Nyk de Vries – Renger

Renger lezen we met de leesclub. Ik heb Nyk de Vries een keer horen voordragen bij Dichter op de Deel en daar erg van genoten, daarom was ik wel benieuwd naar dit boek. Ik heb het wel met plezier gelezen. Wat hij vertelt over zijn ouderlijk huis en familie is allemaal zo vertrouwd, de verjaardagen, de visites, zo'n schuur vol met ouwe meuk …
Hij heeft het zelf later herschreven in het Fries, misschien dat die versie me meer had gedaan. Nu bleef ik toch de afstand voelen die hij – of de ik-persoon – zo wanhopig probeert te overbruggen.
De stijl is helder. Hoofdstukken in het verleden worden verteld in de notiid, die in het heden juist in de doetiid. Ik ergerde me wel aan deze zin: "Aangekomen bij haar huisje is de deur op slot." (p296) Kniesoor die ik ben.
Gauw door naar mijn volgende recensieboek, waar ik héél benieuwd naar ben!

Geplaatst in recensies | Getagged , | 2 Reacties

moord!

In de VN-thrillergids kwam ik een boek tegen van Felix Francis, zoon-van inderdaad, en ik dacht aan de vele heerlijke uren die ik met Dick Francis had doorgebracht in de crime-de-la-crime-serie van de Arbeiderspers. Niets heerlijker dan een favoriete detectiveschrijver die regelmatig met een nieuw boek komt. Ik ben nooit een paardenmeisje geweest maar op de een of andere manier waren zijn boek zo fijn. Andere boeken in crime-de-la-crime waren trouwens ook goed, ik las ook alles van Josephine Tey en Patricia Highsmith.
Een andere schrijver van wie ik groot fan was, was John Dickson Carr met zijn gesloten-kamer-moorden. Die zaten in de Prisma Detective serie, met die rode bloeddruppels op de voorkant. Als ik die serie google, komen er nog meer favoriete schrijvers voorbij: Patrick Quentin, Elizabeth Ferrars, Ngaio Marsh, Paula Gosling.
Op de een of andere manier is het sindsdien niet veel meer geworden met mij en detectives. Ze werden of te dik, te pretentieus (Elizabeth George), of – vaak onterecht – te veel gehypet. Zoals dat stomme wicht in die stomme trein. Of misschien ben ik er gewoon uitgegroeid. Maar ik zie de favoriete ruggetjes nog zo op de plank staan in de biep.

Geplaatst in lees- en biepherinneringen | Een reactie plaatsen

verliezen

Als kind kon ik het wel, me zo verliezen in een boek dat ik mijn moeder echt niet hoorde als ze me vroeg om mijn rommel op te ruimen of de tafel te dekken. Hoe ouder ik werd, hoe moeilijker dat werd. Waar dat mee te maken heeft? Steeds meer moeten? Een steeds voller hoofd? Nu kan ik het in elk geval niet meer. Deels de schuld van e-books lezen en intussen het brommetje van Facebook horen, of ter plekke iets opzoeken en dan op internet blijven hangen.
Ik herinner me nog precies het laatste boek waarbij ik het wel had. Ik woonde in Delft en werkte in Rijswijk. Meestal ging ik op de fiets, maar als ik zwak ziek of misselijk was, of het weer honds, dan ging ik met de bus naar het station en met de trein naar de biep. Die lag toen nog aan het spoor.
Op de terugweg las ik in dat geweldige boek, vergat nog net niet om uit te stappen (wat ik trouwens regelmatig droom, bedenk ik nu), liep al lezend naar de bushalte, zeeg neer op het bankje en liet de bus rustig aan me voorbijrijden. Begin jaren tachtig moet het zijn geweest, ik zo rond de 25.
En wat was dit nu voor een literair meesterwerk? Verboden Dromen, van Judith Michael (toen las ik alles nog in vertaling). Ik heb daarna alle titels van deze auteur (in werkelijkheid een echtpaar, net als Nicci French) gelezen, maar dat eerste boek … beter werd het nooit meer. Misschien toch eens herlezen om te zien of het nog werkt.

Geplaatst in lees- en biepherinneringen | Een reactie plaatsen

biepjuf op Awty

Ik heb in Schotland een fikse depressie gehad, en heb daar verschillende therapeuten voor gezien. De eerste was zo'n counsellor die me meewarig aankeek en sprak: heeft u al eens aan vrijwilligerswerk gedacht, mevrouwtje?
Nu deed ik al vrijwilligerswerk, op de schoolbibliotheek. Het contact met de kindjes bracht nog wel enige vreugde. Ik heb ook nog iets anders geprobeerd, in de Aberdeen Art Gallery. Ik was tenslotte kunsthistoricus. Ik werd op een wrakke stoel in een leeg kantoortje neergezet, en mocht kaartjes sorteren.
Kijk, vrijwilligerswerk is loffelijk. Ik bewonder alle mensen die zich belangeloos inzetten voor het nut van 't algemeen. Maar zouden zij het lang volhouden zonder menselijk contact en zonder waardering? Ik voelde me te goed om me zo te laten behandelen.
In Houston heb ik het nog eens geprobeerd. Op de schoolbibliotheek van Awty. Ook daar zaten we – meestal met z'n tweeën maar ook vaak alleen – in een somber kantoortje boeken te repareren. Ongezien, ongewaardeerd. Toen ben ik maar een schrijfgroep begonnen, met mezelf als facilitator: ik bedacht de opdrachten, ik gaf de theorie. Alles voor niks, maar zo goed voor de gezelligheid én de eigenwaarde!
Met vrijwilligerswerk is het net zo als met echt werk: je roeping ligt daar where your deep gladness and the world's deep hunger meet. (Frederick Buechner)

Geplaatst in lees- en biepherinneringen | 2 Reacties

de Texaanse leesclub

Ook in Houston werd ik weer lid van een leesclub, met vrouwen uit verschillende staten van Amerika, uit Engeland, uit Noorwegen, Iran en Nederland. Hier deden we het weer zoals de meeste leesclubs: iedereen mag een boek aandragen en is daar dan ook de 'inleider' van.
Ik zag in mijn schriftje dat ik The Lovely Bones van Alice Sebold heb gedaan, een aangrijpend boek over een meisje dat verkracht en vermoord wordt. Dat wist ik niet meer. Ja, wel het boek, maar niet dat het mijn boek was. Ik herinner me alleen dat ik The Discovery of Heaven heb aangedragen, dat is wel heel leuk, als mensen een boek uit je eigen cultuur lezen, om te zien wat hen dan opvalt.
Reading Lolita in Tehran was de inbreng van de Iraanse mevrouw. Een aanrader, Anna schreef er pas nog een mooie bespreking over. We zijn daarna ook Perzisch gaan eten, dat was echt verrukkelijk. Voor mijn afscheid gingen we gezellig uit lunchen, en met veel van de leden heb ik nog steeds contact via het onvolprezen Facebook.

Geplaatst in lees- en biepherinneringen | Een reactie plaatsen

Mary Gordon – There Your Heart Lies

Dit was een nbd-boek waar ik ontzettend van genoten heb. Ik ben sowieso wel een fan van Mary Gordon, hoewel ik lang niet alles van haar gelezen heb. Ik herinner me vooral Spending, dat erg resoneerde in mijn vrouw-van-jaren.
Gordon houdt zich altijd bezig met schijnheiligheid, met goed en kwaad, met rijk en arm, met man-vrouw-verhoudingen, met het geloof. Ook in dit boek komt dat allemaal aan de orde.
De homoseksuele broer van een jonge vrouw uit een rijk, katholiek, Amerikaans gezin wordt min of meer tot zelfmoord gedwongen nadat zijn vader hem met electroshocks en medicatie wil 'genezen' van zijn 'afwijking.' Dat is voor Marian het moment om te breken met haar familie. Ze trouwt met Johnny's vriend, zodat ze met hem samen vrijwilligerswerk kan gaan doen in de Spaanse Burgeroorlog.
Ik heb uit dit boek veel geleerd over dat onderwerp, in feite wist ik er nauwelijks iets van. En het blijft altijd actueel, hoe de rijke en 'diep-gelovige' klasse het gelijk aan zijn kant weet te redeneren. Marian maakt verschrikkelijke dingen mee, maar ook vindt en verliest ze er de liefde.
Ik moet eigenlijk niet te veel weggeven van het verhaal. Het is ook maar zelden dat ik mijn oordeel over een boek (deels) baseer op de gebeurtenissen. (Mensen doen dat heel vaak, dan zijn ze geschokt omdat ik Haar Naam was Sarah een stom boek vind: "Vond je het dan niet zielig voor die mensen?")
SPOILER ALERT
Marian bevalt in Spanje van een zoon. Ze is dan bij haar streng-katholieke, fascistische schoonouders, en schoonmama annexeert kleinzoon, die wordt omgetoverd in een fascistische engel. Als Marian teruggaat naar Amerika, laat ze hem achter.
In het heden is er haar kleindochter Amelia, die erg aan haar oude oma gehecht is (Marian is inmiddels 92), en die alles over het verleden wil weten. Haar vader (de tweede zoon van Marian dus) is nog niet zo lang geleden overleden. Het enige wat we van hem te weten komen, is dat hij een zachtmoedige pottenbakker was. Ook haar opa is al lang dood.
En dat vond ik raar. Deze twee mannen, die toch veel langer in Marian's leven zijn geweest, die ze heeft liefgehad, komen nauwelijks aan de orde. Ze spreekt niet over hen, ze rouwt niet om hen. Ik kreeg het gevoel dat die hele verhaallijn-in-het-heden erbij gesleept was om te kunnen laten zien hoe het met de slechte zoon was afgelopen. Alsof we dat niet zelf konden bedenken.
Ik geloof dat ik liever had gehad dat het hele boek in de jaren dertig-veertig-vijftig was gebleven.
En dan nog iets wat ik me afvroeg: de titel. There your heart lies. Dat kan twee dingen betekenen: daar ligt je hart, of: daar liegt je hart. Amelia weet nog niet zo goed wat ze wil met haar leven, zij is duidelijk op zoek naar waar haar hart ligt. Marian heeft haar leven lang geprobeerd te doen waar haar hart ligt. Als ze oud is, weet ze alles niet meer zo precies. Is dat wanneer het hart begint te liegen? Om het verhaal altijd maar weer kloppend te krijgen?

