Barbara Kingsolver – Unsheltered

Ik ben groot fan van Kingsolver, al sinds de Bean Trees en Pigs in Heaven, natuurlijk het meesterwerk The Poisonwood Bible, en The Lacuna vond ik ook geweldig. Sommige andere titels zeiden me iets minder maar altijd wil ik haar nieuwste boek meteen lezen. Dus ik was heel blij dat ik Unsheltered ter recensering kreeg opgestuurd van de NBD.
Ik heb er langer over gedaan dan ik voorzag. Zo ongeveer halverwege moest ik het mezelf toegeven: ik verveelde me een beetje en waar kwam dat door? Dan ga ik altijd recensies in gerenommeerde kranten opzoeken want wie ben ik? Maar ik was de enige niet.

Op zich is het een prachtig verhaal, of liever, zijn het twee prachtige verhalen. In het heden (2016) hebben we de familie Knox-Tavoularis, al lang niet meer het succesvolle gezinnetje dat moeder Willa voor zich zag toen ze haar Griekse man trouwde. Dochter Tig (Antigone) is weer thuis komen wonen na een verblijf op Cuba waar ze niks over kwijt wil. Schoondochter Helen pleegt zelfmoord zodat baby Dusty bij grootmoeder komt wonen want zoon Zeke weet totaal niet wat hij moet. Hij gaat weer proberen het te maken in financieringsland. Dan is er nog schoonpapa Nick, zwaar ziek en zwaar politiek incorrect, die Willa het bloed onder de nagels vandaan haalt.
Ze wonen in een oud huis in Vineland, dat in de jaren zeventig van de negentiende eeuw werd gebouwd als een utopische woonwijk. Het huis staat helaas op instorten, en Willa probeert uit te vinden of ze niet een 'historisch belang' kan opsnorren zodat het gerestaureerd kan worden.

Terug naar 1871. In het huis woont Thatcher Greenwood, ver boven zijn stand getrouwd met de mooie Rose, en leraar aan de plaatselijke school. Daar wordt het curriculum bepaald door Vineland-stichter Landis en zijn meelopers, en daarin is bepaald geen plaats voor Darwin en zijn verderfelijke ideeën.
Naast Thatcher woont Mary Treat. Ik kwam pas halverwege het boek op het idee om haar te googelen, en ze heeft dus echt bestaan. Beroemd botanicus en entomoloog, corresponderend met de groten der aarde waaronder Darwin.
Van haar komt het woord uit de titel: "Unsheltered, I live in daylight. And like the wandering bird I rest in thee."
Zowel Thatcher als Willa nemen een voorbeeld aan haar, vinden in haar troost en inspiratie.

Klinkt allemaal schitterend, toch?
Waarom verveelde ik mij dan?
Het kwam door de lange dialogen. Eindeloze gesprekken aan de eettafel, of tussen de echtelieden in bed, waarin de personages niet meer waren dan marionetten die verschillende visies op hedendaagse problematiek (vooral natuurbehoud en milieu) ventileerden. Schoonpapa citeerde de Trump-aanhangers, Zeke de materialisten, Tig de idealisten (denk Occupy), en moeder Willa vroeg zich vertwijfeld af of ze het allemaal verkeerd had gedaan.
Ik zou willen dat dit twee boeken waren: een met als hoofdpersoon Tig, en een met als hoofdpersoon Mary.
Wat allemaal niet wegneemt dat ik me toch verrijkt voelde toen ik het uit had, en dat is al heel wat.

Geplaatst in recensies | Getagged , | 2 Reacties

Opus en Obe

Gisteravond waren we naar het prachtige concert van Projectkoor Opus, in de Nieuwe Kerk in Groningen. Ze zingen elk jaar werken van een nog levende componist, en luisteren de muziek op met een andere kunstvorm, zoals bijvoorbeeld ballet. (Ook was ik bij een concert met videobeelden, dat was gigantisch indrukwekkend, beelden van oorlog en vernietiging op de muren bij The Armed Man van Karl Jenkins, maar dat werd uitgevoerd door een ander projectkoor.)
Bij de muziek van Paul Carr (Requiem for an Angel, en Seven Words from the Cross, dat móet je echt even luisteren!) waren gedichten uitgekozen van Obe Postma, die werden voorgedragen door Edwin Rutten, vanaf de preekstoel.
Waar de muziek rechtstreeks het hart in stroomde, liet de poëzie mij tamelijk koud. Ik kon de gedichten niet zo snel een plaats in mijn hoofd geven, en ik vond de woorden wat hoogdravend en afstandelijk.
Tot ik me realiseerde dat het in het echt natuurlijk Friese gedichten zijn, heel nauw verbonden aan de aarde en het wezen van Friesland. Vanmorgen heb ik ze allemaal opgezocht, en nu kan ik ze in alle rust invoegen in het verhaal van de muziek. Ze staan hier. Wonderlijk wat een verschil de taal maakt.

