Virginia Woolf – The Voyage Out

Ik had weer zo'n naar recensieboek dat ik een tegenwicht zocht en vond in Virginia Woolf. Ze blijft toch steeds terugkeren in mijn leven. Haar schrijversdagboek kocht ik al in Houston (later ben ik begonnen aan haar complete dagboeken, nadat ik was begonnen in die vuistdikke biografie van Hermione Lee en die ik nog altijd niet uit heb). Ik las A Room of One's Own heel lang geleden. Afgelopen zondag hadden ze het erover bij OVT, en onlangs schreven Simone van Saarloos en Gloria Wekker erover in De Groene.

Al die tijd had ik nog geen roman van Woolf gelezen, en ik besloot dus maar met de eerste te beginnen. Misschien wel omdat ik online tegenkwam dat die nu pas vertaald is.
Het is een roman die je mee op reis neemt. Letterlijk: het gaat over een reisgezelschap dat van Londen naar Zuid-Amerika vaart en daar een aantal maanden doorbrengt in een fictieve kustplaats. Figuurlijk: het vertelt de levensreis van Rachel Vinrace, een jonge vrouw, nog helemaal naïef en onschuldig, nauwelijks geschoold, grootgebracht bij twee oude tantes, die nu met haar oom en tante meegaat, het leven aanschouwt, verliefd wordt of misschien is het geen verliefdheid, ze weet het niet. In het verhaal is er nog een reis: een Heart-of-Darkness-achtige expeditie de rivier op, de jungle in. Een gezelschap van keurige Engelsen die allemaal anders reageren.

Het vertellen zelf is ook een reis, een expeditie om uit te vinden wat een roman allemaal kan zijn. Het begint bijna als zo'n ouderwets meisjesboek waar ik zo dol op ben, met licht satirisch getekende personages, kleine grapjes waar je echt om in de lach schiet.
[…] Each of the ladies, being after the fashion of their sex, highly trained in promoting men's talk without listening to it […]
[…] At this moment I have a nurse. She's a good woman as they go, but she's determined to make my children pray. So far, owing to great care on my part, they think of God as a kind of walrus […]
[…] The worst of coming from the upper classes," he continued, "is that one's friends are never killed in railway accidents."

Woolf schrijft zo prachtig, ik heb zoveel mooie zinnen aangestreept.
Iemand zit te lezen […] a whole procession of splendid sentences entered his capacious brow and went marching through his brain in order […]
[…] Helen saw her partner coming and rose as the moon rises […]
[…] They sat very still as if they saw a building with spaces and columns succeeding each other rising in the empty space […]
[…] her eye was caught by the line of mountains flying out energetically across the sky like the lash of a curling whip […]

Langzamerhand wordt de roman een symfonie, waarin alle personages hun eigen stem krijgen. Er is niet zozeer een alwetende verteller aan het woord, het zijn meer al die verschillende bewustzijnen die om en om om aandacht vragen. Er zijn gesprekken, gedachten, handelingen, gebeurtenissen, er worden allerlei belangrijke kwesties aan de orde gesteld. Het gaat ook in dit boek (uit 1915) al heel erg over de rol van vrouwen in de maatschappij en in de literatuur. Het gaat over het leven dat de gegoede klasse leidt: heeft het zin? Wat doen mensen eigenlijk de hele dag, wat doen ze met hun leven?
Ik moet toegeven dat ik daar soms moeilijk mijn aandacht bij kon houden, moeilijk al die mensen uit elkaar kon houden. Maar dat maakt me ook bewust van mijn eigen noties over wat een roman moet zijn en doen. Aan het eind is er nog een groot drama en dan besef ik dat ik de personages toch hebt leren kennen en zelfs liefhebben, het gaat me aan het hart wat er met ze gebeurt. Er zijn veel onafgebonden draadjes maar dat geeft niet, zo is het echte leven ook.

Nog een prachtige zin uit de introductie (van Michael Cunningham, van The Hours) die ik pas achteraf las: Woolf understood that every character about whom she wrote, even the most marginal, was visiting her novel from a novel of his or her own.

En nog iets wat aansluit bij de correspondentie in De Groene. Het viel ook mij op dat het personeel en de inheemse bewoners in het boek totaal geen gezicht krijgen. Het eten wordt door onzichtbare handen op tafel gezet. Cunningham schrijft:
She is probably most widely criticized for being class-bound – for writing convincingly, and at length, only about members of the upper classes, the people she not only knew best but liked best.
Zo kun je het als schrijver dus nooit goed doen. Als je schrijft over je eigen milieu ben je een snob, als je schrijft over personages uit andere bevolkingsgroepen ben je een culturele toe-eigenaar. Het gaat erom, denk ik, dat wat je schrijft écht is. Dat je schrijft over wat in jouw leven van levensbelang is. Dan zullen er veel mensen zijn die herkennen wat je schrijft. Er zullen ook mensen denken: wat een luxueus geneuzel zeg. Hun levensbelang ligt elders.
Ik vind het luxueuze geneuzel van een dame uit 1915 van veel groter belang dan het slachtofferige proza van een drugsverslaafde uit 2018.

Geplaatst in recensies | Getagged , | 11 Reacties

zomergasten

- Heb je Zomergasten gekeken?

Ja, tot 11 uur, toen heb ik hem uitgezet. Had ik veel eerder moeten doen natuurlijk. Ik voelde me idioot uitgeput en verdrietig en boos. Waarom vallen kwartjes altijd zo langzaam en zo laat?

- Welke kwartjes?

Nou, dat ik er wéér in getrapt ben. Dat ik het nóóit leer. Ik had me echt op de uitzending verheugd. Ik vond Romana zo'n ontzettend mooie vrouw, zo'n fijne pittige side-kick bij dwdd, en dan die worsteling met haar zoon … what's not to love? En toch … ik moet nu denken aan die spreuk van Maya Angelou: "When people show you who they are, believe them."
Ongeveer het eerste wat ze zei was: "Ik geloof dat ik het meest 'echt' ben als ik acteer."
Gaande de uitzending kreeg ik steeds meer het gevoel dat ze een act opvoerde, dat ze koste wat kost de macht in handen wilde houden en dat ze daartoe zelfs de presentatrice kleineerde en bewust ontregelde. De fragmenten die ze liet zien waren niet bedoeld om te inspireren maar om te imponeren.
Een heel stuk later beweerde ze dat ze zo kwetsbaar was. En dat ze dat liet zien door te vertellen dat ze zo dominant is. Dat is niet kwetsbaar. Dat is word salad, dat is gaslighting.
Zulke mensen hebben altijd een zielepiet in hun directe omgeving waar ze ontroerend (vaak met tranen) over kunnen vertellen. Een gehandicapt zusje, een jong overleden ouder, een leerling of een patiënt voor wie ze goed doen, een autistische zoon … Daarover vertellen raakt bij iedereen een snaar. Het is een rookgordijn.

- Nou, ik vind het niet kunnen, dat je dat zomaar zegt. Bewijs het eerst maar eens. Die gevoelens van jou … je moet je niet zo aanstellen. Je ziet het helemaal verkeerd. Ik snap niet dat je zo over iemand kan oordelen. Natuurlijk is het niet waar.

Zo ongeveer zag het er gisteravond uit in mijn hoofd. En vandaag betaal ik de tol. Na een week van minder pijn en meer energie is het nu weer een stuk slechter. En net als bij ál die voorbeelden uit mijn leven denk ik wederom dat ik me moet verdedigen. Dat ik niet mag denken wat ik denk, niet mag vinden wat ik vind, niet mag voelen wat ik voel. Want het is slecht en hoe dúrf ik.
In plaats van éindelijk mijn gevoel en de wijsheid van mijn lichaam serieus te nemen.
En morgen éindelijk een afspraak met een psycholoog te maken.

- Zie je wel? Je bent gewoon niet goed bij je hoofd.

Geplaatst in autobio | Getagged , , | 18 Reacties

AUTO-BIOGRAFIE

Omdat we op Facebook bezig zijn met de challenge "auto's die je hebt gehad" even een Raskrabbel column uit 1993 in de herhaling.

Toen we hem kochten, ons tweedehands boodschappenwagentje - u kent dat wel, een achternamiddagje rondsnuffelen in Wattayah, tussen de opgewekt met je meelopende jurken - zei iemand het al: "Don't buy that car! Red means danger!" Maar ik was al gevallen voor het rode gevaar, niet in de laatste plaats voor zijn automatisch versnellingspookje.

Soms rijdt hij vermomd als grijs gevaar door de Omaanse dreven. Pas op, dan ziet u mij dus niet - net zoals die vrachtwagen op ons parkeerterrein, die er zo nodig een achterlichtje af moest rijden. De politie ziet me dan trouwens heus wel, maar omdat lichten en papieren in orde zijn, laten ze me met een waarschuwing gaan: Go and wash your car immediately!

Eigenlijk mankeert hij nooit iets. Goed, soms staat hij om onverklaarbare redenen opeens bewegingloos op straat, en ben ik van een galante witneus afhankelijk om thuis te komen (als deze meneer hem start, doet hij het opeens weer). Maar daar staat tegenover dat hij al tweemaal onze eerstehands 4WD over de berg heeft moeten slepen! Ook een avontuur op zich, want dat monster hield er op een donkere avond op een donker doodstil weggetje zomaar mee op. Goede raad was duur: ik daar alleen blijven zitten bij kindje en manlief naar huis lopen - of andersom, ik voelde voor beide opties geen enthousiasme. Maar Allah was met ons, en zie, daar stopte een bus vol jolige werkmannen, die het helemaal geen bezwaar vonden om eens een blonde vrouw in hun gelederen te hebben. Tot keurig voor de deur werd ik vervoerd en een keur van onverstaanbare maar volkomen begrijpelijke opmerkingen deed me uitgeleide. Shukran shukran! Met mijn rode gevaar terug naar het duistere weggetje met de bewegingloze Jeep en vol glorie sleepten wij hem over de berg.

Zijn airco laat het wel afweten na elke zomer, en zodra het heet wordt, moet er dan weer iets gebeuren. Een mannetje in Ruwi ditkeer. Zijn prijs lag op een tiende van wat de garage er voor rekende. Terwijl we stonden te wachten op de withete zandvlakte voor de armetierige shopjes, kwam er een keurige Egyptische meneer bij ons staan. Prima Mannetje, zo verzekerde hij ons. Goudeerlijk en goed vakwerk. You from Holland? Beautiful country! Alle Hollanders even aardig, Amsterdam een prachtige stad, Madurodam een schitterende stad en Scheveningen Beach, het einde! Na deze tirade durfden wij het Mannetje ook wel ons vertrouwen te gunnen. En terecht, ik rijd weer in een koel celletje door deze hete tijden.

Toen ik achteruit tegen die lantaarnpaal opreed, had ik ook wel wat koelte kunnen gebruiken. Geheel volgens de regels PDO gebeld, komt u maar even langs. Waar stond die lantaarnpaal? Oei! Geen campservice lantaarnpaal, maar een Government Lamppost, dat verandert de zaak. Mee naar het bureau! Met de politie in mijn kielzog terug naar de plaats des onheils. Daar stond het slachtoffer van mijn verkeersdelict met afgeknakt hoofd. Er werden foto's gemaakt, en een situatieschets als in een detectiveroman: "plaats van het lijk". Daar zou ik wel meer van horen!

Dat werd dus dokken, een aantal weken later. Dus met kindje en bankcheque weer naar het bureau. Uren wachten, intussen getuige zijn van heel wat minder verkwikkelijke verkeersongevallen, yes madam? Nee, geen cheque, handje contantje, gaat u maar even naar de bank. Toen kon ik mijn verschuldigde bedrag op de tafel uittellen, 167 Rial voor de lantaarnpaal, 10 Rial boete voor mijn rijstijl en tot slot nog 5 Rial voor de formulieren (dat kwam zo ongeveer op 100 Baiza per formulier dus alleszins redelijk). Een half jaar later is de lantaarnpaal nog altijd niet gerepareerd, wat een heel geluk was voor degenen die er na mij nog tegenop geknald zijn.

Een ander Mannetje uit Ruwi, die stomverbaasd opkeek toen hij een officieel schaderapport van de politie bij het wrak kreeg aangeboden, heeft de schade hersteld. En zo van zijn werk en mijn auto genoten dat hij er even een boodschapje in heeft gedaan. Plantjes brengen naar z'n oma in Nizwa of zo, we vonden tenminste nog een leeg bloempotje onder de bank.
Maar ach, zo beleef je nog eens wat. Na bijna drie jaar ben ik echt van m'n rode gevaar gaan houden, compleet met zijn paarse stoelhoezen en zijn rode kwastje aan de spiegel!

Geplaatst in autobio | Getagged | 2 Reacties

Sue Monk Kidd & Ann Kidd Taylor – Traveling with pomegranates

Ik had van Sue Monk Kidd alleen The Secret Life of Bees gelezen, heel lang geleden. Het leuke is dat dit boek er een voorbode van is. Met om en om een hoofdstuk vertellen moeder en dochter over de reizen die ze samen maakten, naar Griekenland, Turkije en Frankrijk, op zoek naar klassieke godinnen en zwarte madonna's, en de impact die de heel uiteenlopende plaatsen op hun ziel hebben. Van Delphi en Eleusis (bekend van het verhaal van Demeter en Persephone) tot de "Sixtijnse kapel van de prehistorie" op het eiland Gavrinis, een ganggraf dat aan de binnenzijde met de prachtigste patronen is bewerkt en waar ik nog nooit van gehoord had, tot de Zwarte Madonna van Rocamadour.

Moeder en dochter zijn allebei op zoek: Sue wil eindelijk werk maken van haar droom om een roman te schrijven (ze heeft dan al verschillende boeken over feministische theologie op haar naam staan), en Ann is in een depressie beland nadat ze is afgewezen voor de studie Griekse klassieke oudheid.

Het is mooi om te zien hoe hun verhalen zich met elkaar verweven. Ann op zoek naar de moeder-in-zichzelf (een bekend thema op Heldinne's Reis), en Sue op zoek naar de beginneling in zichzelf, degene die ze gaat worden na de overgang.

Qua sfeer en thematiek deed het boek me denken aan Crossing to Avalon van Jean Shinoda Bolen, en het vormde ook een mooie vrouwelijke tegenhanger van An Odyssey van Daniel Mendelsohn. En het bracht me weer een nieuw gedicht van David Whyte – Sweet Darkness - waarvan vooral deze strofen me erg aanspraken:

You must learn one thing.
The world was made to be free in.

Give up all the other worlds
except the one to which you belong.

Sometimes it takes darkness and the sweet
confinement of your aloneness
to learn

anything or anyone
that does not bring you alive

is too small for you.

Geplaatst in gedichten, recensies | Getagged , | Een reactie plaatsen

Emma Healey – Whistle in the Dark

Whistle in the DarkWhistle in the Dark by Emma Healey
My rating: 3 of 5 stars

Tja ... Als je leest waar dit boek over gaat, wil je er meteen aan beginnen. Tijdens een tekencursusvakantieweekje in het Peak District verdwijnt een vijftienjarig meisje. Pas na 4 dagen wordt ze teruggevonden, bebloed en besmeurd. Maar ze wil niet zeggen wat er gebeurd is. Haar moeder voelt zich reuze schuldig (ze waren er samen) en doet van alles om erachter te komen wat er gebeurd is. Van sneupen op social media tot raadplegen van occulte zieners. Op een gegeven moment gaat ze zelfs hallucineren, ik verwachtte dat de plot een twist zou krijgen, dat moeder eigenlijk de hoofdpersoon was. Maar intussen verveelde ik me stierlijk. In het grote lege midden van het boek zit geen enkele ontwikkeling. De moeder zoekt en zoekt en de dochter is weerspannig en vervelend. (Geen leuke personages ook.) Aan het eind (echt hè, de laatste 20 bladzijden) wordt het dan toch nog een beetje spannend. Maar daar lag de Thematiek zo dik bovenop dat ik hem al gespot had voor hij (zij) genoemd werd: Persephone.

View all my reviews

Geplaatst in recensies | Getagged , | Een reactie plaatsen

Tana French – In the Woods

Alweer een boek dat ik via Twitter kreeg aangereikt. Ik heb het met heel veel plezier gelezen. Kort het verhaal: op de plek van een archeologische opgraving bij een klein Iers dorp wordt een twaalfjarig meisje vermoord gevonden. Een jaar of vijfentwintig geleden zijn in dat zelfde bos twee kinderen verdwenen terwijl hun vriendje werd teruggevonden met bebloede kleren. Genoemd vriendje zit nu bij het Moord Team. Niemand weet dat hij dat is, anders had hij niet mogen meewerken aan het onderzoek naar deze moord.

Heel veel verwikkelingen, heel veel mogelijke verdachten. Een actiegroep Stop de Snelweg (die dwars over de opgraving en het bos gepland is), vastgoedhandelaren, mannen die ten tijde van die verdwijning het een en ander op hun kerfstok hadden, de ouders van het vermoorde meisje …
Verteller is Rob Ryan, de detective met het geheim. Hij is behoorlijk getraumatiseerd door zijn verleden, heeft het gebeuren helemaal uit zijn geheugen gewist, we krijgen af en toe flarden van scènes, van geluiden in het bos alsof er een mythisch monster rondspookt.
Tweede hoofdpersoon is zijn partner Cassie, die ooit een relatie heeft gehad met een psychopaat, en dus precies weet hoe zulke gewetenloze mensen te werk gaan. De relatie tussen hen beiden is een van de mooie draden in dit boek.
Kortom, de stemming zit er goed in.

Toch begon het richting het einde te vervelen, en hier wordt het leerzaam.
Het boek is te lang. Dat ligt vooral aan de overvloedige herhalingen van de gebeurtenissen rond de moord. We zijn erbij als het lijk gevonden wordt. We krijgen mee wat het meisje is aangedaan van de forensische Sophie. Later komen ze op het spoor van de dader en vinden ze ook de werktuigen en het zeil waarin het meisje gewikkeld is geweest. Weer een uitgebreide beschrijving van hoe de moord gepleegd is. Als ze tenslotte de dader gevangen hebben, zitten we de hele dag in de verhoorkamer en horen we het hele verhaal nog eens uit zijn mond! Eerste keer en laatste keer was meer dan genoeg geweest.

En dan nog een SPOILER ALERT!

Het overkoepelende verhaal van die mysterieuze verdwijning in het verleden wordt niet opgelost. Als je de auteur het voordeel van de twijfel wilt gunnen, kun je denken dat ze ons net zo gefrustreerd wilde achterlaten als Ryan, en ons wilde laten voelen hoe het is als moorden niet worden opgelost. Maar als detective-schrijver ga je met je lezer een pact aan: ik geef jou een moord en samen gaan we hem oplossen. Jij puzzelt, ik heb alle stukjes. Zeker omdat ik het hele boek door het gevoel houd dat er iets niet deugt aan Ryan zelf, is dit een anti-climax.
Ik lees hier een mooie bespreking van de boeken van French (In the Woods is het eerste deel van de Dublin Murder Squad serie). Ze schijnt er wel bewust op uit te zijn de grenzen van het genre op te rekken. Toch nog maar een boek van haar proberen. Op naar deel twee!

Geplaatst in recensies | Getagged , | 8 Reacties

vieze mannen

Ik moet 's avonds geen meningen-teevee kijken, dan kan ik niet slapen daarna. Maar het gesprek van Eelco Bosch van Rosenthal met Steve Bannon wilde ik toch niet missen. Alsof je een natuurprogramma over enge beesten gaat zien om te weten waarvoor je moet oppassen in de outback. Want beesten zijn het, al die omhooggevallen #MeToo mannekes. Pokdalig, vies vet haar, nare bekjes, ijskoude ogen. Niet alleen Bannon maar ook Trump en Weinstein. Hoe ze in vredesnaam ooit zo omhooggevallen zijn is mij een raadsel.
In mijn verbijstering twoot ik dat ook. Kreeg meteen een goegemeente over me heen: iemand op zijn uiterlijk aanvallen, foei toch. Zelfs als de verpakking de lading dekt is dat niet geoorloofd.

Onze Eelco met zijn mooie blauwe ogen kreeg er nauwelijks een speld tussen, bij de Bannon. Als hij het al probeerde kreeg hij meteen het standaard-psychopatenverwijt: "You're whining!"
Ook in woordsalades bereiden was Bannon een meester. Geen antwoord geven op de vraag maar er zo omheen lullen dat de vraagsteller zijn eigen vraag vergeet.

Na afloop scrollde ik eens door de hastag #nieuwsuur. Wat me verschrikkelijk verbijsterde was de hoeveelheid bijval die Bannon kreeg. Ik ga steeds beter begrijpen hoe Hitler aan de macht is gekomen. Door de redeloze aanbidding van mensen op zoek naar iemand die de wereld voor ze inricht zodat ze zelf niet hoeven na te denken. Dat hele bevolkingsgroepen daarbij het loodje leggen zal hun worst wezen.

Psychopaten interviewen is eigenlijk geen doen. Ze glibberen overal tussendoor en maken hun aanbidders alleen maar meer overtuigd van hun macht. Het enige wat je kunt doen, als journalist en als Bezorgde Burger, is álles documenteren. Alle uitspraken opschrijven, alle aperte leugens mét bewijstlast vastleggen, en dit onafgebroken aan alle grote klokken hangen.

Ophouden met als "redelijk" nieuwsprogramma of "fatsoenlijke" krant een podium bieden aan deze monsters. Zij vinden hun podium zelf wel. Bied als integere journalist de feiten, laat geen gelegenheid onbenut om hun leugens en vuile streken te openbaren. Behandel ze niet als gewone mensen, want dat zijn psychopaten niet.
Het kwaad bestaat. Dat moet je niet willen normaliseren.

Geplaatst in tijdgeest | Getagged | 2 Reacties

Daniel Mendelsohn – An Odyssey: A Father, a Son, and an Epic.

Ik schreef al dat ik op aanraden van Tea van Lierop in dit boek begonnen was. Haar bespreking geeft een goede indruk van het verhaal.
Mij sprak het ook enorm aan doordat ik recent The Song of Achilles had gelezen, en dus alles wist van die zo verheerlijkte glorie van het sterven voor de verovering van Troje.

En de structuur was fantastisch. Dat is bij sommige boeken zó leerzaam. Ik plaatste pas nog een #schrijftiphella over de twee soorten verbeeldingskracht die een schrijver moet bezitten: de creatieve (voor de eerste versie) en de technische (om structuur aan te brengen en nadrukken te leggen). Mendelsohn is een kei in die tweede soort. Zijn verhaal – waargebeurd – krijgt reliëf en meerlagigheid door het qua structuur in te passen in de organisatie van de Odyssee. En passant krijg je daardoor ook heel wat tips voor goedwerkende verhaaltechnieken mee.

Zo noemt hij bijvoorbeeld "ring composition:"

In ring composition, the narrator will start to tell a story only to pause and loop back to some earlier moment that helps explain an aspect of the story he’s telling—a bit of personal or family history, say—and afterward might even loop back to some earlier moment or object or incident that will help account for that slightly less early moment, thereafter gradually winding his way back to the present, the moment in the narrative that he left in order to provide all this background. [p.35]

Een mooie manier om ervoor te zorgen dat een levensverhaal geen en-toen-en-toen-opsomming wordt, en om te bewerkstelligen dat het geen dun heldenverhaaltje wordt met een plot die alleen maar voorgrond kent.

Een term die ik niet kende was die van het nostos narrative [p 87] (gaat over thuiskomen, denk aan ons woord nostalgie). De Odyssee is natuurlijk een grote homecoming, en het gaat heel erg over wat thuiskomen inhoudt. Ik moet denken aan die uitspraak: you can't go home again.
Je kunt niet terugkeren naar wat eens 'thuis' was, want 'thuis' is veranderd en jij zelf ook. Dat heb ik gemerkt toen ik exexpat werd. En waaruit bestaan 'herkenning' als je iemand zoveel jaar niet gezien hebt?
Het gaat ook over Heldendom: hoe ziet een Held eruit als alle strijden gestreden zijn?

Kortom: een boek dat je doet nadenken over verschillende aspecten van leven en schrijven. Dat is wat mij betreft de definitie van een goed boek.

