zeg ja tegen je angst

zeg, zo'n bierkaai hè,
hoe weet je eigenlijk of
je hebt gewonnen?
Geplaatst in schrijfveerhaiku | Een reactie plaatsen

humans of New York and elsewhere

Zo goed als Humans of New York word ik nooit, dan moet je er wonen, en minder moe zijn. Maar af en toe heb ik toch een leuk exemplaar van het menselijk ras weten te kieken. Ik raakte niet op ze uitgekeken. Als je zo met z'n miljoenen op een eiland woont, moet je wel iets doen om anders te zijn. Anders - zo stel ik me voor - kun je je op sommige dagen maar moeilijk voorstellen dat je bestaat.
Iedereen had wel iets bijzonders om te laten zien: dit ben ik, en alleen ik. Feestelijk gelakte nagels, een onophoudelijke tatoeage, een bruidsmoederjapon op maandagmorgen, met bijbehorende hakken, kolossaal hoge hakken - ergens zagen we een reclamebord: New Yorkers, ze zullen over je geloof niet oordelen, maar wél over je schoenen! Rastavlechtjes, haarbouwsels, keppeltjes met 5 haarklipjes aan de laatste restjes haar geklemd, hondjes als mode-accessoire in dito tas, een koffer-, tassen- en beautycaseset in Laura Ashley bloemetjes, een droombeeld dat mislukte, behalve in het hoofd van de droomster, een African Queen, een mannelijke African Queen, mensen mensen wat een mensen.
Wat een kleurrijke verzameling, ik kon niet anders dan ze liefhebben én heel ver weg wensen.

Geplaatst in autobio | Getagged | 1 reactie

all along the water tower

Ik ben verrast als ik zie dat er tussen mijn foto's zoveel zitten van de watertanks die je op bijna ieder New Yorks gebouw ziet. Ze fascineerden me, door hun rechtdoorzeese nuttigheid, hun vormvastheid, hoe hip of antiek het gebouw dat ze dienden ook was. Ik ben een watertank, men bouwt mij het meest efficient van cederhout, en zo zie ik er al meer dan honderd jaar uit: deal with it.

De basis van het leven, het meest noodzakelijke ingrediënt van schoon en fris met z'n anderhalf miljoenen op een schiereiland van 59.5 km2 wonen. Dat zijn 27.267 inwoners per km2 (ter vergelijking: de dichtstbevolkte gemeente van Nederland, Den Haag, heeft 5.794 inwoners per km²).

Tussen al dat glanzende staal en glas, tussen al dat kunstige metselwerk, lijken de watertorens wel ruimtescheepjes, buitenaards in hun aardsheid. Vandaar deze fotografische Ode aan de Watertoren.

Eindeloos zitten vogelen hoe ik twee plaatjes naast elkaar kon zetten. Kijk hier! Ik heb table border op "0" gezet omdat ik lijntjes niet mooi vind.

