Auteur Archief: Hella
26 – naar de kreek 3
Pucima knikte. "En zie je dat donkere puntje aan de horizon?" Ik haalde me de in het zand getekende kaart van de dogman voor de geest. "Is dat Mingia?" "Nee, Mingia ligt ergens daar," ze maakte een weids gebaar met … Lees verder
25 – naar de kreek 2
Mijn neus en oren ontdekten veel eerder dan mijn ogen dat we water naderden. Heel soms, in de winter, als het geregend heeft, ruiken de tuinen in Dunkitaba ook zo: fris, schoongewassen, helder. Ook komen er dan wel eens wat … Lees verder
24 – naar de kreek 1
Terugkijkend snap ik niet dat ik alles accepteerde zoals het was. Zo werkt het blijkbaar: als je in je jeugd maar vaak genoeg te horen krijgt hoe de wereld in elkaar steekt, neem je dat vanzelf als waarheid aan. Als … Lees verder
23 – de eerste Hebotva
De eerste Hebotva was vele generaties geleden door de Grote Hemren aangesteld als Vader van Dunkitaba. Het dorp was toen nog niet ommuurd, er waren geen straten, er waren geen koepels. Hutjes van palmbladeren stonden verspreid door de woestijn. Hebotva … Lees verder
22 – naar Hebotva 2
Het marmer was verrukkelijk koel aan mijn blote voeten. Op de kamer van Hebotva lag een zijden tapijt. Bloemen en vogels in alle kleuren, het verbaasde me bijna dat het geen geluid gaf. Kon ik niet beter tapijtweefster worden? Maar … Lees verder
Annie Ernaux – De Jaren
Aanvankelijk kon het boek me niet zo boeien. Te veel Franse merknamen en situaties, bovendien is de schrijfster zo'n 15 jaar ouder dan ik dus onze herinneringen lopen niet parallel in de zin van dat we hetzelfde meemaakten in dezelfde … Lees verder
21 – naar Hebotva 1
Hebotva had te kennen gegeven dat hij mij zelf wilde zien, voor hij zijn toestemming gaf. Het was de eerste keer dat ik in het Palast kwam. Het torent hoog boven Dunkitaba uit, je kunt het overal zien. Het vormt … Lees verder
20 – Pucima (2)
"Ik ben Yima van Rodva," zei ik. "Zou ik rietvlechter kunnen worden?" "Je bent de eerste niet die dat vraagt," zei Pucima. "Waarom zou je het willen?" Ik keek naar haar vaardige handen, die de bundel stengels rond en rond … Lees verder
19 – Pucima
Als kind vraag je je niet af waar dingen vandaan komen. Ze zijn er gewoon. De rieten mat, de gevlochten schalen, de harnasjes waarin de waterkruiken in deuropeningen hingen, de manden waarmee we boodschappen deden of vruchten haalden … Meerdere … Lees verder
18 – wit
Midden in de nacht werd ik wakker van scherp gefluister. En van een geluid dat deed denken aan het kermen van een gewond beest. "Heb jij …" "Nee, ze heeft zelf …" "Lieg niet!" "Het is waar, Rodva, geloof me, … Lees verder











