mateloze stilte


ik zit
voor een schilderij
van het koor van de kerk van Bozum

een kerk waar de stenen
zingen
van alle acht doorleefde eeuwen
waar schilderingen als kindertekeningen laten zien:
zo is het
niet anders
anders niets

en nu dit schilderij
volmaakt
stoffig licht op stenen
elke voeg, elke scheur,
zo is het
en niet anders
het perspectief licht overdreven
om de stilte matelozer
de kerk kerkser
kerker

adem stokt
ogen zoeken oren zoeken neus zoekt handen zoeken
lucht leven lawaai
schuimende kathedralen van Monet
wankelende kerken van Van Gogh
wentelend zonlicht op de zwarte vloer dat
elke dag elk jaar elke eeuw
mateloos méémaakt

tip: open afbeelding in nieuw venster en zet hem naast de tekst
schilderij van Henk Helmantel, gezien in Westeremden.

Geplaatst in gedichten, kunst | Getagged , | 1 reactie

Eeuwige Stad

Wat ik het mooist vind aan Rome? Al die lagen geschiedenis die naast elkaar en bovenop elkaar bestaan. Op de Via Appia zet ik mijn voeten waar meer dan twee millennia geleden ook al mensen hun voeten zetten, waar de sporen van de karren in de grote straatkeien staan zodat ik de wielen nog in de verte hoor ratelen. Ik telefoneer mobiel naast het Colosseum, ik stap uit de bus naast een kerk die uit drie heiligdommen boven elkaar bestaat, en die oorspronkelijk een Romeins woonhuis was, met inpandige waterbron. Mijn hand streelt de stenen, die ooit door een Romeinse huisvrouw met een boender zijn bewerkt, mijn ogen glijden langs verfijnd beeldhouwwerk dat ooit huis of heiligdom sierde. Ik denk: wat blijft er van onze tijd aan artefacten over? Al die digitale communicatie, al die digitale foto's van mij ... zullen ze ooit van ons iets lezen over tweeduizend jaar, zoals ik hier nu in een catacombe het grafschrift van een kind sta te lezen?

Wat ik ook fascinerend vind, is dat er een tweede Rome bestaat, vrijwel onzichtbaar vanaf de straat. Vanuit ons appartementje hadden we er zicht op, die tweede wereld van binnenplaatsen en dakterrassen. Op binnenplaatsen zijn extra huisjes gebouwd, en het dak daarvan maakt de tweede etage plotseling begeerlijk. Op daken zijn huisjes gebouwd, met dakterras waarvan je de planten soms over daklijsten ziet bloeien als je buiten, beneden, staat. Op die huisjes zijn kleinere huisjes gebouwd, met kleinere balkonnetjes. Je tafelkleed kun je niet uitslaan daar: kruimels en kaaskorsten belanden bij de benedenburen op tafel. San Clemente all over again en dat gaat maar door, we zagen het aan de overkant gebeuren. Bestaat er in Rome ook een zoning law zoals in New York?

Wat ik het mooiste vond aan Rome, was de beeldenexpositie La Ruta de la Paz van de Costa Ricaanse kunstenaar Jiménez Deredia.
Naast de brokkelige stenen van Colosseum en Forum waren ze neergezet, of liever: lagen ze, de grote, gladde vrouwenbeelden die getuigden van een eeuwige rust die wonderwel paste bij de eeuwige stad. Ik las ergens dat Deredia's beelden zijn voortgekomen – organisch, bijna – uit de mysterieuze stenen bollen die door heel Costa Rica zijn achtergelaten door de Boruca Indianen. Langzaam transformeerde de bol tot vrouw, en de vrouw draagt nog altijd die bol. Thuisgekomen met mijn vierhonderd digitale foto's ontdekte ik dat ik ze elke dag wel een keer had gefotografeerd. Steeds als we langs het Colosseum kwamen, kwamen we in de eerste plaats langs hen. Misschien was het wel dat: de Eeuwige Stad is toch voornamelijk van de mannen. Gladiatoren, senatoren, keizers, pausen en presidenten. Zo vrouw te zijn. Daar zo te gaan liggen, in diepe, zelfverzekerde rust, in de wetenschap dat het de eeuwige moeder is die alles mogelijk maakte.