Geplaatst in autobio | Getagged | 6 Reacties

zelf citaten schrijven

Ik kreeg het verzoek om een stuk te schrijven over het verzinnen van spreuken. Zelfgemaakte inspirerende citaten, zeg maar. Want het is wel creatief om een bekend citaat van een fraaie omlijsting te voorzien in de vorm van een collage / steen / doos / fotoshopfoto, maar het wordt pas helemaal van jou als het beweerde ook van jou is.
Nu zijn de meeste citaten op citatenverzamelingen afkomstig uit grotere teksten van grotere schrijvers en denkers, of uit interviews met hen. Sommige citaten zijn zo geliefd dat er een beroemde naam aan vastgeknoopt wordt om ze gewichtiger te doen schijnen.
Het is dus niet zo dat de Mark Twains en Julia Camerons van deze wereld gaan zitten en denken: nu ga ik eens iets wijs' verzinnen over … creativiteit. Schrijven. Het leven. Nee, ze schrijven en spreken voor 't lieve vaderland weg (Mark Twain schijnt gezegd te hebben, al heb ik het nergens kunnen terugvinden, dat hij zijn inspiratie om te schrijven uit paprika haalt) over onderwerpen die hen aan het hart gaan, en dan is er af en toe een zin die als een briljante bloem opeens álles in zich draagt waar het stuk over gaat.
De beste manier om zelf citeerbare zinnen te produceren lijkt mij dan ook: schrijfveren doen.
Nu lijken mijn schrijfveren vaak te gewoontjes. Liefst zou je natuurlijk al willen beginnen met fraais als … creativiteit. Het leven. De dood. Het doel, de bron, verbinding, liefde. Maar waarschijnlijk vloeien er dan alleen cliché's uit je pen, dingen die door anderen al veel mooier gezegd zijn, zo'n citaat dat oplicht in het donker en eindelijk duidelijk maakt wat onzegbaar in je geest rondwoelde. Maar als je schrijft over schijnbaar 'gewone' onderwerpen als - eens kijken, wat hebben we deze maand - schepje, emmertje, vormpjes, een ronde tafel, het vergt meer moed om te wachten, een kind hoort niets - dan verras je jezelf met je wijsheid. Als je schrijfveren doet en al in je achterhoofd hebt dat je een Mooie Zin zoekt, dat dient die zich wel aan. Je kunt van de schrijfveer ook een prozagedicht maken, iets met korte, ritmische regels. Als je maar laat komen wat komt. Je eigen wijsheid.

Geplaatst in schrijfveren, schrijven | Getagged , | 7 Reacties

New York, why?

Ik wilde al naar New York sinds de fascinerende wolkenkrabbercolleges van Thomas Skyward Trend of Thought van Leeuwen. Maar toen we koud twee maanden in Amerika woonden, gebeurde 9/11 en was de lol er voorlopig af.
Iemand vroeg pas: wat vond je nu het allermooiste daar? Dat waren toch de skyscrapers, heel dat surrealistische woud van stenen torens dat door lijkt te groeien waar je bij staat, al die verschillende stijlen en opvattingen, die mythische proporties, dat hele Delirious New York waar Rem Koolhaas zo'n prachtig boek over schreef.
Ik bleek veel te hebben opgeslagen van de kennis die ik 25 jaar geleden opdeed, zoveel indruk had het blijkbaar gemaakt. En toen ik de eerste ochtend met m'n jetlag op het Empire State Building stond kon ik een gevoel van ontroering niet ontkennen.
Nog mooier was het trouwens vanaf Top of the Rock (bovenop het Rockefeller Center) vanwaar je de Vampire als een koning zo statig boven de mindere goden uit zag steken. We bleven er tot de lichtjes aan gingen en het sprookje compleet was.
Ook vanuit de verte ontroerde de skyline me. Vanaf het eerste metrostationnetje waar we het zagen als een silhouetje in een snowglobe, tot de pracht vanaf de boot naar Liberty Island: zo lijkt New York nog altijd het beloofde land waar de arme, vermoeide massa de vrijheid vermoedt.
Wat onzin is, dat weten we allemaal. Het is mij een raadsel hoe een gewoon mens zich in het steendure New York in leven houdt.
Maar als een verzameling megalomane uitgekomen dromen is het onovertroffen.

Geplaatst in autobio | Getagged | 4 Reacties

Hoe eet je een Big Apple?

We hadden een appartementje zodat we ook eens thuis konden eten. Maar het keukentje was piep, en het idee om nog wat graden hitte toe te voegen lokte niet. Wel hadden we een fantastisch supermarktje dichtbij met kant-en-klare salades, dips en ander handig eten.
Tussen de middag aten we regelmatig een chicken chipotle sandwich bij de Pret met een sloot verrukkelijke ijsthee erbij (echte sterke ijskouwe thee, wat had ik dat gemist!). Heerlijk was ook de pretzel gevuld met feta en spinazie bij Barnes & Noble, extreem onbetaalbaar maar wel redelijk waren de opschepdingen bij de musea, bij een bageltent had ik een goeie ciabatta met veel. Het lekkerste tussendemiddagbroodje was een "panini" in Greenwich Village, leek nog het meest op een met pittige kip gevuld pitabroodje, geserveerd met superhete salsa en tacochips.

Uitgesproken smerig daarentegen was een pretzel aan een van die miljard stalletjes langs de weg, en ook aten we ergens een clubsandwich die smaakte alsof hij eergisteren met bedorven vlees was klaargemaakt.
Voor 't diner aten we soms thuis - doodmoe - onze sprokkels van de supermarkt. Ook vulden we een paar keer een slabak bij de Wholefoods om die als een rasDamzitter op Union Square tussen de hipsters op te eten.

We hebben twee keer met fraai uitzicht op de Brooklyn Bridge gegeten op Pier 17. Het duurst maar vanwege de locatie alleszins de moeite waard was het diner in het Rockefeller Center. Daar écht te zijn voelde als een droom.
Het grootste fiasco was Eataly, met veel bombarie aangekondigd als hot, happening en heerlijk, mét het mooiste uitzicht op het Flatiron Building. Wij meldden ons bij de kassa, en gingen toen in het plantsoen op een smsje zitten wachten. Nu is dat in New York geen straf, overal passeren de boeiendste exemplaren van het mensdom. Na een uur het verlossende piepje: we mochten erin!

Op het dak was het een pokkeherrie. Het was er te druk om zelfs maar te proberen bij een rand te komen waar je het Flatiron zou kunnen zien. De menukaart was zo exclusief dat er uitsluitend pretentieuze biertjes en noordItaliaanse spekgerechten op stonden. Ik voelde me doodongelukkig. Gek wat voor mechanisme er dan in werking treedt: je wilt geen spelbreker zijn, je wilt niet toegeven dat je Hip & Happening Haat want hoe vijftig ben je dan, je barst van de honger (het was inmiddels half 10) en je bent er intussen wel achter dat New York wel never sleeps maar dat de meeste eettenten al lang dicht zijn, manman, hoe moeilijk is het dan om te zeggen: "Wat een klotetent hier en wat een belachelijk eten, doe normaal met je authentiek, zijn jullie wel ooit in Italië geweest? Denk je daar ze daar zo'n lawaai schoppen tijdens het eten en het mooie uitzicht aan het oog onttrekken?" Ik schoot terug in een gevoel van onzekerheid en verlegenheid, en slaagde er maar met moeite in om op te staan en weg te gaan.
Het enige wat nog open was, was de MacD. Een gore hamburger en een ijsthee die naar chloor smaakte. Nee, dat was niet de beste avond.

Die kwam gelukkig nog.
Het gezelligst hebben we gegeten op een terras in Little Italy, eindelijk echte grote raviolen, met veel saus en sla, #nomnom. Verrukkelijk (en supergezellig vanwege losbarstende donderbuien) was het ook bij de Indiër vlakbij Central Parc. Echte mensen en echt eten, wat een genot.

Geplaatst in autobio | Getagged | 4 Reacties

New York voor zeikerds

Jullie weten het: ik ben een zeikerd eerste klas. Waar ik ook ben, de eerste zoekende blik geldt de aanwezigheid van plees. En dan is Amerika zo'n gezegend land. Overal wc's en altijd gratis. Wanneer dringt het eens tot de Nederlandse detailhandel door dat je je klanten (en zeker uitgeefgrage dames van zekere leeftijd) oneindig veel langer in je winkel houdt als ze er kunnen plassen?
Zo plaste ik bij Bloomingdale's en Macy's, bij de Pret en de MacD (geen aanrader) en bij alle musea en bezienswaardigheden.
Nu hebben Amerikaanse wc's een ding tegen: bij het aanleggen van de loodgieterij bleef nooit genoeg geld over voor deuren en slotjes. Deuren reiken slechts van knie tot oksel en de minimale afstand tot het kozijn is 2 centimeter, een afstand die het slotje met zijn piemeltje van 2.1 cm meestal ternauwernood overbrugt. Vooral als je je tas aan het wrakke haakje hangt, wil de deur nogal eens spontaan openzwaaien. Als je je naar het vrijgekomen hokje begeeft, zou je diverse dames in diverse staten van ontkleding kunnen observeren. Maar je loopt zoals een dame betaamt: niet omkijken.

