wil ik een bibliotheek?

Zolangzamerhand krijg ik zelf een beetje genoeg van deze stukjes (gelukkig ben ik er ook bijna doorheen). Hier alweer zo'n boek dat sinds de jaren '80 trouw met mij meegereisd is. Natuurlijk is het van Berenson en alleen daarom al de moeite waard om te houden. Als ik tenminste als doel had om een kunsthistorische bibliotheek te bezitten. Zo'n Renaissance-ideaal, in mijn kasteel omringd door wetenschap. Of zo'n Hogere Klasse-ideaal, een bibliotheek bezitten met een haardvuur en gemakkelijke fauteuils, en je daar terugtrekken van het gepeupel. Hoewel ik me vaak afvraag wat dergelijke bibliotheekbezitters werkelijk lazen van al die complete series. I'd like five yards of books. What color, please?
Anyway.
Deze Berenson mag weg. Denk dat ik hem eerst nog even op Marktplaats zet.

Geplaatst in autobiobibliografie, kunst | Getagged | Een reactie plaatsen

bewaarderij 2

Ik ben nog steeds niet door m'n studieboeken heen. Blijf het moeilijk vinden, wat ik ermee moet doen. Film Theory and Criticism is van hetzelfde college als Geschichte des Films, maar dan een verzameling geleerde essays van kunst- en filmhistorici en filosofen over het fenomeen film vanaf het begin tot halverwege de jaren zeventig. Ik weet zeker dat ik het nooit zal herlezen, het was wel heel duur, f54,50 maar liefst, en het staat al zo lang geleerd te zijn in de kast. Weer eentje voor de afdeling snob? Laten zien hoeveel ik weet? Wat ik nu nog weet over film is toch genoeg? En dan mag Geschichte des Films alsnog weg ook. Bewaar ik alleen dat Nederlandse dictaat.
Zou deze nog iets opbrengen op Marktplaats?

Geplaatst in autobiobibliografie, kunst | Getagged | Een reactie plaatsen

schokkend

Naomi Alderman krijgt een manuscript van ene Neil Adam Armon, dat volgens het begeleidend schrijven het meest plausibele narratief is, afgaande op de archeologische vondsten. Hij heeft er een roman van gemaakt om ook de gewone mensen aan te spreken.
En het geschiedde in die dagen … Opeens kregen vrouwen ter hoogte van hun sleutelbeen een soort zenuwbundel die hen in staat stelde via hun handen elektrische schokken toe te dienen. Het begon met pubermeiden, en zij konden het bij oudere vrouwen 'wakker maken.' Later blijkt dat een en ander mogelijk veroorzaakt is door een antigifgasmedicijn uit WOII.
Al gauw komt de macht die altijd als vanzelfsprekend bij mannen had gelegen, in handen van vrouwen.

The Power draait om vier hoofdpersonen: het misbruikte Amerikaanse pleegkind Allie, die haar pleegvader vermoordt (Allie wordt al snel Mother Eve, een soort pausin van de nieuwe religie die niet de Zoon maar de Moeder centraal stelt); de Britse boevendochter Roxy die wraak wil op de moordenaars van haar moeder; burgemeester Margot die liefst president wil worden, en Tunde, een ambitieuze journalist uit Nigeria, die alles wil vastleggen en de hele wereld over reist om te zien wat de vrouwelijke machthebbers ervan bakken.
Niet veel goeds: de hoofdstuktitels geven het al aan. Ten years to go. Nine years to go. Eight … Can't be more than seven months left … Tussen de hoofdstukken door illustraties van archeologische artefacten met datering en vindplaats.

Wat het boek bijzonder maakt, is hoe alles wordt omgedraaid. Meteen al in het begin schrijft Naomi aan Neil "I think I'd rather enjoy this 'world run by men' you've been talking about. Surely a kinder, more caring world than the one we live in."
Al snel moeten jongens met aparte schoolbussen reizen omdat het anders te gevaarlijk is. Er worden kampen ingericht voor meisjes om ze te leren goed met The Power om te gaan (en om ze te drillen voor het leger).