Geplaatst in recensies, schrijven | Getagged , | 1 reactie

ik ben hier te jong voor

als kleine vorkjes
harken zij naar zon te zijn
en wit te stralen

Geplaatst in schrijfveerhaiku | Een reactie plaatsen

over het beginnen van boeken en een zak drop

Ik lees vaak meerdere boeken tegelijk, zeker als ik een recensieboek heb dat me niet erg kan boeien. Het vorige boek – Orchid & The Wasp – begon wel mooi. De hoofdpersoon is dan nog een jong meisje dat uit alle macht probeert haar ziekelijke broertje te beschermen tegen pestende klasgenoten en onbetrouwbare ouders. Maar naarmate ze ouder werd kon het me steeds minder schelen hoe het met hen ging. Dat kwam denk ik doordat het boek tegelijk meerdere boodschappen wilde brengen, tegen het grootkapitaal en het gekonkel in de kunstwereld (iets wat door Siri Hustvedt vele malen beter is gedaan).

Toen las ik ergens dat er een nieuwe Nora Roberts uit was. Dat heeft op mij de werking van een zak drop: hoe gezond mijn voornemens ook zijn, ik begin er pas aan nadat die zak leeg is. En wat smaken die eerste dropjes verrukkelijk. Nora Roberts zet haar personages zo verschrikkelijk knap neer in de eerste hoofdstukken. We zien ze voor ons, we kennen hun motivaties en angsten en onderlinge relaties, we herkennen in iedereen wel iets, en als de bom dan ontploft is het medelijden en –leven groot.
Daar staat natuurlijk tegenover dat die dropjes uiteindelijk allemaal hetzelfde smaken en hetzelfde gevoel van misselijkheid en schuld teweegbrengen, waarna ik weer hartstochtelijk verlang naar een gezonde en veelsmakige salade.

Toen bracht iemand op twitter mij het boek Een Odyssee van Daniel Mendelsohn onder de aandacht. Een classicus en zijn oude vader reizen samen Odysseus achterna. Ik ben pas op een vijfde, maar het begin is al zó duizelingwekkend. Als oud-gymnasiastje ken ik de eerste regels van de Odyssee (nog maar twee hoor, geen tien meer). Andra moi ennepe mousa polytropon hos mala polla
De Odyssee is pas opnieuw in het Engels vertaald (voor het eerst door een vrouw), en toen las ik ergens online een hele verhandeling over dat woord 'polytropon.' Letterlijk betekent het 'vele richtingen' maar het kan zoveel meer impliceren.

"The prefix poly," Wilson said, laughing, "means 'many' or 'multiple.' Tropos means 'turn.' 'Many' or 'multiple' could suggest that he’s much turned, as if he is the one who has been put in the situation of having been to Troy, and back, and all around, gods and goddesses and monsters turning him off the straight course that, ideally, he’d like to be on. Or, it could be that he’s this untrustworthy kind of guy who is always going to get out of any situation by turning it to his advantage. It could be that he’s the turner."
"So the question," Wilson continued, "of whether he’s the turned or the turner: I played around with that a lot in terms of how much should I be explicit about going for one versus the other. I remember that being one of the big questions I had to start off with."

Maar Mendelsohn gaat nog veel verder. Hij betrekt het woord ook op de manier waarop het verhaal wordt verteld. Het cirkelt alle kanten uit, het is geen lineaire geschiedenis van punt a naar punt b, het bestaat uit tussentijdse uitweidingen die uiteindelijk weer terugcirkelen naar het verhaalheden, waarin Telemachus op zoek gaat naar zijn vader.

En zo vertelt Mendelsohn zijn eigen verhaal óók. Hij gaat als het ware op papier op zoek naar zijn vader. Het begint ermee dat zijn vader zijn colleges over de Odyssee bijwoont. Dat leidt tot de anekdote die zijn vader vaak vertelde over zijn Latijnse leraar op school, en waarom hij nooit aan de Aeneas toegekomen is (dat ultieme vader-verhaal). Dan weer naar het commentaar van de vader op de studiekeuze van zijn zoon.

Het duizelt me en tegelijk voel ik alle hersencelletjes vol vreugde aan het werk. Eigenlijk bizar dat die zak drop het toch elke keer weer (tijdelijk) weet te winnen.

Geplaatst in lezen, literatuur | Getagged , , , | Een reactie plaatsen