Geplaatst in gedichten, muziek | Getagged | 2 Reacties

koppen rollen

Vanmorgen schoot ik al vóór het ontbijt in de opwinding. De Volkskrant heeft de laatste tijd voor gewoonte om – op zich tamelijk genuanceerde – artikelen op twitter te voorzien van een ongenuanceerde kop.
"Missie Bolsonaro is volbracht: nu kan hij Brazilië weer ‘groot en veilig’ maken, zeggen zijn supporters
(NB In een eerdere tweet werd dit standpunt onvoldoende duidelijk aan de sprekers toegeschreven)"
Oorspronkelijk hadden ze geen aanhalingstekens gebruikt.
In de papieren krant noemden ze deze griezel zonder aanhalingstekens een Sterke Man.
Over vaccinatie deden ze iets soortgelijks. Na kritiek pasten ze de kop aan.
Ook over woningnood gingen ze onfris tekeer: asielzoekers zouden 'ons' verdringen op de woningmarkt. Ook hier werd na kritiek de kop aangepast.

Als er íets averechts werkt op social media, is het wel het gebruik van (nemen we aan) satirisch of cynisch bedoelde opmerkingen. Ik herinner me dat er een keer een stuk op Faceboke stond over depressie, en hoe verkeerd mensen daarop kunnen reageren. Zonder nadenken en zonder aanhalingstekens schreef ik eronder iets wat ooit tegen mij gezegd is: "Heeft u wel eens aan vrijwilligerswerk gedacht mevrouwtje?"
Ik kreeg een tsunami van woede over me heen. Iedereen dacht dat ik de schrijfster van het stuk voor gek zette, ik heb maar gauw mijn reactie verwijderd.

Over die tsunami nog even. Het ontmenselijken van de ongewenste buitenlanders. Claudia en de asielplaag. Zij zei toen dat ze zo'n kop wel begreep. Vandaag gaf ze toe dat dat een "slecht moment" van haar was.

De hoofdredacteur van de Volkskrant lijkt behoorlijk de weg kwijt, evenals Marcel Gelauff van de NOS. Zij verstaan onder goede journalistiek dat je iedereen een podium biedt. Ook antivaxaluhoedjes, ook "sterke mannen" die hun homofobe, xenofobe, vrouwonvriendelijke standpunten uitventen. Net zoals Holleeder bij Twan, iedereen moet aan het woord.
Waarom eigenlijk?
Heet dat objectief? Heet dat polarisering tegengaan?
Of is dat dé manier om alle gevaarlijke denkbeelden te normaliseren, zodat we met z'n allen in de kikkersoep afglijden naar wereldwijd fascisme?
Frederike Geerdink schreef een fantastisch artikel over wat journalistiek hoort te zijn en te doen.

Hoewel ik soms echt bang ben voor waar de wereld naartoe afglijdt, en het liefst heel zen mijn ogen zou willen sluiten, ben ik blij dat ik op twitter zit. Want van de vaderlandse pers moeten we het zo langzamerhand niet meer hebben, als we waakzaam willen blijven. Bovendien blijf je nergens anders zo goed op de hoogte van wat volksmenners uitspoken, en hoe vreselijk veel verblinde mensen er zijn. Ik schrok van de reacties op een tweet van oppergriezel Leon de Winter. Over hoe schandalig het was om Trump te vergelijken met Hitler. Als je leest wat mensen daar – instemmend – onder zetten …

Al met al geen briljant essay, dit stukje. Maar even een ontwarring van de warboel in mijn hoofd. In de hoop dat we nooit de top van de Pyramid of Hate zullen bereiken.

