volmaaktheid en nederigheid

We woonden vroeger aan de Alma Tademaweg, ik kende wel een aantal van zijn schilderijen, Visconti-achtig, godenschemering. Ik vond ze mooi, dat licht-decadente, de 19e-eeuwse oudheid, net zo mooi als de 19e-eeuwse middeleeuwen.
Nu hing het daar allemaal bij elkaar. Het schilderij van de San Clemente benam mij de adem, zo prachtig was het, hoe een schilderij veel beter dan een foto de sfeer van zo'n eeuwenoude kerk met al die geschiedenislagen kan treffen.
Bijzonder vond ik ook de middeleeuwse schilderijen, verwant aan de Pre-Rafaëlieten waar ik ook zo dol op ben.
En toen verhuisde hij naar Londen en werd een modeschilder. (Ik had de documentaire over zijn leven gezien, met die villa waarin hij alle requisieten voor zijn schilderijen verzamelde, zodat je het tijgervel en het 'Romeinse' bankje op verschillende schilderijen terugziet.)
Nu zag ik al die bekende en onbekende klassieke werken, ik vond ze mooi maar zag ook het maniertje er doorheen schemeren: steeds weer dat helverlichte doorkijkje achterin, die decadente schoonheid.
De tentoonstelling was chronologisch ingericht, eindigend met een paar onvoltooide doeken. Uitgeputte Maenaden, en Cleopatra in de Isistempel te Philae.
Op het eerste schilderij is alleen het lichaam van de voorste liggende vrouw min of meer voltooid, de huid glanzend als marmer, zoals Alma Tadema dat altijd doet. De overige figuren zijn onaf, schetsmatig, het kleed op de voorgrond heeft nog geen stofuitdrukking, de achterwand is nog van papier. Ik stond ervoor, en besefte dat ik dit mooier vond. Mooier dan al die volledig ingevulde volmaaktheid. Omdat het zoekend is, omdat ik als toeschouwer de invulling mag geven, en er zo bij betrokken word.
Ook het Egyptische tafereel is onaf, de zuilen geschetst en de slaven impressionistisch. Er kan nog van alles gebeuren.
Ik bedacht hoe belangrijk dat is, om je toeschouwer, je lezer, toe te staan het kunstwerk, of de tekst, méé te scheppen. Om als kunstenaar en als schrijver de nederigheid te hebben niet te willen pronken met je volmaaktheid, maar om net genoeg te geven om de ander uit te nodigen.

Lees hier Bettina's bespreking van de tentoonstelling.

Dit bericht is geplaatst in kunst, schrijven met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *