Door het lezen van het onderzoeksrapport "Reading Literary Fiction Improves Theory of Mind" ga ik de wereld alvast niet beter begrijpen, zoveel is zeker. Maar dat het lezen van goede boeken bijdraagt aan begrip voor de medemens, dat geloof ik wel.
Of dat dan per se literatuur moet zijn? Betekent dat dan dat alle lager geletterden van dit toegenomen begrip verstoken blijven? Wat een onzin zeg. Een met liefde en eerlijkheid geschreven streekroman over een boerenzoon met een bepaalde handicap kan toch net zo goed begrip kweken?
Ik geloof wel dat mensen die nooit fictie lezen, niet geïnteresseerd zijn in menselijke drijfveren. Ze zijn alleen geïnteresseerd in de "feiten" die non-fictie hen presenteert. Literatuur is "maar" verzonnen en "dus" leer je daar niets van.
Terwijl een goede roman hele maatschappijen kan veranderen. Ik haal de Negerhut van oom Tom er maar weer eens bij. En de hele psychologie, die tegenwoordig zo graag puur wetenschappelijk wil zijn, vindt in feite zijn wortels in romans als die van Dostojewski. Goede fictieschrijvers zijn hun tijd ver vooruit, voelen tijdgeesten aan nog voor ze er zijn (denk aan 1984). Fictie brengt niet alleen meer begrip voor de medemens, maar voor alles, eigenlijk. Waarom zou je iets wat we al lang wisten zo nodig 'wetenschappelijk' moeten bewijzen? Omdat het anders niet waar is? Leuk thema voor een roman!
dit naar aanleiding van 50books vraag 39


















