Auteur Archief: Hella
66 – Valma
Ik rechtte mijn rug. Een eindje verderop zag ik mensen in de rij staan bij een grote stenen oven. Brood! Ik sloot me aan, achter een vrouw in een haveloos zwart gewaad. "Hoeveel kost het?" vroeg ik haar. Ze draaide … Lees verder
65 – een prinses, een zwerfster
Toen ik boven was, zag ik mijn eerste glimp van Langen San. Ik moest denken aan de verhalen over het eerste Dunkitaba. Zo rommelig woonden mensen als niemand het heft in handen nam. Rieten hutjes zag ik, sommige mooi gevlochten … Lees verder
64 – parelmoer
Toen ik op Langen San aan land stapte – door het water, broekspijpen en sandalen nat, sjouwend met het kind, naar het strand – vroeg de schipper om zijn beloning. Ik wilde munten onder uit de draagzak vissen, maar hij … Lees verder
63 – de zee
Bo begon te huilen. Had hij dorst? Was hij nat? Ik knielde in het zand, haakte mijn schild los en liet de rugzak van me af glijden. Bo was nat en meer, rook ik nu. Dit moest anders, voortaan. Ik … Lees verder
62 – zware stappen
Zo snel ik kon liep ik de route naar de kreek, tot ik besefte dat ze me wel heel gemakkelijk konden achtervolgen dan. Maar hoe anders? Ik mocht niet verdwalen. Hijgend bleef ik staan. Terugkeren was ook geen optie. Zodra … Lees verder
61 – een valse krijs
Het rinkelen kwam dichterbij. Voetstappen hoorde ik niet in het zachte zand. Ik voelde Bo bewegen op mijn rug, hij mummelde in zijn slaap, zo'n mummeltje dat ieder ogenblik in gehuil kan ontwaken, lieve Hemren laat hem slapen … Het … Lees verder
60 – sabelgerinkel
Een ogenblik overwoog ik om naar huis te gaan, naar mijn ouders. Maar mijn vader zou nooit tegen Hebotva ingaan, zou nooit zijn positie op het spel zetten om het hek te openen voor een vrouw die wegliep voor haar … Lees verder
59 – de vlucht
Geklop op de deur. "Ja!" riep ik, en verstopte me in de badcel. "Kan ik de borden weghalen?" Het was Hilma. "Is goed," zei ik van achter het gordijn. "Ik ga zo nog even met Bo naar de Tuin." Gerinkel, … Lees verder
58 – het kantelpunt
Bo's draagzak was klaar. Roddy's draagzak was bijna klaar, ik had nog wat touw over en vlocht er nog een extra riem van, die Jonnama om haar buik zou kunnen vastmaken. Zou voor mezelf misschien ook nog handig zijn, bepeinsde … Lees verder
57 – nog was alles goed
Als Ma Bo op schoot had, keek ze altijd even nauwkeurig naar zijn hoofdje. Het was nog steeds glad en bruin maar als je er overheen streek voelde je toch iets van dons. Ik wist niet of Jonnama wist van … Lees verder