Geplaatst in autobio, kunst | Getagged | 1 reactie

Schaamte en Vooroordeel


Ik weet niet waarom Australië mij zo fascineert, en waarom ik aborigine kunst zo prachtig vind. Als er hier les in gegeven zou worden, ging ik zeker een cursus volgen.
Dus bleef ik op een landerige zondagnamiddag hangen bij het bbc-programma Ray Mears Goes Walkabout, aflevering: Rock Art. Onder leiding van aborigine kunstenares Juju Wilson verkende Ray in de onherbergzame streek Kimberley de oeroude rotsschilderingen die daar bewaard gebleven zijn, en later in het programma waagde hij een poging om zelf een aborigine schilderij te maken, met natuurlijke kleurstoffen en in de stijl die al sinds de droomtijd toegepast wordt.
Ray ziet er uit zoals je je een Britse ontdekkingsreiziger voorstelt: bruine bergschoenen, avontuurlijke korte broek, donkergroen overhemd vol nuttige zakken, en een Australische bushhoed.
Juju spreekt zoals je dat verwacht van iemand die een kunstenaar is. Beschaafd stemgeluid (bij lange na niet zo plat als de gemiddelde Australische politicus), kennis van zaken en enthousiasme voor haar vak. Ze zitten genoeglijk in het rode zand te converseren, die twee. De camera volgt de dialoog, en daar knal ik met een rotklap tegen mijn eigen vooroordeel op. Bij mijn vorige post plaatste ik een afbeelding van de Venus van Hohle Fels, een beeldje van 35.000 jaar oud. Deze vrouw, deze Juju, maakte op mij ongeveer dezelfde indruk. Een oeroud, prehistorisch gezicht had ze, in mijn optiek. De donkere ogen boven die brede neus flitsten heen en weer zoals ogen van apen dat ook kunnen. Ik schaamde me steeds, elke keer als ik dat dacht. Ik schaamde me steeds opnieuw voor mijn verrassing zodra zij aan het woord was.
Ik weet dat ik niet op haar neerkijk, want ik bewonder wat ze doet, wat ze maakt, wat ze weet, hoe ze leeft. En toch en toch is er dat rare gevoel waar ik geen raad mee weet. Iets in mij kan haar stem en haar gezicht niet met elkaar rijmen. Ik ben bekrompener dan ik dacht.

afbeelding afkomstig van Artlandish Aboriginal Art Gallery.

Geplaatst in autobio, kunst | Getagged | 3 Reacties

De wijsheid van het lichaam.

Schrikkel schrijft:
" 'Verraderlijk,' zou een docente van de theaterschool zeggen: 'Als ik moet huilen om een stuk, vertrouw ik het niet. Dan hoeft het nog niet goed te zijn, het zegt iets over mij.' "

Kataklop kataklop, daar komt het stokpaard aan gegaloppeerd.
Want in deze uitspraak zie ik weer eens een sterk staaltje van het idee dat 'goed' een meetbare, wetenschappelijk aanwijsbare kwaliteit is. Als het ijzergehalte in spinazie, als de paardenkrachten van een auto: zo-enzoveel procent 'goed' zit er in dit boek, dit toneelstuk, dit gedicht.
Zelf vind ik er niets aan, ik vind het een dodelijk saai boek (toneelstuk, gedicht), het laat me volkomen onberoerd. Dat zegt niets, dat zegt alleen iets over mij. Het kan tegelijk een geweldig goed werk zijn. Waar is de 'goed'meter? Heeft Arjan Peters hem, of Arie Storm? Heeft Lodewick hem, of H. van Gorp, of -god verhoede- Bert Reesinck?
Zo eens per tien jaar lees ik een boek waarom ik moet huilen, van binnen of van buiten. Mijn verdriet is zo waar als het verdriet dat ik voel om een ziek familielid. Zegt dat alleen iets over mij? Moet elke instinctmatige, lichamelijke reactie op een boek gewantrouwd worden? Is alleen het dorre verstand met de ingeslepen vooroordelen om wat 'goed' is, te vertrouwen? Kan alleen de rede als graadmeter voldoen?
Zo kiezen wij dan ook onze geliefden en onze vrienden. We negeren de vlinders, we negeren het gevoel van onmiddellijk vertrouwen, of de vlugge gezamenlijke glimlach om dezelfde uitspraak. Lichamelijke reacties: bah! Gauw de 'goed'meter erbij. Hoeveel verdient hij? Wat heeft zij geleerd? Stemt hij wel op dezelfde partij als ik? Komt zij uit een fatsoenlijk milieu? Zijn ze geschikt? Welnee, ze zijn allang vertrokken.
Vogler heeft aan de derde editie van The Writer's Journey een hoofdstuk toegevoegd, getiteld the wisdom of the body. Het hoofdstuk begint met een citaat van Nietzsche waarmee ik nu eindig: "Er schuilt meer verstand in je lichaam dan in jouw beste waarheid." (Aldus Sprak Zarathoestra)

