165 – Kuuksi leeft?

"Toen jullie weg waren, heeft Otta je kat opgeraapt. Wonder boven wonder was ze niet dood. Otta heeft haar verzorgd, ze was zó lief voor dat beestje." Blufam wilde met haar geschonden hand over haar ogen wrijven, snel trok ik hem weg.
"Kuuksi leeft?"

"Ik hoop het," zei Blufam. "Op een gegeven moment was ze zo ver opgeknapt dat ze een beetje buiten kwam scharrelen. Net op een moment dat Morfam langsliep. Meteen commentaar natuurlijk, zo van: heb jij je werktijd aan dat beest besteed? Otta antwoordde niet. Ze wilde Kuuksi oppakken maar die ontsnapte en liep de wei in. Morfam er achteraan, ze riep naar boven: Tikman! Ik zat op het dak, ik zag hem verschijnen. Met pijl en boog. Ik riep Otta, zij rende achter de kat aan, Tikman mikte, schoot mis, Hemrenzijdank, maar toen …"

Ze moest even op adem komen. Of zichzelf bij elkaar rapen. Of wat een mens ook moet doen om verschrikkingen onder woorden te brengen.
"Hij riep een uil. Een grootuil."
Ik dacht aan wat Pauma had gezegd, destijds op Schorre Clif. Dat de grootuilen nog nooit een mens kwaad hadden gedaan. Ik voelde nog die verrukking van het zweven door de lucht.
"Weet je hoe groot ze zijn?"
"Ja," zei ik.
"Hij zette zijn klauwen in Otta's schouders, ze schreeuwde, hij vloog met haar omhoog, cirkelde rond, en op een teken van Tikman liet hij haar vallen. Midden op de wei. Een doffe klap. Dood.
Letifam rende naar haar toe, knielde bij haar neer. Nu schoot Tikman wel raak."

Ik nam haar in mijn armen en huilde met haar mee.
Waarom? Waarom?
"En waarom zit jij nu hier?" fluisterde ik.
"Die avond kwam Burman. Zijn moeder en zijn zus lagen in matten gerold op de wei, hij wist nog helemaal niet wat er gebeurd was. Ik riep hem bij me, ik moest het vertellen. Je moet weg, zei ik tegen Burman, je moet nu de stad uit. Ik had nog een flesje Graysaflu, ik heb het hem helemaal laten opdrinken. Toen hij haast helemaal doorzichtig was, kwam Kuuksi binnenwandelen. Hij pakte haar op en wilde met haar de weef uitlopen. Maar natuurlijk stond Morfam weer op het goede moment bij het hek, zij zag alleen de kat en begreep wat ze zag. Kuuksi viel haar aan, wat is het toch een heldhaftig beest!"

Dit bericht is geplaatst in feuilleton met de tags . Bookmark de permalink.

7 Reacties op 165 – Kuuksi leeft?

  1. Lianne Hartman schreef:

    Zo ontzettend wreed. ik leg eigenlijk nooit een verhaal opzij omdat het te heftig is, maar bij deze deed ik het ergens halverwege wel. Tranen rolden over mijn wangen.
    Het verhaal grijpt me echt aan.

    • Hella schreef:

      dat hoor ik natuurlijk graag, maar tegelijk moet het ook weer niet zo heftig zijn dat je niet door wilt lezen
      ik ga er in de nieuwsbrief een stukje aan wijden

  2. Ferrara schreef:

    Wat ik had gehoopt is dus waar Kuuksi leeft nog.
    Ik ben dus niet de enige die het wel eens te heftig wordt. Ik ben zo onderhand heel nieuwsgierig waar deze gruweldaden uiteindelijk toe leiden.

  3. Wel heel fijn dat Kuuksi waarschijnlijk nog leeft, want Kuuksi is uiteraard mijn favoriete personage.

  4. Elly van Doorn schreef:

    Ik lees hier verwonderd over de heftigheid van het verhaal en ik wil er toch op reageren dat ik dat wel zie en ervaar maar er geen probleem mee heb. Iedere keer weer kijk ik vol verlangen uit naar het vervolg.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *