Het blijft lastig hoor, ziek zijn. Na bijna twee jaar mag het wel chronisch ziek heten. En om de waarheid te zeggen wordt het eerder slechter dan beter.
Natuurlijk blijf ik wild tekeer gaan op social media – op de meeste dagen het enige "sociale" wat ik meemaak.
Er zijn dagen waarop ik iets energieker uit de middagdut ontwaak, en de kans te baat neem om naar een museum, of even naar de stad. Foto's op Facebook, joepi! Ik doe weer even echt mee aan het leven.
"Kom je volgende keer even gezellig langs?" vragen mensen. Want zo gaat dat, normaal. Dan combineer je dingen: museumbezoek, nu je er toch bent even naar die speciale winkel daar, en tot slot gezellg koffiedrinken of zelfs eten met mensen die daar wonen.
Ik moet het precies uitmeten. Als ik langer dan een uur op de tentoonstelling zoekbreng, ben ik nauwelijks nog in staat om veilig naar huis te rijden. (Gelukkig weet de auto de weg, zo ver van huis ga ik tenslotte niet. Zwolle is nog niet gelukt.)
Soms is er iets in het vooruitzicht dat zo leuk is dat ik er alles aan doe om mee te kunnen doen. Vooral energie sparen, vantevoren.
"Nee, je moet juist sporten, daar krijg je energie van!"
Ja, voor normale mensen geldt dat. Ik krijg nergens energie van, ik moet het doen met de energie die mij wordt toebedeeld, en kiezen waar ik het aan besteed. Leesclub, concert, bloggersbijeenkomst … Flink slapen vantevoren, en de rest van de week niets plannen. Het sporten overslaan. Ik heb het er graag voor over. (En dan nog lukt het niet altijd.)
Alleen altijd maar weer uitleggen dat mijn aanwezigheid niet betekent dat ik opgeknapt ben, dat zal wel nooit wennen. Ik had het zelf ook zo graag anders gezien.
opgeknapt
go ask alice
Destijds vonden ze dat ik op haar leek, op het meisje van de voorplaat van Het Onkruid en de Bloem. Ik kreeg het van mijn vader, december 1972. Het was een boek met gigantisch veel invloed. Er waren op school best wel mensen die drugs gebruikten, een jongen is zelfs in een inrichting beland en later overleden, en we werden aan alle kanten voorgelicht over de gevaren. Dit boek heeft mij zeker bang gemaakt voor alles wat met drugs te maken had/heeft. Ik weet nog dat ik in de KEI-week (Groningen, 1976) in een kroeg terechtkwam waar de wietlucht te snijden was, en echt een noodlot-gevoel kreeg. Every junkie's like a setting sun …
Wat is er sindsdien eigenlijk veranderd dat blowen heel gewoon is, onder scholieren en onder studenten, iets voor in 't weekend, niets om bang voor te zijn. Ik moet mijn eerste waterpijp met kindeke nog roken.
Tonke Dragt
Oh? En waar is Torenhoog en Mijlen Breed? Ik zal kindeke eens even vragen. De Zevensprong heb ik gewonnen in 1969, voorleeswedstrijd Heerenveen 1e prijs! heeft paps er vol trots voorin gezet. Ik kwam in de krant, "Hella Kuipers naar Utrecht."
Wat was het een heerlijk boek, De Zevensprong, zo'n raadselachtig en mooi verhaal, zo mooi uitgegeven ook. Torenhoog en Mijlen Breed was net zo'n fijn, dik boek, ik herinner me vooral dat ze op die warme planeet kleren van katoen moesten dragen omdat die intact bleven. En de planeetbewoners die gedachten konden lezen.
Voorin de Torens van Februari zit een Sinterklaasgedichtje in het handschrift van mijn moeder. 1973, vermoed ik. Pasgeleden plaatste iemand een foto op een Facebookpagina over Heerenveen, met de grote torenflats erop die De Drie Gebroeders werden genoemd (gebouwd in 1972). En meteen schreef ik eronder: de torens van februari. Ze deden me er destijds ook al aan denken. Van het verhaal herinner ik me niet zoveel meer, maar wel de onheilspellende sfeer rondom de flats. Later is er nog een vervolg op gekomen.
Lachen!
Wat moesten we destijds vreselijk lachen om Adriaan en Olivier (voorin staat een datum in 1972). Hele zinsneden kenden we uit ons hoofd. Zoals "… en draaide achteloos het stuur drie keer rond" en "met de eenvoudige doch stemmige kantoorjurk losjes geworpen om de gevulde schouders van de Venus van Milo op mijn bureau" en "Adriaans voeten hebben zoiets schaamteloos naakts."
Het is om dat lachen dat ik dit pocketje bewaar. F3,25 kostte het destijds en waar het verhaal over ging kan ik me met geen mogelijkheid meer herinneren.
(En ik zie nu op wikipedia dat Leonhard Huizinga een zoon was van de grote Huizinga. Het kan verkeren.)
roswitha
Ach, ik schreef al eerder over Roswitha. Hoe zij mijn middeleeuwenliefde aanwakkerde. Al besef ik wel dat het een soort negentiende-eeuwse middeleeuwen zijn, Neuschwansteinmiddeleeuwen, alles hoofs en prachtig.
Het is een afgeschreven exemplaar, door de Openbare Leeszaal Heerenveen ooit aangeschaft in 1962, zonder romantische stofomslag en van illustraties geen spoor, zouden die eruit gescheurd zijn? Maar eens overwegen om een nieuwe te kopen, er staan er nog genoeg op Boekwinkeltjes.
nog meer liefdesboeken
Mijn laatste meisjesboekenfavoriet is Hans de Groot-Canté. Haar Zuster Britta-boeken heb ik links laten liggen, maar de andere titels spraken me altijd erg aan. Haar hoofdpersonen zijn vrijgevochten jonge vrouwen, haar boeken spelen niet in rustige villawijken zoals die van Leni Saris, maar op heel diverse plekken in Nederland, van de Drentse hei tot de Maasvlakte. Mijn favoriet is natuurlijk Swaentje (dat was ook de eerste), en ook Jenny is prachtig. Verder weet ik alleen nog van Dusty en Fokje waar ze spelen, de rest is wat vager. Maar ik doe ze niet weg, vanwege het levensgevoel dat zoveel gezonder is dan bij Saris. Jammer dat er behalve een korte levensbeschrijving niets over haar te vinden is online, ik zou wel een lijst met al haar boeken willen zien! Eens even op twitter proberen.
(toevoeging 16/11) Domme biepjuf! Kan natuurlijk gewoon bij de KB kijken!
liefdesboeken
Eens op mijn Weg was het eerste liefdesboek dat ik zelf kocht, bij Binnert Overdiep op de Dracht in Heerenveen. De boekwinkel is er nog, en Leni Saris is ook een blijvertje. Al dacht ik wel, bij het ter hand nemen van al die witte raafjes, er zijn er maar een paar die ik nog af en toe herlees. Deze, en ook de trilogie waarvan ik deel 2 (En Zo Begon Het) 't mooist vind.
Ik heb alles van haar gelezen, toen ik op de biep werkte las ik elke nieuwe titel, maar zo langzamerhand konden ze me steeds minder bekoren. Leni ging met haar tijd mee, voegde onhandig allerlei thrillerachtige elementen toe … nee.
Leni Saris gaat over Echte Liefde en bijzondere mensen die organist zijn, of fotograaf, of ballerina, en die leven in een wereld waarin de minirok nog maar net is uitgevonden, en zeker niet door het hoofdpersoontje wordt gedragen. Zij kleedt zich altijd smaakvol, en heeft met haar prachtige lange wimpers geen spoortje make-up nodig.
donkere dagen
Ze zijn wel erg oud en bruin, deze Toppen Naeff. En somber ook, ze deden me wel denken aan Washington Square van Henry James. Omdat ik de afgelopen dagen zo huilerig was, heb ik nu het gevoel: weg ermee! Wat moet ik met die somberheid? Nee, Schoolidyllen houd ik natuurlijk. Maar die andere twee: ik heb ze een keer gelezen en daarna niet weer. Ze sparken geen joy, niet zoals al die andere oude meisjesboeken die ik heb. Ze maken eerder bang, voor de donkere dagen.
Daar zeg ik wat. Hoog tijd voor de daglichtlamp!
R.I.P. Leonard Cohen
Ergens in de berging ligt een doosje met daarin hoogstens tien elpees. Welke er precies inzitten weet ik niet meer. Op een gegeven moment gaven we de draaitafel op, en brachten we de elpees naar de kringloop. De paar die ik bewaarde waren fysieke herinneringen aan … aan mijzelf, denk ik.
Ik weet zeker dat mijn beide Leonard Cohen elpees erin ztten: Songs of Leonard Cohen, en Songs from a Room.
Vooral die laatste was belangrijk. Het was een van de allereerste elpees die ik überhaupt had, en ik kocht hem in 1973 in Canada, van het geld dat ik bij de paardenraces had gewonnen. (Ik realiseerde me geloof ik niet eens dat hij een Canadees was.)
Songs from a Room was kouder en naakter dan Songs of. De hoes was kil en grijs, met onduidelijke, betonnige foto's op de achterkant, van die kamer. Ik wist nog maar zo weinig, ik verstond nog maar zo weinig, het is wonderlijk hoe liedteksten gedurende je leven openbloeien en steeds andere bloemen blijken.
Ik zet de muziek aan en ben terug in mijn kamer thuis, waar ik mijzelf kon zijn met muziek erbij, ik weet nog precies de volgorde van de nummers. Ik ben terug in mijn studentenkamer in Groningen, niet eens zover hier vandaan, het huis staat er nog. Daar waar de angst om alleen in het leven te staan te groot werd.
Nu ben ik hier, en het valt mee. I have tried in my way to be free.
Alleen zijn de gaten dieper als ze geslagen worden, en ze helen ook niet meer zo goed.
Maar de dankbaarheid is groter.


blanke schaapjes
Ik ben in shock.
Een naar lichamelijk gevoel dat het midden houdt tussen buikgriep en het uit alle macht tegenhouden van een hysterische huilbui.
En toch: het was te verwachten. Het volk beweegt zich als een dier, als een kudde op zoek naar een herder. En of die herder nu onze lieve heer zelf is, of een gek met gekleurd haar, het maakt niet uit.
Macht erotiseert.
Psychopathie erotiseert.
Ik ben net zo in shock over het feit dat "Judas" de eerste dag meteen uitverkocht is. Voxpopjes op tv: "het lijkt me gewoon heel spannend."
Ik was net zo in shock over het feit dat mijn ouders – blank, opgeleid, beschaafd (zou je denken) – zich opeens achter Pim schaarden, want Pim zei immers waar het op stond.
De ander de waarheid laten bepalen betekent: zelf niet meer hoeven zoeken. De vermoeiende verantwoordelijkheid overdragen. Ergens bij horen. Je verwoord weten. Daar willen mensen kennelijk best andere mensen aan opofferen. Hele bevolkingsgroepen zelfs, want wat is er heerlijker dan te weten dat je zelf bij de goede kudde hoort. Dat jij de slachting zeker zult overleven omdat jouw schapenvachtje de gewenste kleur heeft.
De rest schreeuwt zich schor in de woestijn.







