249 – de appelgaard (2)

Ook ik slaakte een kreet, sloeg een hand voor mijn mond. Op de plaats van Roosma's benen waren een soort harige, houtige, bruine stronkjes gekomen. Appelsteeltjes, appelstelen. Oh, mijn prinsesje …
In diep medelijden nam ik haar in mijn armen en wiegde haar heen en weer.
Wasijma sloeg haar ogen op, keek onze kant uit en sprong overeind.
"Grote Hemren, wat is dat?" vroeg ze, ademloos van ontzetting.

Vlak achter ons klonk een antwoord. "Gebruik zijn naam hier niet!" Er stapte iemand vanachter de stam waar ik tegen geleund had. Een mager, half doorzichtig meisje met net zulke benen als Roosma. Ze kwam bij ons staan en zei: "Ik ben Erma, gaardvrouwe van de verbergers." Ze stak een hand uit naar Roosma en trok haar verrassend gemakkelijk overeind. "En jij?"
"Roosma," zei Roosma.
"Wie zo de gaard bereikt, moet hier blijven. Na een groot aantal maanjaren – soms wel twintig – komen de eigen benen terug. Dan zorgen we dat je kunt ontsnappen naar Ukufila. Tot die tijd zorgen we hier voor elkaar en voor de bomen, de appels. En we bottelen Graysaflu voor de verzetters." Hier keek ze mij aan.

"Maar ik moet … de Rots … ik mag niet …" stamelde Roosma.
Erma keek haar meewarig aan. "Je hebt nu niets meer te willen," zei ze. "Alles wat je tot nu toe voor waar aannam is hier van geen belang. Je benen die zo dienstbaar waren aan het hogere hebben hier besloten dat het genoeg was. Je moet nu opnieuw leren lopen, opnieuw leren denken."
"Maar Yima dan? En Wasijma?"
"Zij moeten terug naar de Heerweg. De reis is voor iedereen anders."
Ik vroeg: "Wat doen de verbergers?"
Erma zei nogmaals: "We bottelen Graysaflu voor de verzetters. Je hebt gezien dat niemand dat zelf kan. Met deze benen kunnen wij in het water staan."

Dit bericht is geplaatst in feuilleton met de tags . Bookmark de permalink.

2 Reacties op 249 – de appelgaard (2)

  1. Ferrara schreef:

    Hella, ik ben echt met stomheid geslagen, hoe bedenk je het. 'Met deze benen kunnen we in het water staan.' Wat een vernuftige vondst van je. En wat ligt er veel besloten in de laatste alinea. Petje af!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.