133 – vakleerlingen

Ik hoopte dat Mia rietvlechter wilde worden, maar zij wilde liever kinderkleertjes maken, zoals Blufam. Haar gezichtje gloeide van enthousiasme toen ze me dat vertelde, en ik dacht aan de dag waarop ze in mijn leven kwam en ze zo straalde omdat ze grote zus geworden was. Ik had het pakje dat ze toen droeg altijd bewaard, en ik vroeg me af of ik het haar moest laten zien. Misschien was nu de tijd om haar over haar afkomst te vertellen. Of zou het niet verstandig zijn? Hoewel ik me al lang niet meer onveilig voelde, was het misschien toch beter dat niemand wist dat Mia niet mijn dochter was. Ik stopt het pakje terug onder een stapeltje van mijn eigen tunieken. Bo's prinsenpakje lag daar ook.

Tot mijn verrassing leek mijn vak Otta wél wat. Ze kwam het verlegen aan me vragen. Letifam zat voor haar borg te werken, ze lachte en knikte naar me. Ik vond het heerlijk om mijn vakkennis over te dragen, ik dacht aan mijn tijd bij Pucima.
Als vakleerling mocht Otta met me mee naar de warenmarkt. De eerste keer was ze zó stilletjes.
"Wat is er?" vroeg ik, terwijl we langs de rommelige verzameling kramen liepen, op weg naar Rietmeisje.
"Ik wist niet dat het zo was," zei ze, haar hoofd gebogen. "Op school leren we dat de Tweede Meisjes onmisbaar zijn, ik dacht dat ze hier mooie pakhuizen zouden hebben …"
"Tweede Meisjes zijn onmisbaar én ongewenst," zei ik. "Overal waar ik geweest ben …" Nee, dat moest ik niet zeggen, ik dacht aan haar tweelingzusje. Otta keek me vragend aan. "Nee," zei ik. "Hoe minder je weet hoe beter het is."

Het was de strategie van de gesloten ogen. Ik had zolang we in Barraspira waren nooit weer in het potje met het ronde teken gekeken, maar dat was ook niet nodig. Met gesloten ogen bleef je in elk geval in leven, en kon je binnen je mogelijkheden toch een fijn bestaan hebben. Ik keek ook niet meer omhoog naar de schaduw.
Rietmeisje vroeg: "Je dochter?" En toen ik zei: "Nee, mijn vakleerling, Otta," straalde het kind van trots. Ik moest ook haar niet in gevaar brengen. Ik hoopte maar dat Blufam net zo voorzichtig met Mia zou omgaan.

Dit bericht is geplaatst in feuilleton met de tags . Bookmark de permalink.

4 Reacties op 133 – vakleerlingen

  1. Lianne Hartman schreef:

    Wat weer een fijn en warm hoofdstuk. Geborgenheid en gewenst zijn, het straalt door de woorden heen. En dan toch die wijze oude vrouw die door die warmte heen praat en zegt dat je met gesloten ogen in elk geval bleef leven. Au, meteen weer terug in de onveilige wereld.
    Mooi hoofdstuk!

  2. Ferrara schreef:

    Je gaat inderdaad met grote stappen, maar opsommerig is het zeker niet. Je vertelt net genoeg om het boeiend te houden. Een lichte dreiging is wel altijd aanwezig.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *