wat is kunstgeschiedenis?

What is Art History? Achteraf wel bijzonder, zo'n boek bij je studie. Zouden wiskundigen dat ook krijgen? What is Mathematics? Misschien wel een boekje over de geschiedenis van het vakgebied, maar vast niet zo'n uitgebreide … rechtvaardiging, zou je haast zeggen. Want kunst is uiteindelijk natuurlijk vrij nutteloos, dus waarom zou je je er zo uitputtend mee bezighouden? Gewoon kijken en iets mooi of lelijk vinden is toch wel genoeg?
Ik speel advocaat van de duivel natuurlijk. Ik kan me bijna niets belangrijkers voorstellen dan het bestuderen van het mooiste wat de mensheid heeft voortgebracht. Omdat dat toch enige is wat nog hoop biedt in een boze wereld waar juist – en niet voor niets! - het mooiste wordt vernietigd. En dan denk ik niet alleen aan Palmyra, dan denk ik ook aan het dédain waarmee huidige regeerderen over kunst praten. Iets van de elite dus bah.
Blijft over de vraag of ik dit boek nog nodig heb. Het antwoord is nee. Maar ik herinner me nog zo goed de verrukkingen van het studeren, van de tijd dat alles nog nieuw was voor mij, dat het toch bij me hoort.
Wat is kunstgeschiedenis? De studie van wat mensen beweegt om het mooiste te maken waartoe ze in staat zijn. De drijfveren en de resultaten. Ik kan het iedereen aanraden.

Geplaatst in autobiobibliografie, kunst | Getagged | 2 Reacties

mixed media 82

ik droom van glad geschuurde vormen
marmer, hout,
en oude doffe lepels voor het vangen
van het bloed
foto's niet langer te onderscheiden
een bezem, een fles, een hek
misschien een oog of was het ooit
een bergbeek
de wilde dieren paraderen en ik
teken figuurtjes tegen de klippen op

Geplaatst in creatief, gedichten | Een reactie plaatsen

het woeden der geheele wereld

Dit wordt weer zo'n stuk dat op te veel gedachten hinkt. Het begon met dat bizarre gesprek tussen Matthijs van Nieuwkerk en Lodewijk Asscher. De laatste steeg daardoor trouwens enorm in mijn achting – eindelijk vuur! – maar oh wat viel de eerste weer eens genadeloos door de mand.
Asscher vond dat we nu allemaal Het Complot Tegen Amerika moesten lezen, omdat het zo'n goed beeld gaf van wat er gaande is in Amerika, momenteel. Matthijs reageerde ongeveer net zo als toen Theo Maassen seks met Patricia Paay necrofilie noemde. Schande! Wat een paardenmiddel! Trump is toch geen fascist?
Nou Matthijs, ik zou de Eerste Waarschuwingstekenen van Fascisme er maar eens bij pakken.
Kort daarvoor had ik op twitter de eerste bladzij van Huizinga's In de Schaduwen van Morgen voorbij zien komen, en me gerealiseerd dat ik dat in de kast had staan. Ik ben meteen in beide boeken begonnen.

the plot against america
Net als bij Portnoy's Complaint genoot ik weer van de overrompelende schrijfstijl van Roth. Hij vertelt over hoe hij als jongetje van zeven meemaakte hoe Charles Lindbergh – de luchtvaartheld én notoire antisemiet – in 1940 tot president van Amerika werd verkozen. Een schok voer door de Joodse wijk in Newark waar hij opgroeit.
Wat het boek meteen duidelijk maakt, is hoe er altijd en overal twee kanten zijn. Wat kies je? Blijf je trouw aan je geweten of aan de wil tot overleven? De kleine Philip weet er geen raad mee. Zijn neef Alvin sluit zich aan bij het Canadese leger om Hitler te bevechten, maar zijn broer komt na een zomer in Kentucky – een speciaal programma om Joodse kinderen zogenaamd meer kansen te geven, van The Office of American Absorption – juist vol anti-Joodse denkbeelden terug. Vader Roth heeft precies in de gaten wat er gebeurt, al gebeurt het nog zo subtiel. Als hij – zoals alle Joodse ambtenaren – wordt overgeplaats naar het midden van nergens, neemt hij ontslag en gaat voor zijn broer werken, zo'n Joodse sjacheraar die aan alle vooroordelen voldoet.

Wat je ziet gebeuren is de sluwe stemmingmakerij van hogerhand. Precies wat je nu ziet gebeuren in Amerika, al is het tegen een andere bevolkingsgroep gericht. Roth vermengt feiten en fictie zo knap dat ik elke keer moest opzoeken wat nu wel of niet echt was (zag pas later achterin een chronologie van de feiten). Mensen die de waarheid verkondigen zijn tegen de staat en voor oorlog, en zij zijn degenen die een complot tegen Amerika smeden, niet president Lindbergh die met Duitsland en Japan samenspant.
How can this be happening in America? How can people like these be in charge of our country?
How long will Americans remain asleep while their cherished constitution is torn to shreds … ?

Kortom, Matthijs, er is genoeg in dit boek uit 2004 dat duidelijk maakt wat er nu, op dit moment, gaande is in Amerika.

in de schaduwen van morgen
In de Schaduwen van Morgen is uit 1935. De eerste bladzij, meer dan tachtig jaar geleden, geeft een schok van herkenning. En dat blijft zo, het hele boek lang. Je zou toch denken dat een tweede wereldoorlog – Huizinga hoopt nog dat die te vermijden zal zijn – wel een ommekeer teweeggebracht zou hebben, maar het tegendeel is waar. Alles wat Huizinga signaleert, is alleen maar toegenomen en erger geworden.
"Vooruitgang immers duidt op zichzelf enkel een richting aan, en laat in het midden, of aan het eindpunt van dien gang heil of verderf staat."

Ook in de jaren dertig waren de tijden enorm veranderd, in vergelijking met voorgaande eeuwen.
"De mechaniek der moderne massaverstrooiing beteekent in de hoogste mate verhindering van concentratie." Er wordt van alles uitgevonden op wetenschappelijk en technisch gebied, maar komt dat het cultuurpeil ten goede? Niet voor degene die niet kritisch nadenkt, zegt Huizinga.
"Daling van de kritische behoefte, vertroebeling van het kritisch vermogen, bederf van de functie der wetenschap, het duidt wel op een ernstige stoornis der cultuur. Wie echter meent, met het aanwijzen van deze symptomen het kwaad in beginsel af te weren, vergist zich deerlijk." 'Benoemen' is niet genoeg!

Op een congres betoogde een spreker "dat men van de wetenschap geen waarheid moest verlangen, doch veeleer 'geslepen zwaarden.'" Ook maar een menig, zeggen wij tegenwoordig. Men kan herhaardelijk waarnemen hoe bij ontwikkelde personen "een zekere onverschilligheid voor het waarheidsgehalte van de figuren van hun ideeënwereld is ingetreden."

Zonder het ooit rechtstreeks te noemen, is het boek wel degelijk een aanklacht tegen het fascisme.
(Hij schrijft over rassentheorie: "Heeft ooit een ras-theoreticus met schrik en schaamte bevonden, dat het ras, waartoe hij zich rekende, het minderwaardige moest heeten?")
Maar het is vormgegeven als een beschouwing van de stand der cultuur in de hele westerse wereld van dat moment. Huizinga is zelf natuurlijk een christelijke middeleeuwer, en zijn visie op moderne kunst, en op de rol van het christendom in de geschiedenis, vergeef ik hem graag. Omdat hij een ontzaglijk belezen en goed mens is, iemand die niet uit is op eigen macht en gezag, maar op het welzijn van de wereld.

Hij ziet twee –ismen die de wereld in gevaar brengen, het heroïsme en het puerilisme. Deze zin sloot prachtig aan bij Het Complot tegen Amerika: "Er bestaat stellig een verband tusschen de opkomst der aviatiek en de verspreiding van een heroïsch ideaal." Vroeger waren helden diegenen die zich opofferden voor het nut van 't algemeen, vanuit een persoonlijk bewustzijn van geroepen-zijn. Nu gaat heldendom over "hysterische opwinding, grootspraak, barbaarsche hoogmoed, dressuur, parade en ijdelheid." Het is dikwijls niet meer dan "een primitieve versterking van het wij-gevoel."
"In het fanatisme van een volksbeweging zullen het de beulsknechten worden van den moord."

Het puerilisme gaat over de staat van half vrijwillige verdwazing, de kant-en-klare meningen van de groep waartoe men behoort. "Politieke redevoeringen van leidende figuren, die geen andere qualificatie verdienen dan boosaardig kwajongenswerk, zijn niet zeldzaam."

Ik kan wel doorgaan met citeren. Alles wat in de jaren dertig speelde, speelt nu ook, alleen nog veel groter, sneller, machtiger, wereldomvattender.
Huizinga eindigt met een voorzichtig positieve noot: een geloof in de jeugd die van goede wil is. En dat zie ik ook nu wel. Maar het blijft van belang de ogen open te houden en niet, zoals Matthijs, de ogen dicht te doen uit een soort van gemakzuchtig optimisme dat meer dient om het eigen hachje te redden dan de wereld.

UPDEET 200725
de tekst van In de Schaduwen van Morgen van Huizinga staat op de #dbnl

het vervolg Geschonden Wereld staat op de #dbnl (scans, te downloaden)

Geplaatst in recensies, tijdgeest | Getagged , , , | 4 Reacties

wandelingen door Rome

Wandelingen door Rome – de titel alleen al! Het is een afgeschreven boek van de Centrale Plattelandsbibliotheek voor de Provincie Groningen, het is uit 1957 en "is de vrucht van bijna een jaar verblijf in Rome" door Godfried Bomans. Het ziet er nog piekfijn uit, kennelijk waren de Groningse Plattelanders niet bijster geïnteresseerd in zulke paapse schrijfsels. Ik moet het verworven hebben toen ik werkte voor wat inmiddels de PBC was gaan heten, de Provinciale BibliotheekCentrale. Ik was gestopt met Engels en ging in het najaar van 1977 een baantje zoeken. Ik heb het volgehouden tot ik in april 1978 naar Delft verhuisde, en het heeft er wel toe geleid dat ik bibliotheekacademie ben gaan doen en biepjuf ben geworden.
Rome in de jaren vijftig, Bomans beklaagt zich over de Lambretta's en Vespa's die hem van de sokken rijden. Ik hoop dat ik er ooit weer rondwandelen mag, want oh!

Geplaatst in autobiobibliografie | Getagged , | Een reactie plaatsen

de laatste reisgidsen

Ooit had ik een hele plank met kunstreisgidsen, en we hebben getrouw alle daarin besproken bezienswaardigheiden afgereisd. Niks mis mee, je kwam op prachtige, ontoeristische plekjes. Maar van lieverlee heb ik ze toch weggedaan, die boeken, we hadden immers de foto's, en het internet.
Dit zijn de laatste reisgidsen die ik nog heb. Rome, Marokko, Kreta. Ik blader ze door, krijg er wel Fernweh van, maar van de boeken zelf word ik niet warm of koud. Als ik weer naar Rome zou gaan – liefst weer in datzelfde schilderachtige appartementje – zou ik toch zelf op zoek gaan naar dingen die ik nog niet gezien heb, daar een schema van maken en uitprinten. Ik zou het boek niet meeslepen.
Hetzelfde geldt voor Kreta natuurlijk. Naar Marokko gingen we met Rosetta, een prachtige reis door een prachtig land, al werd kindeke ziek. Ik denk niet dat ik er ooit weer zal komen. Ik heb zelf een fotoboek samengesteld, de piepkleine plaatjes in deze grondige reisgids doen niets voor mijn herinnering. Goed bezig met mijn Marie Kondo!

Geplaatst in autobiobibliografie | Getagged | Een reactie plaatsen

ziekzeurtje

Alles went, ook ziekzijn. En ik mag eigenlijk niet eens mopperen. Ik ben nu 2 jaar ziek maar heb nog altijd de hoop dat ik ooit weer beter word. Er staat tussen de 2 en 5 jaar voor PMR. Schoonzus heeft MS, nicht heeft Parkinson, dat wordt nooit meer beter. Maar we beleven als chronisch zieken wel dezelfde soort dingen soms. Nicht is behoorlijk mondig, ik vind dat knap. Je moet ook wel, als patiënt. Je moet zelf de regie houden. Ze had laatst tegen een arts gezegd: ik ben niet stout, ik ben ziek! Dat is inderdaad het gevoel dat je soms krijgt.
Met mij gaat het de laatste tijd slechter in plaats van beter. Dat komt doordat ik moet minderen met prednison, dat is nu eenmaal een ongezond middel. Protocol is dus: zo snel mogelijk van die rommel af, hoe dan ook. Er zijn medicijnen die dat zouden kunnen versnellen, maar wat ik daarover lees maakt me bang. Vooral depressie wordt veel genoemd. "Je moet nooit de bijwerkingen lezen," zeggen sommigen. Maar ik ken mij, ik reageer heel sterk. Zo heb ik ook te hoge bloeddruk (ook een bijwerking van prednison), en bij het eerste middel stond depressie als bijwerking. Na een paar dagen was het of er zwarte inkt in mijn brein gedruppeld werd, zo griezelig. Het middel hielp niet, en de volgende twee ook niet. Ik ben er eigenlijk wel klaar mee.
Als patient mag je dat niet zeggen, je moet gehoorzaam alles slikken wat je wordt voorgeschreven. (Ik schreef al eerder over die bizarre botontkalking- en maagmedicijnen.)
Ik houd me knap staande, vind ik zelf, met werken en lezen en knutselen, en niet te vergeten mijn harige vriend. Maar er moet niet nog meer bij komen om tegen te strijden. Ik heb nu maar weer eens een afspraak met de huisarts gemaakt, om mijn hart te luchten.

Geplaatst in autobio | Getagged | 10 Reacties

toegepaste kunst

Ik kan enorm genieten van toegepaste kunst, daar niet van. Op onze Hundertwasservakantie heb ik in Wenen een aantal zeer gelukkige uren doorgebracht in het MAK.
Ik heb foto's gemaakt van meubels en vazen, van serviesgoed en rariteiten en kwijlde van genoegen. En ja, het is wel mede aan de studie te danken dat ik heb leren kijken naar kunstvoorwerpen, dat ik bij de mamamini in één oogopslag kan zien of er iets van mijn gading bij is.
Maar ik geloof niet dat ik daar The Penguin Dictionary of Decorative Arts nog bij nodig heb. Het waren de dagen van met zonder Internet, we konden al die namen nog niet opzoeken vanzelf. Sinds die tijd heb ik er nooit meer in gekeken, ik had zelfs vaag een idee dat dat dikke zwarte boek ook zo'n soort iconografieboek was. Hopla op Marktplaats ermee, weer vijf centimeter vrij!