Geplaatst in recensies | Getagged , | 2 Reacties

Fathers: Reflections by Daughters

In Fathers' Daughters van Maureen Murdock werd herhaaldelijk verwezen naar Fathers: Reflections by Daughters, samengesteld door Ursula Owen. Hierin vertellen diverse vrouwen (schrijvers, kunstenaars) over de relatie met hun vader en hoe die hun leven en gedachten heeft beïnvloed. Het zijn stuk voor stuk prachtig verwoorde verhalen over vaak complexe verhoudingen, eerlijk onder ogen gezien en zo eerlijk mogelijk verteld, met de nodige scrupules over het buiten hangen van vuile was.

Het is een boek uit de jaren tachtig, vrouwenstudies was een nieuw vakgebied, vrouwen worstelen nog met het vinden van een eigen idioom voor hun eigen ervaringen. De mannelijke ervaring had tot dan toe gegolden als 'universeel,' onwrikbaar als een natuurwet.
Dochters moeten voldoen aan twee dingen: dat wat de vader belangrijk vindt – bepaalde talenten of bezigheden – én dat wat de vader graag ziet in een vrouw. Intellectueel én bescheiden, stoer én elegant. En vooral nooit ingaan tegen vaders mening of zienswijze, of iets beter weten dan hij. Het feit dat ik vier jaar in Amerika gewoond had gaf mij nog niet het recht beter te weten hoe de maatschappij daar in elkaar zat dan mijn vader. En van mijn moeder moest ik me maar een beetje inhouden, want het was niet goed voor pappa om zich op te winden.

Sara Maitland zegt het heel mooi: Why did he, who taught me so many things, never teach me that my anger would not kill him? Or me? Or our love?
En dit: […] that everything he did was somehow right, not on a personal level, but by some objective law of the universe.
En dit: Where will we find the powerful mother?
Wat bij veel vrouwen terugkomt, is dat de vader degene blijft van wie ze goedkeuring zoeken, zelfs als ze afkeuren waar hij voor staat. Bang om hem teleur te stellen, blijven ze een wenselijk beeld presenteren, dat alle echte communicatie in de weg staat.
Dinah Brooke verwoordt dat prachtig:
You should be afraid of one thing only, and that is if we should believe in our own weakness. If we should fall, and weep, and give up, cringing and being kind. That is what you should fear. Fear the good daughter, deprived, the sleeping snake, the subservient poor, the bland and lying face that you demand from us.
Ik kom ook alweer een nieuwe titel tegen die ik voor 1 cent ga bestellen op amazon: Nor Hall – The Moon and Virgin. Een leven lang leren. En dan niet zoals paps om er een muur van zekerwetens en vinniks van te bouwen, maar om steeds verder open te bloeien.

Geplaatst in recensies | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

naar de biep in Houston

In 2001 verhuisden we naar Houston, en werden lid van de bibliotheek die het dichtst bij was: de Kendall branch library. In de Centrale ben ik maar één keer geweest, want dat was een uur rijden. Wel hadden ze daar werkelijk een hele kast vol met schrijfboeken.
Nu zoek ik een foto van het oude Kendall biepje, en zie alleen maar stralende nieuwbouw! Die staat er sinds 2017, op een heel andere locatie. De Houston Chronicle weet al in 2003 te melden dat er plannen voor een nieuwe zijn, maar die verrijst uiteindelijk pas in 2010. In elk geval heb ik nu het adres van de oude vestiging, en kan ik op google maps kijken of het gebouw er nog staat. En ja!
In mijn tijd was het echt een oud filiaal, een beetje armoedig en ongezellig, maar met een goede collectie, en volgens mij nog gratis ook.

Geplaatst in lees- en biepherinneringen | Een reactie plaatsen

Helen Dunmore overleden

Op 4 maart stond er nog een prachtig interview met Helen Dunmore in The Guardian, over wat er blijft van mensen van wier nagedachtenis niets overblijft, geen naam, geen grafsteen, geen vermelding op internet. En nu is ze overleden.
Ik moet bekennen dat ik niets heb gelezen van haar gedichten, maar haar romans maakten grote indruk.
Het eerste boek dat ik van haar las – voor de Schotse leesclub – was Talking to the Dead, dat speelt in een eindeloze hete zomer. Vooral die hitte is me bijgebleven, bijna als een personage.
Ik schreef er een recensie over in de Koek en Zopie, het Nederlandse blaadje in Aberdeen.

Als het behalve donker ook nog koud wordt buiten, is een roman over een hete zomer een goede remedie. Hoewel Talking to the dead me niet zal bijblijven als een zomers boek. Daarvoor zijn de personages en de gebeurtenissen te duister, te broeierig.
Nadat Isabel een baby heeft gekregen, gaat zus Nina naar haar toe … het zou zo gezellig kunnen zijn, ware het niet dat deze twee zussen heel vroeger een baby-broertje hebben gehad dat stierf.
De band tussen de zusjes was en is ongewoon sterk, met het broertje waren ze geen van tweeën blij. Wat is er eigenlijk met hem gebeurd? Waarom knapt Isabel niet op na haar bevalling, wat spookt er door haar hoofd? En is Nina, de ik-vertelster in het boek, eigenlijk wel te vertrouwen? Wat spookt zij uit, daar achter in de tuin, met Isabels man?
Lange, hete weken gaan voorbij, en met de donderbui komt de gruwelijke ontknoping.
Een fascinerende roman over de wurgkracht van de bloedband, en de onbetrouwbaarheid van herinneringen.

Wat op mij de meeste indruk maakte, was The Siege, over het beleg van Leningrad. Dat las ik terwijl ik bezig was met Honderd Valkuilen, en ik heb het als leesopdracht gegeven.

Zoek deze week het boek "De Belegering" van Helen Dunmore (De Geus, 2003, vert. van The Siege) en lees hoe een schrijver een film in je hoofd kan toveren. In 1941 is Leningrad omsingeld door het Duitse leger. De legendarische belegering zal bijna 900 dagen duren en aan meer dan een miljoen Russische burgers het leven kosten. Niet alleen beschietingen en bombardementen bedreigen het leven, de mensen moeten ook de felle kou en de extreme honger het hoofd bieden. Onder hen is Anna, een jonge vrouw die met haar vader een tweekamerflat bewoont en haar vijfjarig broertje Kolja koste wat kost in leven probeert te houden.
Er is een verteller in dit boek, maar we zien hem niet. Zijn ogen zijn als een camera die de beelden direct op ons netvlies projecteert, samen met de geuren, geluiden en andere gewaarwordingen die de mensen ondergaan. Beschrijvingen creëren stemmingen maar geven ook motivatie, personages lopen door de sneeuw de plot vooruit, dialogen doen vijf dingen tegelijk. Een boek van een Engelse schrijfster, dat ongelooflijk Russisch aandoet. Kijk hoe ze dat doet.
Achterin het boek staat waar zij de inspiratie en informatie voor dit boek vandaan haalde. Ze woonde een tijdlang in Finland, en haar beschrijvingen van de korte, glorieuze Russische lente zowel als van de barre winter zijn op eigen ervaring gebaseerd. Ook staat er een lange lijst van boeken die ze gebruikte – feitelijke geschiedschrijvingen en dagboeken van overlevenden. Lees dit fantastische boek!

