Auteur Archief: Hella
93 – vervagen
Naarmate de maaltijd vorderde leek het of de mensen vervaagden. Het was een vreemde gewaarwording, ik moest opeens denken aan het begin van mijn vlucht, toen ik zelf na het innemen van de Graysafludrupjes een beetje doorzichtig werd. Ik keek … Lees verder
92 – vluchteling
"Gruva, ik heb een vluchteling," zei Jadva. Gruva, dat was een vrij belangrijke naam, dacht ik. Maar zweeg. Gruva zweeg ook. "Met een kind," zei Jadva. "Wat voor kind." "Een zoon natuurlijk," zei Jadva. De deur ging verder open en … Lees verder
91 – dichte ogen
Maar Jadva maakte een eind aan de vredige middag. Na het eten vertelde hij dat er allerlei geruchten de ronde deden. De Hoge Va van Takasan zou opnieuw een legertje wachters op de been brengen en dan vermoedelijk een nieuwe … Lees verder
90 – huiselijke weken
Toen ik wakker werd, begon het al licht te worden. Kuuksi had haar warme lijfje op mijn nek en schouders gevlijd en lag luid te spinnen. Behalve het gemekker van een schaap hier en daar was het stil. Door de … Lees verder
89 – de blauwe schoot van het beeld
Bo begon te trappelen en op mijn hoofd te slaan met zijn zachte handjes. Lizma lachte en tilde hem uit de draagzak. "Kun je al een beetje lopen, ventje?" Ze zette hem op het grindpad, hield hem vast aan zijn … Lees verder
Heldinne’s Kaarten
Tussen het schrijven door ben ik nog steeds lekker bezig met collagekaarten maken. Ik verkoop ze als originelen maar ook als fotoreproductie. De originele series die nog te koop zijn, staan hier. De series die als reproductie na te bestellen … Lees verder
88 – het beeld
"Je dromen kun je misschien kwijt bij het Beeld." Ik begreep niet wat Lizma bedoelde. "We kunnen er straks even naartoe gaan. Ik heb je draagzak ook schoongemaakt." Ze zag dat ik schrok en voegde eraan toe: "Ik heb alleen … Lees verder
87 – op Taka Haringes
Lizma kwam naar me toe en streek mijn capuchon naar achteren. Nu realiseerde ik me pas dat zij geen sluier droeg. En dat haar haar grijs was, en dat van de mannen ook. "Kom," zei ze. "Jad, jij let op … Lees verder
86 – naar Taka Haringes
Ik legde Bo op de bodem van de boot en met ons drieën duwden we hem naar het water. "Kun je roeien?" Ik was een woestijnkind, natuurlijk kon ik niet roeien. Maar natuurlijk kon ik wel roeien. Ik was sterker … Lees verder
85 – de stenen
Toen hoorde ik iets anders. Een spreekkoor van zware stemmen. De woorden kende ik. "Een man zorgt voor veilige huizen. Een man straft de wettelozen. Een man sluit of opent de deuren. Een man is altijd zonder blaam. Een man … Lees verder