In het begin lijkt het boek meer op een science fiction roman waarin een einde wordt gemaakt aan het patriarchaat, maar langzamerhand verandert het in een thriller, die zijn culminatie vindt in de Balkan-regio. The cataclysm, zoals het in het boek heet. Het is een boek dat je – mij – enorm aan het denken zet over vastgeroeste ideeën met betrekking tot mannen en vrouwen. In dit boek maakt het niet uit wie de macht heeft: macht corrumpeert en leidt tot verwoesting. Er komen een paar verschrikkelijke scènes in voor die – omgekeerd – uit voormalig Joegoslavië of Rwanda hadden kunnen komen.

Het boek is met veel vaart en spanning geschreven, het is ook heel plausibel wat er allemaal gebeurt. Dat het toch geen vijf sterren krijgt (zoals andere dystopieën als die van Michel Faber of Emily St. John Mandel) ligt er voor mij aan dat het te veel personages bevat, waardoor het moeilijk wordt om je aan iemand te hechten. Ik vond Tunde het meest sympathieke personage, hij is iemand van wie je hoopt dat hij zal overleven. Ook Roxy is krachtig en gelaagd, wat zij moet doormaken op het gebied van loyaliteit en vertrouwen is echt verschrikkelijk. De anderen blijven wat bordkartonniger, waardoor het verhaal aan diepgang verliest.
Maar al met al is het een aanrader, een boek dat tot nadenken stemt.
Aan het eind vraagt Naomi aan Neil: "Have you considered publishing this book under a woman's name?"

Geplaatst in recensies | Getagged , | 2 Reacties

pesten, narcisme, Trump, vliegende aapjes

Er kwam weer een aantal zaken samen de afgelopen dagen. Eens kijken of ik er op papier wél een coherent verhaal van kan maken. Allereerst somde Ronald Giphart bij De NieuwsBV de belangrijkste kenmerken van narcisme op, voor wie er nog aan twijfelde of Trump een narcist is.
(zie afbeelding)

Er kwam een steengoed artikel voorbij waarin Sara Benincasa de vergelijking trok tussen mensen die Trump het voordeel van de twijfel willen geven, en eerst maar eens willen afwachten hoe hij zal regeren, en degenen die in feite collaborateurs zijn bij geestelijk misbruik. (In narcisme-kringen staan ze bekend als de Flying Monkeys, de medestanders van de narcist.)

Toen zag ik een artikel waarin Melania (blink twice if you need help) een ordinaire golddigger genoemd werd. Hoezeer we op tv ook hadden kunnen zien hoe ze totaal genegeerd wordt door haar echtgenoot, het is eigen schuld dikke bult, had ze maar niet met hem moeten trouwen.
Dus: een man behandelt zijn vrouw als een stuk huisvuil maar het is háár schuld.

Vanmorgen zag ik op twitter een aantal verontwaardigde tweets en een link naar een artikel over hoe bij pesten – anders dan bij geweldsmisdrijven – de aandacht altijd uitgaat naar het slachtoffer. Die had weerbaarder moeten zijn, die had terug moeten slaan. (Meisjes in korte rokjes vrágen erom. Vrouwen die mishandeld worden hadden maar weg moeten gaan.)

En ik dacht aan mijn eigen ervaringen met invalidation. Aan mensen die zeggen dat de narcist er niks aan kan doen, nee, die vindt het zelf ook heel erg, hij heeft zelfs een zelfmoordpoging gedaan. Poging is hier the operative word. Alles voor de aandacht.

Het is blijkbaar gevaarlijk om je aan de kant van het slachtoffer te scharen. In de eerste plaats moet je dan erkennen dat het kwaad bestaat. Je kunt niet langer je roze blinddoek omhouden en volhouden dat de mens van nature goed is. Je moet het kwaad onder ogen zien. Ook in jezelf.
In de tweede plaats (niet qua rangorde, maar zo kwam het bij mij op) is het misschien een instinctieve reactie. Het is veiliger aan de kant van de macht dan van de onmacht.
Als je dat onder je gutmenschmom kunt doen, des te beter!

Hoe kan Melania voor Donald gevallen zijn? Natuurlijk speelden materialistische overwegingen mee. Een oost-europees model ziet een super-ingang in Amerika. Maar wat deed hij? Zijn toenmalige liefje aan de kant kieperen en haar met huid en haar tot zich nemen. Het beroemde love-bombing waar narcisten zo goed in zijn.
Ik heb het zien gebeuren bij een buurvrouw. Net op zichzelf na een gruwelijke scheiding, huisje helemaal naar eigen smaak ingericht, krijgt ze een relatie met iemand die ze aan de telefoon kreeg bij een callcenter. Ik heb de man een keer ontmoet en de nardar sloeg meteen op tilt. Hij was bot en lelijk. Ze heeft al haar mooie spulletjes verkocht en is bij hem ingetrokken. Na een jaar kwam ze terug, berooid. Nu woont ze bij haar moeder.

Niemand weet hoe de narcist iemand verblindt. Maar de loyaliteit moet altijd uitgaan naar het slachtoffer. Er hebben geen twee schuld, net zomin als bij pesten er twee schuld hebben.
Het allerbelangrijkst is om de (potentiële) slachtoffers voor te lichten. Om op de een of andere manier de Trump- en Wildersstemmers te laten inzien dat ze verblind zijn, en hoe dat werkt.
En om het altijd altijd weer luidop te zeggen.

The Only Thing Necessary for the Triumph of Evil is that Good Men Do Nothing.

Geplaatst in tijdgeest | Getagged | 10 Reacties

depressiegala

Ik had het speciaal in de agenda gezet: depressiegala kijken! Ik was benieuwd hoe ze het zouden aanpakken, en wat ik ervan mee zou nemen.
Nou, dit.
Depressie is een hersenziekte. Je hébt depressie, net zoals je reuma hebt. Je bent niet je depressie. Mensen met depressie kunnen jong en mooi zijn, en erover vertellen op teevee.
Ze vertellen dat ze depressie hebben, en dat ze zich schamen, of dat niemand het begrijpt.
We weten allemaal dat Anita Witzier (presentatrice van dienst) reuma heeft, reuze naar, vertel mij wat. Maar zolang we haar alleen mooi en slank en stralend op teevee zien, hebben we geen idee wat het betekent.
Zo maakte het depressiegala ook op geen enkele manier inzichtelijk of invoelbaar wat het betekent om depressief te zijn.

Oja, dat eerst maar even. Hoezo héb je een depressie maar ben je niet je depressie? Als je depressief bent, beïnvloedt dat toch je hele wezen? Het kleurt je kijk op het leven, je visie op jezelf, kortom … alles wat jou jou maakt.
Depressie is geen hersenziekte, depressie is een spirituele aandoening.
Wat zeg je nu weer, Hella. Moeten ze soms allemaal in de Here geraken?
Nou, dat is niet eens zo raar gedacht. Het woord enthousiasme komt van het Griekse en theos – in god – zijn. Wie depressief is, heeft alle enthousiasme verloren. De zin van het bestaan is verdwenen, er is alleen nog een rij van grijze, doelloze dagen, en een brij van grijze, rondcirkelende gedachten.

Op de een of andere manier heeft het idee in je postgevat – een stramme soldaat, speer naast zich – dat je niets waard bent. Zo'n idee kan ontstaan door je naaste omgeving (are you depressed or are you simply surrounded by assholes?), door maatschappelijke normen (alleen de 'hardwerkende Nederlander' verdient een plaats in de samenleving), door onoverkomelijke problemen (ziekte, financiën), of door hooggespannen verwachtingen van de buitenwacht. Deze omgevingsfactoren dwingen iemand zijn zelfbeeld of zijn leven bij te stellen, of maken iemand boos, en dat is zo angstwekkend, dat hij liever het gevoel uitschakelt. Maar één gevoel (angst, woede) uitschakelen is onmogelijk. Dan schakel je alles uit. En de - terechte - woede richt zich tegen jezelf.

Depressie komt niet door gebrek aan een stofje in de hersenen. Koffie wordt niet bitter wegens gebrek aan suiker. Depressie is wel een ziekte, maar geen mechanisch mankement dat je met een pilletje kunt verhelpen. Depressie is een zingevingsziekte. Dat zoveel jongeren eraan lijden zegt iets over de maatschappij waarin zij opgroeien, over de normen die door politici en "opiniemakers" worden uitgedragen.
Een gala organiseren waarin zij in mooie kleren vertellen hoe erg het is, schept alleen maar verwarring. En legt weer een norm op: wie depressief is kan heus nog wel functioneren en heeft heus nog wel zin om iets anders aan te trekken dan een grijs joggingpak.

Geplaatst in autobio, tijdgeest | Getagged | 11 Reacties

kleurrijk

Toen ik aan Days without End begon, had ik geen idee dat ik al eerder iets van Sebastian Barry gelezen had. Tot de achternaam van de hoofdpersoon viel: McNulty. Ik zoeken op mijn blog: nix. Op de computer … ja! Een recensie voor Literair Nederland van De Tijdelijke Gentleman. Ik was er enthousiast over en had eigenlijk maar één aanmerking: "Er is niets in Jacks leven of opleiding wat doet vermoeden dat hij regelmatig Cicero leest, en toch zegt hij ‘ik voelde me zoals Cicero zich misschien voelde …’ "

In Days without End is het Thomas McNulty die terugkijkt op zijn tijd in het leger, en de jaren daarvoor toen hij arm als een kerkrat met nauwelijks een draad aan zijn lijf vanuit Ierland naar Amerika reisde (zijn ouders en zusje gestorven van honger), en een verblijf in de fever sheds – waar immigranten met typhus werden ondergebracht – op wonderbaarlijke wijze overleefde.
Hij is een levendige verteller, zijn Engels is ongeschoold maar kleurrijk en doorleefd, en hij is zelf ook uitermate kleurrijk. Een goed soldaat die tegelijk homo en travestiet is, en zijn grote liefde vindt in John Cole.
Wat me vanaf het begin een beetje ergert, is dat we niet weten waar, en waarom, en voor wie, Thomas zijn verhaal vertelt. Het is boeiend genoeg, er gebeuren de spannendste dingen en hij geeft een prachtig beeld van het leven van een soldaat in de tijd van de Amerikaanse burgeroorlog. But what's the point?

Er komen steeds klassiek-literaire personages in zijn verslag, zodat ik denk: hij gaat nog studeren op zijn oude dag. Medusa, die man van die windmolens, Caesar, Socrates, Zeus … No way dat een man zonder scholing daarvan gehoord heeft.
Het zijn dagen zonder einde waar verslag van gedaan wordt, er wordt een onvergetelijk beeld geschapen van een periode uit de geschiedenis, in die zin deed het me wel denken aan Butcher's Crossing, in de gebeurtenissen rondom de Indianen aan De Overgave, en in die kleurrijke scènes waarin de heren zich verkleden voor de show aan John Irving (weet zo niet welk boek). Ik heb het met plezier gelezen, en het en-toen-en-toen-karakter van het verhaal past goed bij de titel. Ik miste tijdens het lezen alleen een soort van ankering.

