Boven is het stil

Ik had met opzet geen recensies gelezen (behalve een algemeen artikel over de streekroman, "Schrijver zoekt Boer" door Rob Schouten, Trouw, 160208).
Ik was onder de indruk, al tijdens het lezen, en ik was al over de helft toen ik me opeens realiseerde wat er zo bijzonder aan is. Het verhaal wordt verteld door een ik-verteller, Helmer van Wonderen, die in de tegenwoordige tijd verslag doet van wat er gebeurt. Niet veel bijzonders, zo op het oog. Zijn oude vader is op sterven na dood, en Helmer moet alleen de boerderij runnen. Af en toe blikt hij terug, en komen we voorgeschiedenis aan de weet: Helmer heeft een tweelingbroer gehad maar die is verongelukt, en toen moest Helmer tegen zijn zin boer worden. Doodeenvoudig verhaaltje. Helmer doet verslag in woorden die een kind na twee jaar leesonderwijs zou kunnen lezen, hij zou elke zin begrijpen. Wat maakt dit boek dan toch zo bijzonder? Hoe kwam het dat ik al lezend een broeierig soort van ademloosheid begon te voelen, terwijl er zo weinig gebeurde? Hoe bewerkstelligt een schrijver dat?
En ik realiseerde me dat hij met uiterste consequentie een vertelperspectief hanteerde dat je doorgaans alleen tegenkomt bij een alwetende verteller: dat van het 'camerastandpunt.' Helmer vertelt uitsluitend wat hij kan zien of kan horen, wat hij waarneemt of wat waarneembaar is voor andere aanwezigen. Geen moment maakt hij ons deelgenoot van overpeinzingen, overwegingen, twijfels of ander innerlijk geroer. Waar een normale ik-figuur gaat piekeren ("kan dit wel? moet ik dit wel doen? wat voel ik eigenlijk?") zegt Helmer niets meer dan "De zon scheen op zijn nek."
Ademloos las ik verder.

(maart 2008)

Geplaatst in recensies, schrijven | Getagged , , | Een reactie plaatsen

leeservaringsverhaal

Voor mij is een recensie een leeservaringsverhaal. "Echte" recensies laat ik graag over aan "echte" recensenten of aan de fanatieke lezers bij wie ik heel wat leestips opdoe. Soms ben ik zo onder de indruk van een boek dat ik als een schrijver probeer te analyseren hoe het gedaan is. Boven Is Het Stil, was er zoeentje. Soms spuit ik gewoon mijn gram omdat een boek ten onrechte een bestseller is.
Nu weet ik nog niet wat ik ga vertellen. Ik heb twee boeken gelezen, en wat een verschil in leeservaring. Over het eerste deed ik bijna een maand. Ik verheugde me erop om 's avonds weer in die wereld te duiken. Ik was echt verdrietig toen hoofdpersonen het loodje legden (niet met getrokken tranen maar met een diep meeleven). Ik genoot van de stijl – het was alsof er een ruwhouten kerel bij mij aan de keukentafel zat en alles vertelde. Ik genoot tegelijkertijd aan de buitenkant van het verhaal, daar waar je ziet wat de schrijver aan 't doen is, hoe hij het doet. De hoofdpersoon wordt schrijver, en laat zien hoe de schrijver van dit boek dit boek heeft geschreven – of is het toch het schrijverspersonage? Een avonturenroman in de beste zin van het woord, en tegelijk metafictie. Dan ben je een grote, denk ik. Zijn laatste boeken konden me wat minder bekoren, maar Last Night in Twisted River was weer een van John Irvings beste.
Zaterdag had ik het uit, en gister begon ik dus aan een nieuw boek. Een tussendoortje. Ik had al eerder een boek van haar gelezen, dit was een vroeger werk, maar het bleek over dezelfde politiemensen te gaan. De stijl was hetzelfde (niet briljant). Ook de structuur van het verhaal was hetzelfde. Jonge moeder in het nauw: hoofdstuk in tegenwoordige tijd en ik-vorm (datum erboven). Politiemensen aan het werk: verleden tijd en derde persoon. Datum loopt een week voor op de ik-vrouw. Structuur technisch zo doorzichtig als een telefoon model Delft. Spanningstrucjes. Ik lees door omdat ik wil weten hoe het afloopt, en omdat ik wil weten of de politie het oplost. Ik blijf doorlezen tot zondagnacht half 2 en val heerlijk in slaap.
Een knap kunstje, Little Face van Sophie Hannah. Als leeservaring een 10 voor special effects. Maar kon de dood van wie dan ook mij maar iets schelen? Neuh.
Dat is het verschil in leeservaring tussen een echt boek en een tussendoortje.

Geplaatst in lezen, recensies | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

maar hou toch je mond


ja je hebt gelijk
en ja je weet het beter
vredige stilte

Geplaatst in schrijfveerhaiku | 1 reactie

waar we ooit liepen


vandaag liep ik er
waar we ooit zeker wisten
dat we nooit – en toch

Geplaatst in schrijfveerhaiku | 1 reactie

een gewelddadig trekje


net als ik denk: hij
houdt van mij, mauwt om mij, klauwt
hij mij tot bloedens

Geplaatst in schrijfveerhaiku | Getagged | 1 reactie

vals spel

de geest uit de fles
raakt het oudste van mijn ziel
en weer geen verweer

Geplaatst in schrijfveerhaiku | 2 Reacties

Schrijfveer: over het maken van een omweg


het was de schrijver die
het ongewetene begon te formuleren
de innerlijke mens gestalte gaf
ver voor de uiterlijke mens begreep

langs die omweg werd ik
mij
pas achteraf valt vast te stellen
dat de omweg nodig was
om het doel te herkennen

Geplaatst in autobio, gedichten, schrijfveren | 2 Reacties

levensmetafoor


Meesterwerk

Ik zou mijn leven graag als een Heldenreis zien, een grote voor mijn hele leven, met vertakkingen van kleine Heldenreisjes: leren lopen, leren lezen, leren liefhebben, leren scheiden. Mijn innerlijke bibliothecaresse houdt ervan als alles in één schema past, catalogiseerbaar, rechtgezet en aangeschoven, niets kwijt. Maar zo overzichtelijk is het leven niet. Sommige reizen spelen zich af in een labyrint. Soms wordt het labyrint halverwege de reis opgeblazen zodat ik op een kale vlakte sta, die ik moet doorkruisen om weer op mijn hoofdweg uit te komen. Daar geloof ik wel in, dat er een hoofdweg is, en dat ik die eindelijk teruggevonden heb. Hele stukken ervan heb ik niet bereden of gelopen, toen was ik ergens anders, met een andere zoektocht bezig.
Ik houd ook erg van collages maken, en daarvoor leent dit leven zich geweldig. Ik zou wel een kolossaal doek nodig hebben. Daarop zou ik de grote Heldenreis als cirkel weergeven, met turquoise voor de bovenwereld, en diep paars voor de onderwereld, waarin ik langzaam mezelf leerde kennen en worden. Ik zou de weg willen schilderen als een cartoon-achtige asfaltweg, met witte strepen langs de kant en een onderbroken lijn in het midden. In de berm zou ik bloemen en bomen en dieren tekenen. Giftige en weelderige, karkassen en dooie bomen, tere bloempjes en onbeheersbare klimop.
Er zouden veel aftakkingen zijn, van die zwart-witte asfaltweg. Kleine doelgerichte Heldenreisjes: alle vaardigheden die ik me heb eigengemaakt. Eigen in de zin van: altijd handig en nuttig, nooit weer afgeleerd. Lopen, fietsen, lezen, schrijven, koken, poetsen.
Er zijn ook roze wolken langs de weg: kalverliefde, wittebroodsweken, kraambed. Verrukking vanwege het bestaan van een ander mens, niets meer te wensen zo gelukkig.
Dan al die labyrinten. Een labyrint is niet hetzelfde als een doolhof, je kunt er niet verdwalen, je moet alleen een veel langere weg afleggen dan hemelsbreed nodig was. Het doel ligt vlakbij de bron, maar er zijn geen kortere wegen. Het labyrint dat mijn huwelijk bleek te zijn. Het labyrint dat mij de weg wees naar mijn beroep.
Doolhoven waren er ook. Daarin verdwaalde ik. Lichamelijke en geestelijke gezondheid waren soms ver te zoeken, ik dwaalde en dwaalde maar, door lichtloze gangen tussen vochtige, heel donkerbruine bakstenen muren. Daaruit is geen uitweg. Tenminste, zo lijkt het. Tot ik omhoog keek, de sterren zag, en de muren wegsmolten als leem onder een regenbui.
Er waren bomen om in te klimmen, rivieren om niet in te verdrinken, er waren halfvolle en halflege glazen, voortdenderende treinen, meditatieve kralenkettingen, fotoalbums.
En om die grote cirkel, met de vertakkingen die daaruit als bloemen ontsproten, schilderde ik de zee, waarop de schepen van mijn verlangen koers zetten naar mijn diepste wensen, grote statige oude houten schepen met heel veel strakke zeilen. Sterren, zonnen, maansverduistering. Regenbogen, sneeuwkristallen, watervallen.
Ik zie mijn leven als een levensgroot schilderij waarop alles bijdraagt tot grotere schoonheid van het geheel, ook de lelijke, bloedige dingen. Ik krijg er nooit genoeg van: soms alleen door te kijken, soms door er hard aan te werken. Soms door er nieuwe dingen bij te schilderen, soms door oude versleten vlakken opnieuw in te kleuren. Overschilderen gaat niet, maar verbeteren wel. Als ik doodga, is het klaar, en trek ik het doek aan als een veelkleurige mantel, die alleen mij past, en die ik eeuwig dragen mag.

Geplaatst in autobio | Getagged | 3 Reacties

veer: schrijf over theelepeltjes

jij spaarde ze, wij
dachten aan je in het land
dat jij nog niet had

Geplaatst in schrijfveerhaiku | Een reactie plaatsen

schrijfveer: taalspelletjes

noemt de een waarheid
voelt de ander verbale
mishandeling - stil

Geplaatst in schrijfveerhaiku | 1 reactie