Geplaatst in literatuur, schrijven | Getagged | 2 Reacties

Heldenreis Kunstfoto’s

Photoshop is mijn grote hobby (schrijven is geen hobby meer, maar passie, werk, baan, zin-van-het-leven). Ik blader door gemaakte foto's tot ik een vind die me op dat moment aanspreekt. Geen schrijfveer maar een fotoveer, ik moet er iets mee doen.
Vaak laat ik –zoals dat moet bij schrijfveren- mijn handen het werk doen. Ze proberen alle verschillende knopjes van het programma uit, als mijn hart opveert laat ik het resultaat staan, vind ik het niets dan is control-z zo gedaan. Er ontstaan abstracte sprookjes of sprookjesachtige schilderijtjes. Ik zet poes tussen de vlinders of tover een zonsondergang om tot een magische grot.
Soms probeer ik bewust iets tot uitdrukking te brengen. Dat kan zijn als illustratie bij een gedicht – waarbij de ingrediënten dus aanwezig zijn – of als zelfstandig "kunstwerk." Tussen aanhalingstekens omdat ik niet weet of dit als "kunst" mag worden aangemerkt, zomaar wat zitten rommelen op de computer. Wat vinden jullie? Oordeel zelf op sjootz. (Zie het venster hiernaast)

Geplaatst in creatief | Getagged , | 1 reactie

Signeersessie!

Wat heet. In Heerenveen was het jaarlijkse multi-culti festival, en tussen al die kramen met heerlijke wereldhappen en feestelijke kralen en spiegels, onder het gedruis van wereldmuziek van hier tot Tokio of in elk geval Marrakech, zat ik aan een tafeltje met een stapel Brandsporen en wat folders. De zon scheen en de wind woei, en dus legde ik op mijn folders zo'n knalblauwe kristallen bol van Ikea. ("Oh, ik dacht dat u waarzegde.")
Tussen het slenterend winkelpubliek was een jongetje op skeelers met een gezicht uit Marrakech. Hij keek naar mijn bal, en hoorde in zijn hoofd moeders vermaning: "Kijken met je ogen, niet met je handen." Zijn ogen spraken begeerte, en met zijn handen omvatte hij de bal, zoals hij had gedaan als het had gemogen. Even stond hij stil op zijn skeelers, zijn handen aandachtig om de luchtbal.
Ik had leuke gesprekken met oudere dames ("Goh, ik wilde ook altijd schrijfster worden ..."), ik kreeg een heerlijk croissantje van de moeder van een vroegere klasgenoot, ik verkocht vier boeken, maar ik wist dat dat jongetje werd opgeslagen in de schatkamer waar de grondstof voor boeken wordt bewaard.

Geplaatst in schrijven | Getagged | 6 Reacties

Gure verbeelding

In hun "Manifest voor een riskante literatuur" (Trouw 230509) pleiten Erik Jan Harmens en Ilja Leonard Pfeijffer ervoor, dat dichters du moment dat iets gebeurt, de pen pakken, en de gruwel poëtisch aan de kaak stellen. Kennelijk is de vingervlugheid van Twitter en msn nu ook een poëtisch criterium geworden. Lilt het kanonnenvlees, dan trilt de gsm. Het moet gaan over nu, met de visie van nu, en de mening van nu. Overzicht of symbolisch verwoorden, achteraf in de stille schrijfkamer interpreteren, leidt tot irrelevante, ongecommitteerde stillevens. Appels en peren. Actualiteit en geëngageerdheid zijn de enige manier om de wereld te verbeteren.
En gij geloof dat?
Ik heb meer fiducie in reflectie, in wijsheid achteraf, gegaan door de zeef van het onbekookte oordeel en beland in die kookpot waar de ware wijsheid wordt gesmolten.
Poëzie moet de bijl zijn die mijn denken opensplijt, maar kan dat niet door mee te gaan in de actuele mode van de actualiteit. Die bijl kan alleen gescherpt aan wijsheid van eeuwen.
Geef mij maar Rilke, en gevoelens die de eeuwen doorstaan en overstijgen, lang nadat de namen van hedendaagse BN'ers uitgetwitterd zijn. En dan mag het gewoon over appels en peren gaan. Of over herfstblaadjes.

Herbsttag

Herr: es ist Zeit. Der Sommer war sehr groß.
Leg deinen Schatten auf die Sonnenuhren,
und auf den Fluren laß die Winde los.

Befiehl den letzten Früchten voll zu sein;
gieb ihnen noch zwei südlichere Tage,
dränge sie zur Vollendung hin und jage
die letzte Süße in den schweren Wein.

Wer jetzt kein Haus hat, baut sich keines mehr.
Wer jetzt allein ist, wird es lange bleiben,
wird wachen, lesen, lange Briefe schreiben
und wird in den Alleen hin und her
unruhig wandern, wenn die Blätter treiben.

Rainer Maria Rilke

Geplaatst in gedichten, literatuur, schrijven, tijdgeest | 4 Reacties

Lezers en minnaars

Ik probeer het wonderlijke gevoel te interpreteren dat me bevangt als ik gecomplimenteerd word met mijn boek. Vooral als de lezer heel precies benoemt wat hij er goed aan vond, voel ik me trillerig worden als een bakvis die vanuit de verte haar aanbedene heeft aanschouwd, en ziet hoe hij nu op haar toeloopt met een ja-zeggend gezicht.
Heel diep van binnen erkend en herkend worden, zo voelt het.
Heel anders dan positieve feedback op een zakelijk artikel, heel anders ook dan reacties op een gedicht. In het zakelijke artikel geef ik bloot wat ik weet en wat ik vind, het is de zelfverzekerdheid die rust op een besef van eigen kunnen. Dat is een bestaanszekerheid, een gegeven. Iets om dankbaar voor te zijn zoals je ook dankbaar moet zijn voor een gezond lichaam. Een bepaalde onkwetsbaarheid.
In het gedicht geef ik weer wat mij op dat moment aangrijpt. Ik ben een gelegenheidsdichter, het gaat me bij vlagen gemakkelijk af, en de reacties zijn meestal van herkenning. Het is een compact delen van een heel klein deel van mezelf. Bovendien is het gestileerd, het is de rauwe emotie voorbij.
Maar het boek, dat is wie ik werkelijk ben. Dat ben ik zelf, zonder maskers. Dat ben ik zelf, zonder harnas. Dat is de bloei uit de grond van mijn hart.
Dat maakt het zo griezelig, ik bied mij ter slachting aan, net als de bakvis die verkering vraagt. En het ja-woord schenkt een ongekend geluk.
Geplaatst in autobio, schrijven | Getagged | Een reactie plaatsen

Het Wilde Westen

Ik ben begonnen aan mijn boek over de Heldenreis. Omdat ik wil dat het zo weinig mogelijk lijkt op Campbell en Vogler, probeer ik Nederlandse voorbeelden te verzamelen, in films en boeken. (Suggesties zijn van harte welkom!)
Ik dacht dat De Overgave van Japin misschien wel een goed voorbeeld zou zijn, en ben het nu aan 't herlezen. Overal waar ik een Oproep tot Avontuur, een Mentor of een Drempelwachter ontwaar, plak ik een sticky. Het blijft een grandioos boek, maar oplettend lezen is toch anders dan genietend lezen. Vooral 's avonds laat wil ik dan nog even iets simpelers. En opeens dacht ik aan een nooit gelezen Sintcadeau voor dochterlief: The complete works of Laura Ingalls Wilder. Toenou, jeweetwel, Het Kleine Huis op de Prairie.
En wat blijkt? Het is een schitterende aanvulling op De Overgave. Ik lees de huishoudelijke achtergrond van de grootdoekige dramatiek van Granny Parkers leven, de praktijk van beren en poema's, van eenzaamheid en honger, en ervaar de simpele heldinnenmoed van die vrouwen, om elke dag opnieuw op te staan voor steeds weer die onontkoombare klussen om eten en schone kleren te verschaffen. Terwijl Laura met Pa en Ma en zusjes over de prairie trok, leidde Quanah Parker (Granny's kleinzoon) zijn laatste aanvallen op de kolonisten in Texas.

(afbeelding vlnr: Cynthia Ann Parker, Carrie, Mary & Laura Ingalls, Quanah Parker)
Geplaatst in recensies | Getagged , , | 5 Reacties

Honderd Valkuilen The Book

Het boek Honderd Valkuilen is klaar, geprint, en ingepakt om op te sturen naar uitgeverij Augustus, om opgenomen te worden in de schrijfbibliotheek. Tenminste ... dat is het doel waarnaar wij streven!

Geplaatst in schrijven | Getagged | 3 Reacties