Geplaatst in tijdgeest | Een reactie plaatsen

Nina Polak – Gebrek is een Groot Woord

Ik begon vol goede moed aan Gebrek is een Groot Woord van Nina Polak. Ik had een interview gezien van Adriaan van Dis met haar ("Het Schrijvershuis" helaas nergens meer online te vinden) en vond haar bijzonder, zeker voor zo'n jong iemand.
Het begint veelbelovend, een jonge vrouw die niet voor niets Skip Nauta heet, helpt als matroos mee om dure jachten naar exotische havens te varen. De stijl spreekt me aan, de stijlwisselingen ook (verschillende vormen: vertellend, terugkijkend, e-mailend, whatsappend), ik voel me uitgedaagd en verwend.

Dan gaat Skip (die eigenlijk gewoon Nynke heet) na zeven jaar varen terug naar Amsterdam.
En mij bekruipt het gevoel dat me ook zo vaak bij tv- en radioprogramma's bekruipt: alsof wat er in Amsterdam gebeurt maatgevend is voor … Voor Nederland? Voor Het Leven?
Maar misschien ben ik gewoon te oud, ik schreef het al eerder, dat ik jongere schrijvers niet meer kan lezen als generatiegenoot, dat ik ze lees als moeder.
Het is toch wel een knap boek, en Nynke gaat me ook aan het hart. Maar ik moet opeens denken aan de Coladrinkers. Dat was de eerste keer dat ik het gevoel had dat literatuur over mij ging.
Misschien heb ik daar nu middelbare vrouwen voor nodig. Zoals in Melmoth, zoals in An Unnecessary Woman.

We lezen het boek met de leesclub, we hebben ons aangesloten bij Literatuurclubs Drenthe, dan krijgen we er ook een leeswijzer bij. Daarin een uitgebreide samenvatting van het verhaal, in chronologische volgorde. Dit wordt in de narratologie de fabel genoemd, of de story, de en-toen-en-toen-versie van een verhaal. Er volgen wat opmerkingen over de stijl, over thema en motieven. De schrijver van de leeswijzer heeft moeite met de titelverklaring, zegt hij. Terwijl de titel juist zo briljant weergeeft wat Nynke is overkomen, en hoe zij nu in het leven staat. Eigenlijk heeft ze gebrek aan alles, van kindsaf aan. Aan liefde, aan vaderschap, aan eigenwaarde, aan erkenning, aan getuigenissen … Maar ze is van het stoere, mag-niet-klagen-type, dus "gebrek is een groot woord." Wat zij in het leven te verstouwen heeft gekregen … dat zouden de grachtengordeldieren (vandaar de omslag) nooit hebben kunnen verdragen. Zij wel. Ze vaart haar eigen koers.
En ik merk dat ik al schrijvend meer van haar ga houden.
Ik geloof dat wij weer een nadreuner te pakken hebben.

Geplaatst in recensies | Getagged , | Een reactie plaatsen

Consolations 23 Hiding

Hiding done properly is the internal faithful promise for a proper future emergence, as embryos, as children or even as emerging adults in retreat from the names that have caught us and imprisoned us, often in ways where we have been too easily seen and too easily named.

Het lijkt of David Whyte zijn Consolations speciaal voor mij geschreven heeft, en natuurlijk voor iedereen die meer thuiszit dan hij zou wensen. Het is troostend te weten dat daar niets mis mee is, dat het zelfs helend kan zijn, dat het zelfs goed zou zijn voor meer mensen, om in verborgenheid tot zichzelf te komen. Dit is een tijd waarin iedereen alles blootgeeft over zichzelf – of zo lijkt het. Natuurlijk gooien we de mislukte foto's weg en 'delen' we op mislukte dagen een grappig filmpje of een cartoon over Trumpmans.

In verborgenheid bloei ik als een exotische vogel die al lang uit de mode is. Ik probeer te ontkomen aan het beeld, de vastgestelde identiteit, me door anderen gegeven.

Het beeld voor deze collage komt uit Houston. De laatste paar weken woonden we daar in een appartement dat grensde aan een onbebouwd terrein. In de hitte wordt dat in no time een krokodillige jungle, met hoge grassen en geelgestreepte waadvogels en een gezoem en getsjirp van jewelste. De natuur verbergt zich, midden in een wereldstad. (Ik heb er een foto van die geen recht doet aan mijn telelenzige herinnering.)

Hiding is creative, necessary and beautifully subversive of outside interference and control. Hiding leaves life to itself, to become more of itself. Hiding is the radical independence necessary for our emergence into the light of a proper human future.

Het is alleen de kunst om hoop op die emergence te houden.

Geplaatst in autobio, creatief | Getagged , , | 6 Reacties

Louise Penny – Kingdom of the Blind

Ik ben een hele slechte detective-lezer. Tijdens het lezen kan ik de plot al niet volgen, laat staan dat ik hem zou kunnen navertellen. Het gaat mij dan ook helemaal niet om de plot. Het gaat mij om de sfeer, om de personages, om de thema's op leven en dood.

De serie van Louise Penny over Armand Gamache voldoet daar helemaal aan. Vanaf het eerste boek volgen we Gamache, en zijn opklimming tot hoofdcommissaris. We volgen ook verschillende van zijn agenten, voor wie hij een mentor en een leermeester is, en soms een geduchte tegenstander. Het gaat heel vaak over loyaliteit, en hoe mensen elkaar verschrikkelijk teleurstellen daarin. Sommige delen zijn echt om te huilen zo aangrijpend. (Sommige zijn ook iets minder goed, te onwaarschijnlijk of té veelomvattend.)

In Kingdom of the Blind draait het om een testament dat tot een moord leidt, en om een partij carfentanil (harddrugs) die elk moment kan worden losgelaten in de stegen van Montréal. Dat laatste gegeven borduurt voort op het vorige boek, het eerste is het detective-element specifiek voor dit boek. Het eindigt allemaal tot-diep-in-de-nacht-doorlezig spannend (zoveel heb ik er dan nog wel van begrepen).

Maar het leukst (en dat vond ik ook al bij de Havank-serie over de Schaduw) zijn toch al die andere personages, al die excentrieke inwoners van Three Pines, een verborgen dorpje ergens in Quebec, dat geen bereik heeft en maar één weg er naartoe. Je gaat van ze houden, je ziet het hele dorp voor je, je smult mee van de (soms vreemde) heerlijke maaltijden, je ziet ze voor je, de stokoude dichteres met haar eend onder de arm, de schilderes met altijd klodders verf in haar haar, de twee homo's die de dorpsbistro runnen … Het is elke keer weer thuiskomen. En hoewel de plots ingewikkeld zijn, en de ontknoping elke keer bloedspannend, heb je aan het eind datzelfde gevoel als bij Asterix: ze zitten allemaal om de tafel, te smullen en te drinken en elkaar vliegen af te vangen. Soms staan ze even verdrietig stil bij iemand die gewond raakte … maar dat is voor het volgende boek. Ik kan niet wachten!

Geplaatst in recensies | Getagged , | 1 reactie

Consolations 32 – Nostalgia

Er is vrijwel niets waar ik met nostalgie aan terugdenk. Het verleden zoals ik het kende is al heel lang ten einde gekomen. Schellen van de ogen, noemen ze dat.
Natuurlijk denk ik met nostalgie terug aan de tijd dat kindeke nog klein was. We hadden het altijd zo gezellig samen. Ik denk dankbaar terug aan al het moois dat ik gezien heb, overal ter wereld. Aan de fijne mensen die ik heb leren kennen, maar die ik ook weer moest achterlaten. Er zijn genoeg redenen om te zeggen: als ik het over mocht doen, zou ik het toch weer zo doen. Al was het maar om kindeke.
David Whyte schrijft: Nostalgia is not an immersion in the past, nostalgia is the first annunciation that the past as we know it is coming to an end.
Voor mij is nostalgie dat je met warme gevoelens aan iets terugdenkt. Als je opeens ziet dat je beeld van het verleden totaal niet klopt, brengt dat geen nostalgie. Integendeel. Het brengt het verblindende licht van een atoombom. Je kunt nooit meer ont-zien wat je dan ziet.
Wat overblijft aan nostalgische plaatjes (ik denk aan poeziealbumplaatjes) zijn fragmenten, losgeknipt uit het geheel dat nooit meer heel wordt.
Naakte beelden, woestijn, en rozen.
Nostalgie is ook niet meer wat het was.

ook deze collage is te koop op werkaandemuur

Geplaatst in autobio, creatief | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Sarah Perry – Melmoth

Na After me comes the flood en The Essex serpent verheugde ik me enorm op de nieuwe Sarah Perry: Melmoth. En allemachtig, wát een boek is dit. Het is zoveel tegelijk dat je het eigenlijk meerdere malen moet lezen om alles mee te krijgen. Dit is dus een bespreking na eerste lezing. Gisteravond laat las ik het uit, en het is heel lang geleden dat ik zo werd aangegrepen door een boek. Het einde is ontroerend, en het grijpt me naar de keel omdat het me rechtstreeks aanspreekt, en het heeft nog een ademsnakkende onthulling in petto.
Maar geregeld vertellen.

Helen Franklin, grijze Engelse muis van in de veertig, heeft zichzelf in ballingschap gezonden vanwege een in het verleden gepleegde zonde. Ze werkt als vertaalster (van gebruiksaanwijzingen enzo) in Praag, waar ze een kaal kamertje heeft gehuurd bij een schilderachtige heks van in de negentig. De enige vrienden die ze heeft opgedaan zijn Karel, die ze heeft leren kennen in het café van de universiteitsbibliotheek, en zijn kleurrijke vrouw Thea.
Via Karel komt ze in het bezit van een geheimzinnig manuscript, geschreven door ene Josef Hoffman, dat niet alleen diens levensgeschiedenis bevat, maar ook verschillende andere documenten die betrekking hebben op Melmoth.

Natuurlijk ging ik "Melmoth" meteen googelen. Het blijkt ook een plaats in Zuid-Afrika te zijn. Maar vooral kwam het boek uit 1820 tevoorschijn van Charles Maturin: Melmoth the Wanderer. Ik heb het gevoel dat ik dat eigenlijk zou moeten lezen, om een beter begrip te krijgen van Perry's Melmoth. Zelf zegt ze erover dat het zó griezelig is, dat ze af en toe de hand op de bladzij moest leggen.

Perry wilde met dit boek een gothic novel schrijven, en zien hoe ver ze dit genre kon oprekken. Door haar verblijf als writer in residence in Praag vond ze de ideale locatie. Verder heeft ze al van kinds af aan het gevoel gehad dat alle mooie literaire griezels mannen zijn: daarom maakte zij van Melmoth een vrouw. Door allerlei echt-lijkende bronnen op te voeren twijfel je er als lezer geen moment aan dat dit een bestaande mythe is. Perry's Melmoth is een Getuige. Zij was bij de vrouwen die het lege graf van Christus aantroffen, maar toen de anderen dit verder vertelden, ontkende Melmoth alles. Voor straf moet zij over de aarde zwerven tot ze bij de wederkomst uiteindelijk vergeven zal worden. Melmoth is iemand die toekijkt daar waar zonden begaan worden. Denk concentratiekampen, genocide, godsdienstoorlogen, moord … zij kijkt toe, zij loopt in haar rookflardige zwarte kledij met bebloede voeten over de aarde. Zij is het gepersonifieerde schuldgevoel, het geweten van de mensheid. Ik moest ook denken aan een begrip dat bij Pinkola Estés voorkomt: de zonde-eter. Melmoth zoekt gezelschap, zoekt iemand om het leed en de eenzaamheid mee te delen, ze probeert zondaren te verleiden met haar mee te gaan op haar zwerftochten.

Niet alleen de naam en tot op zekere hoogte de thematiek is ontleend aan Maturin, ook de vorm – met verhalen-in-verhalen-in-verhalen – gaat terug op zijn boek. Perry vertelt in een interview met Waterstones dat ze daar eerst over twijfelde: mag dat zomaar? Tot ze beseft dat 'intertekstualiteit' het juist hélemaal is, tegenwoordig. De toon van de vertelstem, die af en toe in de ik-vorm de lezer rechtstreeks aanspreekt, doet negentiende-eeuws aan, en het decor natuurlijk eveneens.

Hoewel de geschiedenis van Helen zorgt voor de narrative drive – wat heeft zij gedaan dat zóveel boetedoening vergde – is het lang niet het enige verhaal dat de lezer als getuige oproept. En bij ieder verhaal moet je als lezer denken: wie is hier schuldig? Wat zou ik gedaan hebben? Wat moet boetedoening bewerkstelligen? Verzoening? Vergiffenis?

Er zijn veel nachtelijke scènes in spookachtig Praag, steeds is in een hoekje een duistere figuur zichtbaar, of is er het gevoel van achtervolgende voetstappen. Maar de ware griezeligheid ligt in de mensheid en zijn capaciteiten om zonden te bedrijven. In die zin is het een actueel boek, en een waarschuwing. Plichtsgetrouwe ambtenaren leiden uiteindelijk tot dode kinderen op stranden.
"Allemachtig. Wát een boek," verzuchtte ik luidop toen ik het uit had.

(En mocht je mij niet geloven, lees dan deze prachtige recensie.)

Geplaatst in recensies | Getagged , | 13 Reacties

Consolations 5 – Beginning

Ik was al eerder aan Beginning begonnen (ik schreef er hier over), maar dat werkte toen niet goed. Ik vond het resultaat niet mooi en besloot voortaan weer zonder vooropgezet thema collages te maken.
Deze collage noemde ik pas in laatste instantie Beginning, en dat voornamelijk vanwege de laatste zin van dit stukje bij David Whyte: the answer safely in the realm of impossibility.
Je weet wel wat je moet doen om aan iets nieuws te beginnen, maar je durft het nog niet aan, je stelt het uit, je laat de horizon in de verte en het antwoord veilig in het rijk der onmogelijkheden. Juist dat zag ik in de blik van die vrouw, een tekening van Fernand Khnopff.

Maar het begin van de inspiratie lag bij een collage op Facebook van Meikel S. Church, ik heb hem opgeslagen op mijn bord Knutselideeën op Pinterest. Er staat een schilder op met een palet, waar de kleuren vanaf waaien in perforator-confetti. Ik lekker aan de slag met wat blauwe gelli prints die van zichzelf niets waard waren. Er was wel een hele mooie bij die ik had gemaakt door water op de gelli plate te spuiten met de anti-Frija-spuit. Daarbij zocht ik meer blauws: de doek om het hoofd van de vrouw bestaat uit twee Maria-jurken. Ik herinnerde me dat ik een foto van mijn ronde bubbeltjesvaasje eens op deli paper had afgedrukt. Ik zag in de kraag van een Engelse gravin opeens een soort patatzakjes …

En zo ontwikkelt zich dat. Dan nog een achtergrond erbij zoeken, de onderdelen erop leggen en vervolgens vastplakken en dan nog het citaat erop schrijven.
Wat David Whyte schrijft over beginnen, gaat over grote levensbeslissingen. Het beginnen van een nieuw creatief project is veel simpeler. Om met Campbell te spreken: follow your bliss.

Ook deze collage is te koop bij werkaandemuur.

Geplaatst in creatief | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Hanny Michaelis – Lenteloos Voorjaar

Wat maakt het lezen van dagboeken toch zo fascinerend? Ik heb het altijd gehad, sinds ik voor het eerst Anne Frank las. Ik heb er al eerder over geschreven ook, herinner ik me.

Ik kende Hanny Michaelis eigenlijk niet, of hooguit van naam. Zou ze het zelf gewild hebben, dat haar schoolmeisjeszieleroerselen werden gepubliceerd? Hoe dan ook, ik heb ervan genoten. En dat genot bestaat uit zoveel verschillende aspecten! In de eerste plaats is er de herkenning. Die eindeloze verliefdheden, het eindeloze analyseren daarvan, met aplomb meedelen dat het nu écht over is, terwijl een paar dagen later een blik van de aanbedene het vuurtje weer net zo hard opstookt.

Bewondering is er, voor de algemene ontwikkeling, voor het lezen van literaire werken in álle moderne talen, en de woordenschat waarmee ze beoordeeld worden. Voor de gedichten, die wel melodramatisch maar ook heel knap zijn van metrum en rijm. Voor de schilderachtige natuurbeschrijvingen.

Verbazing is er, dat het leven van een Joods gezin op wat geldzorgen na gewoon doorging, in de eerste jaren van de oorlog. Wel begint het net zich samen te trekken: naar de bibliotheek gaan wordt verboden, Joodse leraren moeten van school … maar ze fietst nog onbekommerd door de stad en door de vrije natuur daar buiten. Er zijn wel af en toe bombardementen, ze moeten af en toe het bed uit wegens luchtalarm, maar toch lijkt de oorlog nog ver weg, en de hoop op een spoedige vrede leeft nog bij iedereen.

Als lezer weet je wat haar nog te wachten staat. Zo heb ik mijn eigen dagboeken een paar jaar geleden ook herlezen, vanuit een soort medelijden, "met de kennis van nu" ziend waar tóen al kiemen gelegd werden voor wat er later allemaal mis zou gaan.
Deel twee – De Wereld waar ik Buiten Sta – ligt al klaar. Het schoolmeisje is van school af, kan niet gaan studeren, en gaat dus maar als dienstmeisje aan het werk. Ik lees en leef met haar mee.

Geplaatst in recensies | Getagged , | 2 Reacties