Bijzonder was de plee in China Town. Daar was het allemaal net iets minder welvoorzien, en de nood werd hoog. Aangelokt door het gemauw van Chinese muziek begaven we ons richting park. Daar was het een drukte van belang: muziek, spelletjes, kletsen, roken, half China zat er in het struweel. In het pagoda-achtig bouwsel waren toiletten. Yay! De vieste die ik ben tegengekomen, maar ze waren er toch maar.
We hebben het ontzaglijk heet gehad, en hoeveel ik ook probeerde te drinken, op een dag was het mis. Het was zondag, we wilden naar Liberty Island maar er was een blakerende wachttijd van 2 uren, ik werd al ziek bij het idee, ik werd echt ziek.
Shit. Goeie ouwe vijand blaasontsteking.

En dan is Amerika echt een wonderland. Apotheken zijn allemaal open, en bij een aantal is er een dokter aanwezig. Ter plekke kun je je plasje laten onderzoeken en een antibiokuur voorgeschreven krijgen. Het kost wat, maar dan heb je ook wat. New York is een aanrader voor zeikerds.

Geplaatst in autobio | Getagged , | 3 Reacties

New York bestaat niet

New York bestaat niet. Je dénkt dat het bestaat. Of liever: je weet hoe "New York" er in essentie uitziet: een bos wolkenkrabbers als spaghetti in zo'n hoge bus. Liefst nader je die vanaf zee, via het Vrijheidsbeeld, en even later sta je ertussen, in die duistere canyons tussen mensgemaakte rotswanden. Met een lift zoef je naar de top van de hoogste, en daar zie je de luchtfoto zoals je hem kent: overal gebouwen met in het midden dat wonderlijke natuurreservaat dat Central Parc heet, en hier en daar bruggen naar het vasteland van de rest van Amerika, waar ze verder gewoon natuur hebben en clapboard huizen.

De omgeving van Wall Street, en de omgeving van het Vampire State Building (waar logeert Dracula als hij in New York is?) voldoen aan het New York-icoon in je hoofd. Maar wij zaten in Harlem. (In Central Parc is een Harlem Meer, dat terzijde.) Brownstones (zoals je ze misschien nog kent uit de Cosby Show) en vrijwel geen witneuzen. Om het andere huis een enorme kerk, op straat de ene lieve levensredder na de andere (Jesus loves ya, sistah), en het ene na het andere negotietje, in een winkel of een stalletje langs de weg. Ook daar gewoon een Fifth en een Madison, maar met een geheel ander uiterlijk.

Als je via de buizenpost van de metro onder de stad doorzoeft, heb je geen idee waar je als een molletje weer het daglicht zult zien. Het kan een Latino wijk zijn waar opeens alles in het Spaans gaat, een Parijs aandoend wijkje met een Verdi-standbeeld in het plantsoen, de Henry James-achtige glorie van Washington Square, de wriemelige drukte van China Town,

het verbazende zen-groen van de grassen op de High Line, midden tussen de vervallen fabrieksgebouwen en stokoude apartementenkolossen, of Union Square dat herinnert aan de Dam in zijn gloriedagen.
New York is geen stad, het is een belevenis.

Geplaatst in autobio | Getagged | 1 reactie

Grote Appel

Schrijven over New York, waar begin je dan?

Geplaatst in autobio | Getagged | 6 Reacties

schrijfveerhaiku

de geestdrift

hier strandt de geestdrift
en spoelt enthousiasme aan
bij vallend getij

Geplaatst in schrijfveerhaiku | Getagged | 2 Reacties