." (p60)
"Pouring away the remaining coffee, he washed the mug." (p61)
"‘Listen, why don’t you make the tea? The teapot is ready, just add water. Okay?’" (vader tegen 16-jarige dochter, p68)
"She threw her head back." (p82)
"the smells and sounds inside the premises intensified" (p94, in het Nederlands heeft de vertaler er 'eetzaal' van gemaakt, maar er staat dus gewoon 'in het pand')
"Her hand trembling, she visited a video-sharing network." (p100)
"Clad in brown corduroy trousers, a linen shirt and a navy sports jacket, his dark, wavy hair tousled by the wind, his eyes scanned the port intently." (p193)

Dan is er de Vijgenboom die om het andere hoofdstuk als verteller optreedt. Op zich een leuke vondst, waar ik niets op tegen zou hebben, ware het niet dat boomlief vooral een oneindige hoeveelheid wikipediafeitjes debiteert. Over bomen, over vogels, over insecten, maar ook over geschiedenis en beroemde mensen … Allemaal reuze interessant maar het enige wat Shafak ermee bereikt is dat ze enorme omgevallen boekenkasten opwerpt tussen de lezer en het verhaal. Kijk mij eens veel opgezocht hebben!

Ook de plot rammelt. Het verhaal begint met Ada, die op school, in de klas, opeens een enorme kreet slaakt, waar ze niet meer mee kan stoppen, ze schreeuwt en schreeuwt, het is verschrikkelijk, en natuurlijk is het gefilmd en gaat het viraal en schaamt ze zich dood.
Aan het eind van de rit, na de kerstvakantie, gaat ze gewoon weer naar school en is er niets aan de hand. Dus dat was niet de story question.

Onderweg op Cyprus wordt Kostas in elkaar geramd omdat hij gevangen zangvogeltjes bevrijdt, hij heeft kapotte ribben en vergaat van de pijn, maar kan de volgende dag weer gewoon met Defne een berg beklimmen. (p277) Dan heb je je toch niet werkelijk ingeleefd in je personage.

De belangrijkste story question is wat er gebeurd is met de twee mannen die de taveerne runden waar Kostas en Defne elkaar in het geheim ontmoetten. Defne werkt intussen als forensisch archeoloog die slachtoffers van de burgeroorlog op Cyprus opgraaft.
Uiteindelijk krijgen we het antwoord. Via de Vijgenboom, die het op haar beurt weer gehoord heeft van een bij, en die eerst een enorme infodump over bijen spuit. Eerder kwamen we ook al een ander droevig geheim over Defne te weten via de Vijgenboom.
Is de auteur bang voor grote scènes, of wat is dit?

Onze leeswijzer begint met een opsomming van alle studies die Shafak heeft gevolgd en de belangrijke functies die ze heeft vervuld. Maar dat maakt iemand nog geen goede auteur. Ik vraag me voor de zoveelste keer af: zijn er dan helemaal geen redacteuren meer?

Geplaatst in recensies | Getagged , | 1 reactie

350 – verwelkomd door Rodward

Het strand werd begrensd door een rotsmuur, precies zoals de hele noordkust van Blyntera. Langs een in de rotsen uitgehakte trap daalde de hoofdman van Rowerda naar ons af. Rodward. Ik kon nog niet weten dat hij het was maar hij straalde het uit, en ook dat hij als hoofdman van Rowerda nog boven Thiarck stond, al groetten ze elkaar vriendschappelijk.

"Jullie zijn laat," zei Rodward. Hij keek vriendelijk maar onderzoekend ons haveloze groepje langs. Askeva moest hij wel kennen van eerdere expedities, en Thiarck stelde haastig Puciva en mij aan hem voor. Gingen we hier nu het hele verhaal vertellen? Ik wilde eten, wassen, slapen. Ik wilde het zó erg dat de uil het opving. Hij spreidde zijn vleugels en steeg op naar het plateau. Kuuksi sprong op het zand en rende naar de trap.

Het werkte, Rodward draaide zich om en wij volgden hem naar boven. Puciva liep achter me, ik voelde hoe hij de draagzak ondersteunde. De banden sneden door de natte stof van mijn tuniek en mantel in mijn schouders.

Rowerda leek van hetzelfde gesteente - roze, glad, dooraderd, als de palm van een oude hand - als dat van MancuKondalu. Het gesteente waar het beeld van de Goede Vader van gemaakt was. Al voelde het anders om er overheen te lopen, niet zo hard. Maar destijds in MancuKondalu was het ijskoud geweest, ik zag me nog voorover buigen met Wasijma, om te voelen aan het eerste ijs dat we in ons leven gezien en aangeraakt hadden.

Hier was het niet koud. Het terrein steeg en het gesteente begon te lijken op dikke borrelende soep, bubbels en koepels en luchtbellen van steen, ik dacht aan de zaal in het hoofd van de Goede Vader, waren dit hier de onderkomens op Rowerda?
Ergens midden tussen al die bulten steeg stoom op. Een warmwaterbron. Er stonden houten emmers langs de rand.

Rodward keek naar mij en zei tegen Thiarck: "We krijgen hier niet vaak vrouwen."
"Zij komt van Thiarchia," antwoordde hij.

Geplaatst in feuilleton | Getagged | Een reactie plaatsen