Geplaatst in recensies | Getagged , | 4 Reacties

gotiek

Ik schreef al eerder over die mooie boekwinkel in Inverness, waar ik Berenson gekocht had.
Ook The Gothic Image van Émile Mâle heb ik daar op de kop getikt voor vier pond. Ik moet tot mijn schande bekennen dat ik het nooit gelezen heb. Het was een belangrijke titel, een van de eerste boeken waarin Middeleeuwse kunst serieus behandeld werd (het is uit 1910, de vertaling uit 1913). Als ik er nu in om blader, denk ik nog steeds: dat moet ik lezen, het is een boek dat me zal verrijken en optillen. Maar er stáát al zoveel op het lijstje …
In elk geval heeft het boek nog niets verloren van de magie waarom ik het kocht, nu alweer minstens 20 jaar geleden.

Geplaatst in autobiobibliografie, kunst | Getagged | Een reactie plaatsen

fotografie

Ik geloof wel dat we dit boekje voor de studie moesten kopen, maar ik zie nergens aan dat ik erop gestudeerd heb. Geen onderstrepingen, zelfs het ruggetje is niet geknakt. En ik heb immers al een prachtig boek over de geschiedenis van de fotografie.
Ik voel aan het stroeve papier en vraag me af of dit zich leent voor image transfer. Mee naar het knutselkamertje, jij!

Geplaatst in autobiobibliografie, kunst | Getagged | Een reactie plaatsen

oude kunst

Alweer zulke prachtige kunstpockets. Ik geloof dat zulke boeken tegenwoordig niet meer uitgegeven worden, zo goed van tekst en zwaar van afbeeldingen. Ja, plaatwerken, die zie je nog wel eens bij De Slegte. Ohnee. Dat ook niet meer.
Ze zijn uit de jaren zestig, deze Meulenhoffjes, maar ik heb ze gekocht tijdens de studie. Omdat er van alle behandelde kunstwerken wel een plaatje in stond. Qua schoonheid deed de Gotische schilderkunst me het meest (net als de beeldhouwkunst uit die tijd). We hebben geleerd: het is effectbejag. Of nee, het is aansluiten bij wat gewone mensen voelen bij de bijbelse verhalen. Niet meer de mystiek en het aanwezig-stellen van de Byzantijnse en Romaanse kunst, maar het laten mee-voelen, mee-beleven. Het opwekken van emoties. Bij mij is het in elk geval gelukt.

Geplaatst in autobiobibliografie, kunst | Getagged | Een reactie plaatsen

een middeleeuws boekje

Een stokoud Spectrum-pocketje, De Glans der Middeleeuwen. Ik dacht eigenlijk dat dit de vertaling was van Pour en Finir avec le Moyen-Âge (1977), en dat Afrekenen met de Middeleeuwen de titel van een latere Nederlandse uitgave was.
Maar nu zie ik dat dit de vertaling is van een veel ouder boekje van Pernoud, Lumière du Moyen-Âge, uit 1944. Mijn fantasie slaat dan meteen op hol. Een jonge wetenschapster die in de oorlog aan de slag gaat met de duistere Middeleeuwen, die afrekent met de negentiende-eeuwse Middeleeuwen die tot dan toe opgeld hadden gedaan, niet in de laatste plaats onder de bezielende leiding van Violet le Duc die wij natuurlijk Violet Ludiek noemden.
Het was Afrekenen met de Middeleeuwen (pas uitgebracht in 1981) dat bij mij die fascinatie deed ontstaan, voor die tijd die de mooiste en mystiekste kunst voorbracht, nog ongeremd door verlichte, wetenschappelijke benaderingen. Ik zal nooit vergeten hoe lelijk ik de Dom van Florence vond. Hoe kil, koud, mij buitensluitend.
Deze pocket heb ik vermoedelijk aangeschaft omdat de naam Pernoud er op stond, en de inhoud heeft me nu niks nieuws meer te vertellen. Maar de wereld erachter is zo groot, dat ik hem wel bewaren moet.

Geplaatst in autobiobibliografie, kunst | Getagged | Een reactie plaatsen