Ze heeft een vervolg op The Siege geschreven, getiteld The Betrayal, dat speelt in het Rusland van Stalin. Dat heeft op mij minder indruk gemaakt. Mourning Ruby heb ik ook gelezen, over hoe een echtpaar totaal verschillend omgaat met de dood van hun kind.
Over The Lie heb ik een recensie op mijn blog gezet, dat vond ik weer ongelooflijk mooi.
Nu ga ik alles van haar lezen, straks eerst maar beginnen met Birdcage Walk, het laatste boek dat ze heeft kunnen afmaken.

Ik denk nog even terug aan dat beeld van Hilary Mantel:

Sometimes, at dawn or at dusk, I pick out from the gloom—I think I do—a certain figure, traversing those rutted fields in a hushed and pearly light, picking a way among the treacherous rivulets and the concealed ditches. It is a figure shrouded in a cloak, bearing certain bulky objects wrapped in oilcloth, irregular in shape: not heavy but awkward to carry. This figure is me; these shapes, hidden in their wrappings, are books that, God willing, I am going to write.

Hoeveel boeken zou Helen Dunmore nog in haar hoofd hebben gehad? Zouden die verhalen nu naar een andere schrijver op zoek gaan?

afbeelding

Geplaatst in lees- en biepherinneringen, lezen, recensies | Getagged | Een reactie plaatsen

Hilary Mantel – Giving up the Ghost

Dat ik geen zin heb in de romans van Hilary Mantel komt vooral doordat ze in het verkeerde tijdperk spelen. Ook al heb ik met kunstgeschiedenis de merites van andere periodes leren waarderen, mijn interesse qua historische romans houdt op bij de middeleeuwen en begint dan weer zo tegen 1900. Dat zegt dus alleen iets over mij, en niet over die boeken. Want schrijven kan Mantel. Ik heb genoten van haar autobiografie, en dan vooral van het eerste gedeelte, over haar jeugd. Ik schreef het al, bij bijna elke zin vroeg ik me af: hoe ging dat bij ons thuis? En wat herinner ik me, wat zijn familieverhalen, wat zijn foto's-met-ondertiteling?
Ik vond het wonderlijk hoeveel zij zich herinnerde, en hoe exact ook, met het schrijversoog voor het veelzeggende detail. Of is dat de schrijverspen die het detail er later uitlicht? Het las ook als een roman, er was een zekere spanningsopbouw door de wonderlijke gebeurtenissen.
Ik raakte geïnspireerd door haar beschrijving van de huizen waar ze woonde, en dacht: die saaie moderne flats van mij gaan zo nooit werken.
Er waren sfeerbeschrijvingen waarvan ik dacht: oh ja, dat herken ik.
There was tension in the air of our house, like the unbreathing stillness between the lightning and the thunder.

Uiteindelijk, pas op tweederde van het boek eigenlijk, gaat het over haar ziekte, waardoor ze zo weinig in het openbaar verschijnt en zo breekbaar overkomt. En je begrijpt hoe haar jeugdervaringen hebben bijgedragen aan wat haar is overkomen, hoe ze omging met dingen, hoe ze reageerde. Als je altijdlaatdunkend Miss Neverwell bent genoemd, loop je niet te koop met je pijntjes. Het is ook schokkend om te lezen hoe mannelijke artsen omgaan met vrouwenkwalen. Die zijn natuurlijk allemaal hysterisch van oorsprong. Ik herkende veel in wat ze schreef over dik worden, terwijl je vroeger 'gewoon' slank was.
Ze schrijft: I am not writing this to solicit any special sympathy. People survive much worse and never put pen to paper. I am writing in order to take charge of the story of my childhood and childnessless; and in order to locate myself, if not within a body, then in the narrow space between one letter and the next, between the lines where the ghosts of meaning are. […] You need to find yourself, in the maze of social expectation, the thickets of memory: just which bits of you are left intact?
Het boek valt duidelijk uiteen in die twee geschiedenissen. Dat is natuurlijk terecht, want dat gold voor haar leven ook. Maar voor mij waren toch die vroege middeleeuwen van haar het interessantst. Het meisje dat een duivel zag in de tuin.

Geplaatst in recensies | Getagged , | 2 Reacties