Geplaatst in autobiobibliografie, kunst | Getagged | Een reactie plaatsen

schoonheid

Ik pak Conant en Krautheimer uit de kast en weet meteen dat ze mogen blijven. Ligt het eraan dat die vroege architectuur me toch altijd het meest is blijven boeien? Of liever: is blijven boeien, terwijl veel andere onderwerpen weer zijn weggezakt, ik weet de belangrijkste feiten en namen nog wel maar mijn hart raken ze niet meer. Mijn hart springt altijd op als ik in een vreemde stad een romaans bouwwerk ontwaar, en de meeste grote schoonheidservaringen – die me de adem benemen, me bijna duizelig maken – hebben betrekking op die gebouwen: Vézelay, de San Apollinare in Classe
Ik vraag me af wanneer dat begonnen is. Paps en mams vertelden me dat ik als klein kind ooit niet weg te slaan was uit een museum, ik weet niet eens meer welk museum. Ik herinner me de ervaring ook niet. De eerste kerk waar ik van onder de indruk was, was de Dom in Münster. Ik herinner me vooral het grijze, stille licht. De sfeer. Daarna gingen we op vakantie naar Frankrijk, en bezochten we kleine dorpskerkjes, als dat zo uitkwam. Nog geheel zonder kunsthistorische bagage.
Pas toen ik ging studeren (1983) begonnen we beroemde kunstwerken af te reizen. Maar het is niet de beroemdheid die de schoonheidservaring bewerkstelligt. Dat is een ander gevoel, ik herinner me de ontroering toen ik door het voorraam van onze bus de sfinx ontwaarde. Hij bestaat! En ik zie hem! Maar die echte schoonheidservaring geeft bijna een gevoel van opgelost raken in de ruimte, ermee versmelten, deel uitmaken van iets hogers. Sommige landschappen hebben dat ook. Woestijnige meestal, in mijn geval.

Geplaatst in autobiobibliografie, kunst | Getagged | Een reactie plaatsen

Stefan Hertmans De Bekeerlinge

Een oefening in empathie, noemt Hertmans het boek tijdens verschillende interviews. 1) 2) 3)
Is het een geslaagde oefening?
Ten dele, wat mij betreftt.

Hij past hetzelfde procedé toe als in Oorlog en Terpentijn: de ik-figuur die gelijkstaat aan de auteur ontrafelt het verhaal van iemand in het verleden, en brengt dat met romantechnieken tot leven voor de lezer.
In O&T is dat te begrijpen: een kleinzoon die wil weten wat zijn opa heeft meegemaakt, in de hoop daarmee meer licht te werpen op zijn eigen afkomst. Het doel van de ik-figuur is duidelijk, en de zoektocht en de resultaten daarvan hebben invloed op zijn leven in het heden.
In De Bekeerlinge is dat veel minder duidelijk, of liever: helemaal niet. Door een krantenknipsel komt de auteur erachter dat zich in Monieux, het Franse dorpje waar hij een tweede huis heeft, in de elfde eeuw een drama heeft afgespeeld: na een wrede pogrom vertrekt een tot het Joodse geloof bekeerde vrouw naar Caïro. Een raadselachtig gegeven, ik kan me zo goed voorstellen dat je daar als schrijver helemaal opgewonden van wordt, en het geval tot op de bodem wilt uitzoeken.
Vervolgens moet je dan besluiten hoe je wat je gevonden hebt, vormgeeft. Zelf zou ik de voorkeur geven aan een historische roman, om de lezer totaal onder te dompelen in die woelige, duistere tijd.
Of je zou er een roman rond een wetenschapper van kunnen maken, die Norman Golb die alles rond dat geheimzinnige document – de aanbevelingsbrief die Hamoutal van de rabbijn meekrijgt op haar vlucht – heeft uitgezocht.
Of je zou er een reisverslag van een schrijver van kunnen maken, die de bekeerlinge duizend jaar later nareist. Maar dan moet hij daarvoor wel een goede reden hebben, en moet de reis ook iets wezenlijks in hem veranderen.

Wat we nu hebben, is een schrijver die ons deelgenoot maakt van het schrijven. Hij schrijft bij tijd en wijle schitterend, laat dat vooropstaan. De scènes uit het leven van Hamoutal – die ooit Vigdis Adelaïs heette, en dochter van een ridder uit Rouen – zijn beeldend en zintuiglijk beschreven. De schrijver heeft zijn huiswerk goed gedaan, en kan ons laten zien waar zij geweest is, gewoond, geslapen, gebaard, geleefd heeft.
Maar waarom springt hij er zelf steeds tussen, als een opdringerige verteller? Wat voegt het toe als we weten dat daar vandaag flats staan, of een snelweg loopt? Wat voegen ál die plaatsnamen toe als er geen kaartje in het boek zit? Wat maakt het ons uit dat hij het document in Cambridge met eigen handen heeft mogen aanraken?
Hij wil een punt maken over de tijd - "Er heerst geen tijd, alleen maar ruimte." (p173) - dat op sommige plaatsen de tijd geen rol speelt, dat bepaalde gebeurtenissen er "altijd" zijn. Ik moest daarbij denken aan Glencoe. Sommige scènes van mensen op de vlucht doen denken aan de vluchtelingenproblematiek in onze tijd. Waarom mag de lezer dat niet zelf bedenken?

Zelf noemt Hertmans zijn werkwijze 'autofictie' – je vertelt zoveel mogelijk de werkelijkheid zoals jij hem hebt waargenomen, en wat je niet kan weten, vul je in met je verbeelding. Ik denk dat het zo gegaan is. Daarom heeft hij Hamoutal ook geen dialoog gegeven, dat vond hij net over het randje van make believe. Hij gebruikt een personage uit de plooien van de geschiedenis als een prisma om licht door te laten schijnen, zodat de tijd, de geschiedenis, erdoor in regenboogkleuren oplicht. "Het afwezige aanwezig maken, verantwoording afleggen tegenover degenen die er niet meer zijn," tekende ik op uit een van de vele interviews.
Hertmans ziet als belangrijkste thema van het boek: wat gebeurt er met iemand die van identiteit switcht? Ik heb dat er niet uitgehaald, zo ver dringen wij niet door in de ziel van Hamoutal. En dat is precies wat ik miste aan dit boek, waarvan ik toch erg genoten heb.

Lees hier de bespreking van Bettina.

Geplaatst in recensies | Getagged , | 5 Reacties

waarheid

Ik plaatste van de week op Facebook een schitterende foto van Richard Ehrlich uit zijn serie Homage to Rothko. Iemand schreef eronder dat Rothko a fraud and a sham was. Waar ik het hartgrondig mee oneens was. Niet vaak in mijn leven heb ik zo'n transcendentale ervaring gehad als in de Rothko Chapel in Houston. Waarop hij keihard terugslaat met "bewijs": een artikel van John Robson, columnist bij een Canadese krant.
Als het stokpaard er nog niet was, dan kwam het nu keihard aangegaloppeerd.
Die Robson wil dat kunst ons beter en gelukkiger maakt. Dat wilden ze in de Sovjet-Unie ook. Of in nazi-Duitsland. Andere kunst was ontaard. God verhoede dat kunst de status quo aan de kaak stelt.
Het hele artikel riekt naar populisme. Robson is historicus, hij weet niet veel van kunst, zegt hij zelfgenoegzaam. Het is of ik Halbe Zijlstra hoor oreren. Kunst, kunstopleidingen en musea kunnen best wegbezuinigd, die zijn maar voor de elite. En de elite, zo toont Robson aan, heeft er zelf immers geen verstand van!
Ook hier is weer de waarheid in het geding.
Als kunstenaars zich moeten aanpassen aan wat "het volk" mooi vindt, of "wil" (volgens degenen die over hen heersen, zogenaamd uit hun naam), is er niemand meer die vraagtekens zet bij de status quo. Is er niemand meer die de waanzin van de Trumps, Erdogans, Putins, Wildersen, Ruttes van deze wereld aan de kaak stelt.
Natuurlijk mag kunst ook mooi zijn. De foto van Ehrlich is schitterend. Maar kunst moet nooit gemaakt worden ter wille van een heersende klasse. Kunst moet de waarheid spreken.
Schrijvers, journalisten, schilders, fotografen – ze moeten de waarheid spreken. Want van de heersende klasse kunnen we dat niet meer verwachten.

Geplaatst in kunst, schrijven, tijdgeest | 11 Reacties