Auteur Archief: Hella
179 – naar de Rondweg
Maar natuurlijk. Zo ver kon de schaduw niet zijn, we waren pas een paar uur onderweg. Wel moesten we dan de grote weg naar het Dzikomeer kruisen, maar verder moest het te doen zijn. Er waren genoeg kleine stroompjes in … Lees verder
178 – weet jij de weg?
Daar liepen we in het vroege morgenlicht. Het was een wonderlijke ervaring. Niet alleen waren er opnieuw mensen gedood om mij, ik was nu zelf een moordenaar. Mijn eigen handen hadden iemand vermoord. En tegelijk ademde ik met gretige teugen … Lees verder
177 – ontsnapt
"Ontsnapt," zei Storeman. "We hebben de omgeving uitgekamd, de Tweede Meisjes ondervraagd. Dat zullen ze niet gauw vergeten." Ik dacht aan de woorden van Rietmeisje. Tweede Meisjesverkrachter. Wat gaf die mannen toch het recht om zo met ons om te … Lees verder
176 – slachtpartij
De meesten van ons hadden geen Graysaflu gebruikt, de meesten werden meteen om het leven gebracht, lange messen flikkerden in het maanlicht. Ik bleef doodstil liggen aan de voet van de muur die inmiddels weer dicht was. In de loop … Lees verder
175 – het gebeurde echt
Maar het bed naast me was leeg, en toen ik het schuren van de steen hoorde was ik weer in het hier en nu. Aan de mannenkant klonk gelach en schuine taal, ze verdrongen zich en een paar vrouwen kwamen … Lees verder
174 – schoonmaak
Ik had genoeg gezien. Ik draaide me om en zag Gladefam naar me kijken. "We hebben zijn hand nodig," fluisterde ik snel. "Ik heb Graysaflu." Een vreemde, wrede, koude opwinding maakte zich van me meester. Zou ik moorden om mezelf … Lees verder
173 – de sleutel
Wel ging ik – en ik keek uitdagend naar Sisifam, of ze er iets van wilde zeggen – op Blufams matras zitten, zodat haar hoofd in mijn schoot rustte. Spinnen was bijna onmogelijk zo, maar het kon me niet schelen. … Lees verder
172 – een rustdag
Blufam verzwakte met de dag. Ze lag op de vuile stenen vloer, half tegen haar bedrol aan, brood ongegeten in haar hand. Toen de deur weer openging en Morfamzus binnenkwam met de vlasstokken, kwam ze met moeite overeind. Sisifam voegde … Lees verder
de ware narcisten
Ik ben verdrietig. Misschien ben ik daarom wel zo verschrikkelijk moe, wie zal het zeggen. Maar om dag in dag uit te horen en te lezen dat je tot een minderwaardige mensensoort behoort, gaat je uiteindelijk niet in de kouwe … Lees verder
171 – waar blijft Hebotva?
Waarom duurde het zo lang? Als Hebotva werkelijk in Barraspira was, zouden ze hem toch direct kunnen vertellen waar ik zat? Of hadden Morfam en Tikman toch iets meer eigen rechter gespeeld dan officieel toegestaan was? Of hielden de machthebbers … Lees verder









